Ga naar de inhoud van deze pagina Ga naar het zoeken Ga naar het menu
Vorige pagina

Raadsvergadering

Raadsvergadering, Algemene Beschouwingen Begroting

donderdag 28 oktober 2021

19:00
Locatie

Raadzaal in het stadhuis van Zaanstad

Voorzitter
J. Hamming
Toelichting

Griffier: J. Jongbloed
Tijdens de vergaderingen van het Zaanstad Beraad en de gemeenteraad worden filmopnamen gemaakt die LIVE op internet worden uitgezonden.
Bij deze vergadering is ondertiteling beschikbaar. U kunt deze aanzetten door naast het volumeknopje in de player op 'CC' te klikken.

Agenda documenten

Uitzending

Agendapunten

  1. 1

    De voorzitter: Dames en heren, van harte welkom. Ik verzoek u uw plaats in te nemen voor de raadsvergadering van de gemeenteraad van Zaanstad de dato donderdag 28 oktober 2021 in het stadhuis van Zaanstad. En wij beginnen met de aanbieding van een rekenkamerrapport van Social Return, door nog even de directeur van de rekenkamer, de heer De Ridder, heel fijn dat je nog in ons midden bent, nog een aantal maanden directeur, dus wellicht dat er nog meer rapporten worden afgescheiden voor die tijd maar wellicht ook een bijzonder moment, Jan, om een bijzonder rapport toe te lichten over social return. Welkom, aan jou het woord.
    De heer De Ridder: Dank u wel, voorzitter. Ja, het is na twaalf jaar voor mij hier een primeur, ik heb namelijk nog nooit de raad mogen toespreken. En ik dank jullie daar hartelijk voor, dat ik even een paar minuten heb die ik van uw tijd mag gebruikmaken. Maar meestal wordt het buiten de vergadering om geregeld, maar ik vind dit een eer. Ik kom u een rapport aanbieden over social return on investment. Dat is openbaar geworden om zeven uur. Dan kunt u het ook op onze website vinden. Ik maak altijd graag reclame voor onze prachtige website want daar kunt u heel snel alle details van het onderzoek in vinden. Ik heb een paar minuten de tijd gekregen en ik zal ook niet meer van uw tijd nemen en ik wou dat even gebruiken om op u, op een aantal zaken uit dat rapport te wijzen. Maar misschien eerst even in herinnering het begin van dit onderzoek. Wij hebben een verkenning uitgevoerd en dat hebben we ook met leden van de raad besproken, naar mogelijk onderzoek in het kader van de Participatiewet. En bij die verkenning is ons opgevallen dat er veel problemen waren en zijn met de registratie van gegevens, zodat ook een aantal onderzoeken die we toen ook met de raad hebben besproken, met de raadsleden, die ons interessant leken, eigenlijk niet goed konden. We hebben uiteindelijk toen gekozen voor het onderzoek naar social return on investment, en daar hebben we ook wel weer wat problemen gehad rond het gebruik kunnen maken van gegevens. En ja, dat heeft ons wel wat moeite gekost en ook niet, het is ook niet helemaal optimaal verlopen. Dus daar, ook daar waren nog vergelijkbare problemen die ook in het algemeen er waren. Nou, wij hebben uiteindelijk toch met vallen en opstaan en enorme inzet van onze onderzoekers hebben we dat onderzoek uitgevoerd. Inzet was ook nodig omdat wij tussentijds een wegvallende projectleider hadden die voor een baan in het onderwijs ging, wat wij natuurlijk alleen maar kunnen toejuichen, maar dat was voor ons wel even schakelen. Wat concluderen we? Eén, Zaanstad die pakt de SROI serieus aan. Er is een SROI-desk opgericht, dat wordt ontwikkeld. Tijdens ons onderzoek was dat nog niet helemaal optimaal in de zin dat er nog allerlei dingen in ontwikkeling waren, maar wij hadden daar wel een positief beeld van. Dus het was echt, er werd echt gewerkt aan om het goed op de kaart te zetten en het echt beter te maken. En het gaat ook redelijk maar het is dus nog wel in ontwikkeling. Wij hebben wel een kritische kanttekening bij de monitoring en de verantwoording van wat er wordt gepresteerd en wat er wordt gedaan, dat kan echt wel een stuk beter. De reactie van het college is positief op ons rapport. Ze onderschrijven de conclusies en willen ook de aanbevelingen uitvoeren. Ik wil er eigenlijk voor u nog twee discussiepunten uitlichten en dan bent u van mij af, voor deze keer dan. Eén, er is even discussie over de tekortschietende capaciteit bij de SROI-desk. Ambtenaren hebben zorgen met ons gedeeld over hun capaciteit. Wij kunnen ons daar wel iets bij voorstellen in het licht van hun takenpakket. Maar kijk, het is verder niet onze rol om op allerlei punten te pleiten voor uitbreiding want het is altijd een soort zoeken van balans tussen taken die je ambtenaren oplegt en de capaciteit die nodig is. En ik kan me voorstellen dat daar wel een gebrek aan evenwicht is, maar wij pleiten er vooral voor dat het college eens goed nadenkt over de vraag van, wat is nou een taak die zo’n desk moet doen en welke capaciteit is daarvoor nodig? Dus even daarover nadenken, dat lijkt ons zinvol. Nou, daar is even wat discussie over. En het tweede dat vind ik eigenlijk ook wel heel erg belangrijk, dat is de langetermijneffecten. Kijk, je vraagt je af bij zo’n soort maatregel, wat gebeurt er nou met die mensen die daar een tijdje in het kader van een SROI-maatregel hebben gewerkt bij een onderneming, wat is de duurzame effecten uiteindelijk? En ik denk dat het goed zou zijn om daar aandacht aan te hebben. Er is een wettelijke plicht eigenlijk van het college om af en toe eens onderzoek te doen naar de doeltreffendheid in het kader van 2.13a. En ik zou me kunnen voorstellen dat je ook wel eens nadenkt als gemeente van, ja, wat voor type beleid is het nou zinvol om eens in de zoveel tijd naar te kijken? En dan kan ik me dat hier heel erg bij voorstellen, want voordat je het weet is dit een soort ritueel. Je doet je prestaties, je hebt een contract, iemand gaat daar aan het werk, maar uiteindelijk is dat wat je wil, is dat er iets duurzaams met iemand gebeurt, en is dan die maatregel hiervoor geschikt? En als je de hele tijd maar denkt, nou, ik heb afgevinkt, prestatie is gebeurd. Ja, dat is nou typisch bij zo’n beleid denk ik niet handig. Het zou goed zijn om eens in de drie, vier jaar eens een keer te kijken van, wat gebeurt er nou echt met die mensen? Die twee discussiepunten wilde ik u meegeven voor als u het rapport wat nu net openbaar is gaat lezen. En ik kom graag nog voor de behandeling terug, of u moet het zo laat agenderen dat mijn opvolger al aan het werk is. Maar ik neem aan dat dat niet het geval is want ik ben er nog tot 1 maart.
    De voorzitter: Laten we ons uiterste best doen om dat voor die tijd te agenderen. Zeer bedankt voor de toelichting en de digitale handreiking, uitreiking van het rapport. En veel succes nog met het werk de komende maanden.
    De heer De Ridder: Dank je wel. Ik ga niet iedereen een hand geven, maar …
    De voorzitter: Is wel goed gebruik hier, weer.

  2. 2

    De voorzitter: Goed, dames en heren, dan gaan we over naar de opening en een aantal mededelingen. We hebben berichten van afwezigheid van de heer Brekelmans, mevrouw Van Nieuwamerongen, de heer Karst, mevrouw Köseoglu en mevrouw Pancar. Die zijn afwezig gemeld. Daarnaast heeft de heer Zoomermeijer en de heer Van Braam hebben verzocht om aangeduid te worden met de fractie Zoomermeijer Van Braam. Ik hoop dat u mij daarop scherp houdt. Dat zal niet mijn sterkste punt zijn na al die jaren, die wisseling van de wacht. De heer Hartog heeft verzocht aangesproken te willen worden met alleen zijn naam en daarbij niet de vermelding van de partij waar hij toe behoort. En de portefeuillehouder Krieger zal namens het college na de beschouwingen reageren met een korte reflectie op de gehoorde beschouwingen. Dames en heren, het is vandaag 550 jaar geleden, in de nacht van 27 op 28 oktober in 1489, dus het is niet precies 550 jaar geleden, dat Erasmus in Rotterdam werd geboren. Hij is een bekende humanist en in het humanisme staat de mens in het middelpunt. Humanisme gaat ervan uit dat je goed moet nadenken over hoe je met mensen, met de wereld en met jezelf omgaat en dat dit altijd met zorg en met aandacht moet gebeuren. Deze houding van Erasmus is ook van toepassing op ons vandaag. Vandaag is de aftrap van de begrotingsbehandeling, en u zit hier ook om de Zaanse belangen te vertegenwoordigen en in het algemene belang besluiten te nemen voor alle Zaankanters. Dus in die zin kunnen we vandaag ook Erasmus weer herdenken, maar ook zijn gedachten weer in de praktijk brengen.

  3. 3
    Vaststellen van de agenda
  4. 4
    Bekrachtiging geheimhouding (indien van toepassing)
  5. 5
    Algemene Beschouwingen. Iedere fractie heeft 5 minuten voor de Algemene Beschouwingen, daarna max. 10 minuten debat. Volgorde wordt bepaald door loting. Halverwege een korte pauze.
  6. 5.2

    Bijlagen

  7. 5.3

    De voorzitter: Dan kunnen wij overgaan tot de Algemene Beschouwingen. Iedere fractie krijgt vijf minuten de tijd voor het uitspreken van de Algemene Beschouwingen. Er wordt steeds weer een naam getrokken uit die mooie, wat is het, een schaal. Het is geen fruitmand, een schaal. En halverwege is een pauze. Na die vijf minuten spreektijd is er ruimte voor tien minuten debat en de volgorde wordt dus bepaald door loting. En ik zal nu de eerste twee namen eruit halen. Eerste is de PvdA en de tweede is de groep Zoomermeijer Van Braam. Mijnheer Tuijn heeft het woord.
    De heer Tuijn (PvdA): Nou, inderdaad, dat is schrikken. Ik vind het mooi dat u naar de heer Van der Laan luistert, die zei net nog, mag mijnheer Tuijn als eerste. Voorzitter, bij de Voorjaarsnota gaf de Partij van de Arbeid aan dat het verstandig is om niet te gaan bezuinigen en geen onomkeerbare besluiten te nemen om de begroting sluitend te krijgen. Als PvdA staan we nog steeds achter die keuze. Wij steunen het college dan ook om niet te bezuinigen op onze sociale voorzieningen en zaken als dienstverlening voor onze inwoners en bedrijven. Juist in tijden van crisis zoals corona en nu weer met torenhoge energieprijzen, moeten inwoners en burgers kunnen rekenen op noodzakelijke begeleiding en steun vanuit deze gemeente. Ondertussen blijft het stil in Den Haag. Er is nog steeds geen besluit genomen om onze gemeente financieel adequaat te ondersteunen. En dit terwijl de taken die de gemeente moet uitvoeren steeds complexer worden op het vlak van klimaat, op het vlak van de omgevingsvisie, het aan werk helpen van mensen en de goede zorg blijven verlenen. Weliswaar is er eindelijk extra geld gekomen voor jeugdzorg, maar door alle andere taken kunnen we die nu niet optimaal aanwenden. Slechts een deel wordt nu ingezet. Zaanstad begint met een aantal maatregelen uit het AEF-rapport. Dat de Zaanse maatregelen effect hebben, hebben we eerder gezien, ruim 1,2 miljoen bespaard. Toch zien we nog een toename van het aantal kinderen dat zware hulp nodig heeft. En als het Rijk duidelijkheid geeft over de structurele middelen staat er gelukkig in de begroting dat we dat geld aanwenden om alle maatregelen te nemen die nodig zijn om aan de taakstelling van het Rijk te voldoen. Dat extra geld is dringend nodig om te werken aan de wachtlijsten, effectieve hulp en kwalitatief goed personeel om te voorkomen dat de kosten wederom de pan uit rijzen. Laat dus helder zijn, voor de PvdA staat goede zorg voorop, zeker aangezien corona zijn sporen achterlaat. Steeds meer zorgmedewerkers spreken hun zorg uit over de situaties die ze aantreffen bij jeugdigen en in gezinnen. Uit de begroting blijkt dat ook de wijkteams tegen de grenzen aanlopen van wat nog verantwoord is. Corona heeft ook mooie initiatieven tot ontplooiing gebracht. Inwoners van Zaanstad hebben laten zien dat ze er zijn voor elkaar en oog en zorg hebben voor hun omgeving. En ook is er gestart met de Zaan Experience, die ook deze herfst weer draaide voor onze jongeren. Een prachtig jeugdinitiatief met sport en cultuur wat de PvdA ook zonder corona graag ziet voortbestaan. De begroting spreekt van een plotselinge kentering, waarbij er te veel werk is voor te weinig mensen. Helaas zien we dat nog niet terug in het aantal bijstandsgerechtigden in Zaanstad. Dit aantal was ook in het eerste kwartaal van 2021 hoger dan in 2019, een signaal dat er mensen achterblijven. We moeten als maatschappij veel meer inzetten op waardevol werk dat een bijdrage aan de maatschappij levert en aan mensen die op afstand van de arbeidsmarkt staan. Er blijft namelijk straks een groep mensen over voor wie regulier werk niet haalbaar is. Laten we eerlijk zijn, de meesten van hen willen weer graag werken, maar velen van hen hebben specifieke uitdagingen waarvoor maatwerk nodig is. Voor ons is het dan ook belangrijk dat Werkom goed functioneert en is het een signaal dat de door de PvdA gewenste basisbanen waarover we een initiatief hadden, dat die nodig zijn. Verduurzaming blijft de komende jaren een groot thema. De noodzaak om de programma’s te versnellen is groot. Met de RES en het warmteplan zijn goede stappen gezet. De energiearmoede die door de stijgende gasprijzen veel aandacht krijgt is echter een groot probleem. Dit heeft een landelijke aanpak nodig, maar het is ook goed om in dat kader nogmaals te wijzen op een groot Zaans probleem. De kwaliteit van de woningvoorraad en de sterk achterblijvende isolatie. Hier komen duurzaamheid, woongenot, armoede en gezondheid bij elkaar. Alleen het gesprek aangaan met de bewoners is dan niet genoeg. Hier moet veel meer aandacht naartoe. Concrete plannen die daadwerkelijk resultaat opleveren en voor de inwoners en bedrijven van Zaanstad realiseerbaar zijn. Naast deze aandachtspunten voor de komende jaren is er natuurlijk ook veel om trots op te zijn. Met de beperkte middelen van de afgelopen jaren is veel gerealiseerd. Zaanstad barst van de bouwplannen. De komende jaren worden er duizenden woningen gebouwd en er is aandacht voor de groepen die dat nodig hebben. Er zijn woningen nodig voor lage- en middeninkomens. De BKZ-starterswoning komt eraan. Voor 2021 en ‘22 start de bouw van 3500 woningen. En Zaanstad heeft met succes een beroep gedaan op de woningbouw impulsgelden vanuit Den Haag. Een buitengewoon goede lobby waarbij Zaanstad meer heeft binnengehaald dan welke Nederlandse gemeente ook. Daardoor kunnen we de komende tien jaar versneld 8000 woningen realiseren. Binnen het terugdringen van armoede is het opkopen van schulden bij jongeren via het project Get a Grip zeer effectief. Mensen worden in hun kracht gezet en vallen minder terug. Eind dit jaar besluiten we dan over de Stadspas, waarmee inwoners met een laag inkomen makkelijker toegang krijgen tot voorzieningen zonder steeds formulieren in te vullen. Sport en cultuur moet voor iedereen bereikbaar blijven. Op het gebied van het lerarentekort heeft Zaanstad bijgedragen aan het krijgen van meer zij-instromers in het onderwijs. Corona heeft ertoe geleid dat scholen inmiddels veel meer geld hebben voor een goede ondersteuningsaanpak, maar leerkrachten zijn er helaas nog niet. Wij zijn trots op de mogelijkheid tot het verkrijgen van woonruimte die Zaanstad biedt aan onder anderen onderwijzers om Zaanstad toch aantrekkelijk te maken als werkgebied. College, ga hier vooral mee door, en zoek kansen om zo voor die werknemers een aantrekkelijke stad te zijn. Milieu is meer dan de energietransitie. Er ligt een actieplan Schone Lucht waar we trots op mogen zijn. Ik wil hier nog wel even in een bijzin aan toevoegen dat snelheidsverlaging op de A8, waar deze raad al herhaaldelijk om heeft gepleit, dat dat ontbreekt, net als hogere geluidsschermen. Daar is blijvende aandacht voor nodig. Ik weet niet of het pingeltje al de vijf minuten was …
    De voorzitter: Ja.
    De heer Tuijn (PvdA): … maar ik wil nog even zeggen dat we een mooi huisvestingsfonds hebben van 43 miljoen om in vijf wijken aan de slag te gaan, zodat we echt een beter en leefbaarder Zaanstad krijgen. En voorzitter, tot slot, ook nu gaan wij weer voor een eerlijke, sociale, veilige en duurzame samenleving. En met elkaar zetten we die stappen. Dank u wel.
    De voorzitter: Wie wil daarop reflecteren? Mevrouw Onclin.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, dank u wel voorzitter. Want ik dacht dat het juist ook de partij van de heer Tuijn was die vragen had gesteld bij deze begroting over wat het zou kosten om de fraude binnen de zorg aan te pakken, en volgens mij was dat een heel fijn antwoord dat dat zichzelf heel snel terugbetaalt. Maar toen ik net luisterde naar de heer Tuijn en wat hij graag als Partij van de Arbeid zou willen als er nog extra geld komt voor de zorg, miste ik dit stukje hier eigenlijk in. Dus ik was even benieuwd hoe de Partij van de Arbeid dat ziet en of de Partij van de Arbeid het met de VVD eens is dat dit juist een stuk is wat we misschien wel als eerste zouden moeten doen binnen de jeugdzorg?
    De heer Tuijn (PvdA): Ja, dat u dat stukje bij mij niet hoort dat wil niet zeggen dat we er geen aandacht aan willen besteden, want fraudebestrijding is belangrijk. Maar misschien in tegenstelling tot de VVD gaat bij ons dan de zorg voor degenen die dat nodig hebben en het verkorten van wachtlijsten als wij ons presenteren net iets boven fraudebestrijding.
    De voorzitter: Mevrouw De Boer.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dank u, voorzitter. Dank ook aan mijnheer Tuijn. Klinkt als allemaal mooie plannen, maar u begon eigenlijk uw betoog, niet bezuinigen op sociale voorzieningen en steunt nog steeds de begroting zoals die nu voorligt. En vervolgens komt u eigenlijk met, alle geld moet naar jeugdzorg, meer inzet op duurzaamheid en versnellen, sport en cultuur voor iedereen bereikbaar houden. Dat zijn allemaal flinke geldverslindende plannen en ik ben wel benieuwd hoe de Partij van de Arbeid dat dan allemaal wil betalen? Dank u, voorzitter.
    De voorzitter: Mijnheer Tuijn.
    De heer Tuijn (PvdA): Ja, dank u wel, voorzitter. Ik zou haast zeggen, het klinkt bijna als een bijdrage van Lokaal Zaans, van we moeten bezuinigen maar er moet ook heel veel gebeuren. Wat ik volgens mij in mijn bijdrage heb aangegeven dat is dat wij ons in deze begroting kunnen vinden en dat we ook zien dat er dingen blijven liggen. En dat wij ook begrijpen dat het geld wat nu ter beschikking gesteld is voor jeugdzorg, dat dat niet volledig ingezet kan worden omdat we ook andere taken hebben. Neemt niet weg dat wij ook een toekomstvisie hebben. En dat wij vinden als je daarnaar kijkt, dat je die dingen wel moet doen en dat je die jeugdzorg wel aan moet blijven pakken. En juist ook om te voorkomen, en daar kent u ook de cijfers van, dat als we dat niet doen, dat de tekorten misschien wel tot twintig miljoen oplopen. En volgens mij is dat dan juist ook nodig om te kijken, doe nu een kleine investering en houd de volgende tegen. Waarbij ik niet nu dus zeg van, gooi dat geld maar over de balk en sluit de begroting met een tekort van vijf miljoen, dat zeg ik dus niet.
    De voorzitter: Mevrouw De Boer.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Nou ja, dan, in dit, met dit antwoord wil ik mevrouw Onclin ondersteunen, want dan moet je juist inzetten op fraude. En u zegt, ja, dat lijkt de bijdrage van Lokaal Zaans wel. Nou, ik ga straks zeker daar ook nog wel op in, maar wij komen elke keer wel met zaken waarop we kunnen bezuinigen. En vorige week heeft deze raad nog, of twee weken terug, besloten op dat het toch weer een goed plan is om te investeren in een circulair bedrijf. Dus het kan niet op, maar ik hoor nog steeds geen plannen waar het eraf kan.
    De voorzitter: Mijnheer Tuijn.
    De heer Tuijn (PvdA): Ik denk dat het er dan ook mee te maken heeft dat u het niet wilt horen, want volgens mij heb ik gezegd dat wij die fraudebestrijding ook belangrijk vinden. En zeker als het gaat om zorgaanbieders die declaraties indienen die niet kloppen, dat moet hoge prioriteit hebben, daar moet iets aan gebeuren de komende tijd.
    De voorzitter: Ik zag nog twee reacties van de heer Hartog en de heer Wit. Mijnheer Hartog.
    De heer Hartog: Dank u, voorzitter. Ja, de heer Tuijn benoemt terecht dat het aantal mensen in de bijstand niet echt achteruitgaat en dat duidt misschien op dat een grote groep mensen in de bijstand feitelijk arbeidsongeschikt is. En dan kun je wel meer aandacht geven maar ik hoop niet dat hij daarmee bedoelt, we voeren de druk op om die mensen toch naar een baan toe te leiden als dat niet kan. Dus dan zou je op een andere manier daar aandacht voor moeten geven. Waar denkt mijnheer Tuijn dan aan? Dat is vraag één. Vraag twee, het is mooi dat we een grote bijdrage WIB hebben gekregen, maar dat legt ook een verplichting op om in een bepaalde tijd een heleboel bouwprojecten te realiseren. Dan kan participatie in de weg zitten, want dat houdt die plannen op en dat kan plannen moeten laten veranderen. Hoe gaat de Partij van de Arbeid daarmee om? Hoeveel aandacht is er voor participatie?
    De voorzitter: Mijnheer Tuijn.
    De heer Tuijn (PvdA): Dank u wel. Ja, druk uitvoeren op mensen die echt niet kunnen werken, daar is het antwoord denk ik vrij simpel op, nee, dat kan niet. Maar er is ook een groep mensen denk ik die heel graag wil werken, maar die dat zelf niet voor elkaar krijgt en daar hele specifieke maatwerkondersteuning op nodig heeft om wel zich voor hun eigen gevoel nuttig te kunnen maken. En ik denk dat het belangrijk is dat je die mensen daarbij ondersteunt. En ondersteunen is niet met een mattenklopper bij iemand voor de deur staan en zeggen van, en nu gaan want anders trek ik uw uitkering in. Daar zitten hele andere dingen onder. Dan de WIB, zal ik eerst die doen? De WIB-gelden. Want anders dan …
    De voorzitter: Ja, eerst een reactie van mijnheer Hartog weer op dit punt.
    De heer Tuijn (PvdA): O, mag ook.
    De heer Hartog: Nou, als ik hierop mag reageren inderdaad. Ja want dat klinkt mooi, maar zou u dan ook bereid zijn om ervoor te zorgen dat er eerst goed onderzoek naar wordt gedaan of mensen in staat zijn te werken en dat er dan pas gekeken wordt naar werk? Want die volgorde is vaak nog anders bij de gemeente Zaanstad.
    De voorzitter: Mijnheer Tuijn.
    De heer Tuijn (PvdA): Ja, ik denk dat als ik spreek over mensen bedienen met maatwerk, en ik heb zelfs basisbanen genoemd waarvan ik denk van, nou, dat is toch wel heel specifiek maatwerk wat je mensen aan zou kunnen bieden, dat dat wel in mijn antwoord zit. En iemand maatwerk bieden zonder gekeken te hebben wat iemand nodig heeft, dan heet het geen maatwerk meer. O ja, lekker veel bouwen. Ja, we hebben een hele hoge woningnood en dat, daar is de SP zich terdege van bewust. Ik wil ook heel graag goede woningen hebben, schimmelvrije woningen, zorgen dat mensen op een fatsoenlijke manier een plek kunnen hebben. En als je dat wilt realiseren moet je bouwen, en daar hoort participatie inderdaad bij. En wij hebben wel eens eerder het gesprek gehad dat participatie niet altijd leidt tot ieders tevredenheid, dus participatie moet goed gebeuren maar leidt soms ook tot teleurstellingen. En dan gaat u straks zeggen met een aantal voorbeeldprojecten, maar vindt u dat dat dan daar goed gegaan is? En dan ga ik zeggen, ja, daar hebben we het al een aantal keren over gehad, dat is niet overal goed gegaan.
    De voorzitter: Nog een keer, mijnheer Hartog.
    De heer Hartog: Ja, dank u wel. Dat klopt, mijnheer Tuijn, dus dat ga ik nog niet een keer herhalen, dat is niet nodig. Maar bent u dan bereid om die trajecten aan te passen? En waar nu alleen volgens het ambtelijk apparaat bij het ontwikkelen van projecten de informatie wordt gegeven, ook meteen al die participatie naar voren te trekken zodat je die misverstanden niet meer kunt krijgen en zodat mensen daadwerkelijk nog invloed kunnen hebben om plannen te veranderen, want daar gaat het uiteindelijk om.
    De voorzitter: Mijnheer Tuijn.
    De heer Tuijn (PvdA): Ja, ik vind het eigenlijk een vanzelfsprekendheid. Als we kijken naar de Omgevingswet is de gedachte natuurlijk steeds geweest dat je participatie naar voren trekt en dat je partijen eerder betrekt bij hoe je een project ontwikkelt. En dat geldt zeker voor grotere projecten. Dus duidelijk zijn over hoe een plan eruit gaat zien, wat de verwachtingen zijn, op welke gebieden mensen inspraak hebben, en kijken waar dan de mogelijkheden zijn. En dan hebben wij als raad ook de verantwoordelijkheid om de belangen te behartigen van degenen die niet participeren omdat ze er nog niet wonen. Dus het is ook aan u om die meetlat daarnaast te leggen en dat te wegen.
    De voorzitter: Mijnheer Wit.
    De heer Wit (CDA): Dank u. Allereerst even, er gaat hier al een kwartier lang een heel irritant soort wekkertje af en ik, als iedereen even zijn, tenzij het een pacemaker is, maar anders als iedereen eens zijn … Dus dat graag vooraf. En dan als tweede een vraag aan mijnheer Tuijn, die ik nog ook via deze route van harte feliciteer met de fractie, of het lijsttrekkerschap namens de hele raad dan maar, mijnheer Tuijn, u gaf aan de wachtlijsten, en nou zijn die in de afgelopen misschien wel acht jaar eerder gegroeid dan gedaald. En u koppelde dat ook aan beschikbaar geld. Nou is mijn vraag, wat is uw analyse hoe wij die wachtlijsten kunnen gaan verkorten in de komende vier jaar? Is dat een kwestie van geld of meer?
    De voorzitter: Mijnheer Tuijn. Nog veertig seconden.
    De heer Tuijn (PvdA): Dank u wel, voorzitter. Uw oren zijn goed, ik hoor geen piepje of een belletje. Verder, dank voor uw felicitatie, u neemt de rol van de heer De Vries over die altijd namens de hele raad spreekt. En tot slot uw vraag over de wachtlijsten. Nee, geld is niet altijd alleen een antwoord, het gaat natuurlijk ook over kwalitatief goed personeel, voldoende personeel, de juiste toeleiding naar de juiste organisatie. Eigenlijk zit daar ook een mooi aanhakingspunt in wat ik ook zei over onderwijs. Geld is niet de oplossing van het lerarentekort. Scholen hebben op dit moment geld, maar geen leerkrachten om het op te maken.
    De voorzitter: Goed, en de bel. Dank u wel. Dan gaan we over naar de fractie ZB, van Zoomermeijer Van Braam. De heer Zoomermeijer heeft het woord. Alleen nog even de naam van de volgende, want anders dan, daarna komt de VVD. Mijnheer Zoomermeijer.
    De heer Zoomermeijer (ZB): Ik, en met mij mijn gewaardeerde socialistische collega’s Roland Van Braam en Evert Hartog, wij zitten hier vanavond met dubbele gevoelens en een zwaar hart. Zoals jullie weten ben ik door de partijtop van de SP eerder deze week geroyeerd en is Roland uit onvrede over deze gang van zaken uit de SP gestapt. Evert beraadt zich nog op zijn positie, hij zal dat zelf toelichten. Hoe dan ook zullen we deze raadsperiode afmaken als strijdbare socialistische volksvertegenwoordigers, precies zoals de Zaankanters die op ons hebben gestemd van ons mogen verwachten, en daarin verandert niets. Zoals wij het zien heeft de SP gebroken met haar eigen zelfverklaarde principes van menselijke waardigheid, gelijkwaardigheid en solidariteit, precies de principes die wij drieën hier nog steeds huldigen. Wij zijn ongebroken. En het was natuurlijk geen onderwerp van discussie in deze Zaanse raadszaal, maar het moge duidelijk zijn dat er in de SP een richtingenstrijd wordt gevoerd. En waar de landelijke SP opvang in de regio voor vluchtelingen als een oplossing zag, zag de Zaanse SP een deal met dictators. Waar de SP-top zich niet uitsprak over bijvoorbeeld Zwarte Piet of het koningshuis, zeiden wij hier in Zaanstad gewoon, daar zijn wij tegen. En waar de SP-leiding de NAVO accepteerde of eerder de verhoging van de AOW-leeftijd om maar als een betrouwbare landelijke bestuurderspartij te worden gezien, zeiden wij in Zaanstad altijd, we gaan graag in een coalitie, maar niet ten koste van onze principes, want de mensen rekenen op je. En toen uiteindelijk jongerenorganisatie ROOD zich uitsprak tegen regeringsdeelname op dit moment, werd ze uit de SP gezet. En nu zijn er dan de tientallen royementen van kritische leden en als een echte socialist kun je niet zwijgen. Want socialisten zijn mondig, tegendraads, ze organiseren zich, zeggen waar het op staat en willen de wereld veranderen. En wat de SP-top nu doet heeft geen fuck met socialisme te maken. Sorry. Maar zoals ik al zei …
    De voorzitter: Dat woord zouden we inderdaad niet gebruiken.
    De heer Zoomermeijer (ZB): … wij drieën zijn niet veranderd en wij staan nog voor dezelfde punten in Zaanstad waar wij ons al jaren voor hardmaken. Betaalbare woningen, tegen vervuilende industrie, voor de opvang van vluchtelingen, tegen de A8-A9, tegen de sloop van de Peperstraat, tegen schimmelwoningen, tegen racisme, voor vast werk, tegen megalomane projecten zoals het Cultuurcluster en voor de menselijke maat in de wijk en voor goede zorg voor iedereen, van jong tot oud. En als we dan ook kijken naar deze begroting dan valt ons iets ook op, het lijkt een solide basis, maar niet voor de inwoners met weinig geld. Niet voor mensen met een slechte gezondheid of wie er wanhopig een betaalbare woning zoekt. Niet voor wie heel jong is of heel oud, of behoeftig, of slecht ter been, of laaggeletterd. En zeker niet voor de natuur, de planten, de dieren, het water, de bodem en de lucht. De solide basis is er namelijk vooral voor de grote bedrijven, de mensen met veel geld. En willen we zo'n gemeente dan zijn? Of gaan we ons meer inzetten voor mensen die steeds gepakt worden en minder inzetten voor de mensen, inclusief bedrijven, die het altijd lukt om via de weg van het college, sommige politieke partijen en het maatschappelijk gesprek hun stem te laten horen en hun zin te krijgen, maar geven we nu eindelijk de menselijke maat voorrang? Bijvoorbeeld een voorbeeld, we zien dat er in 2020 afgelopen jaar per saldo volgens de indicatoren slechts tien sociale huurwoningen door de corporaties worden opgeleverd. Een lachertje en onverteerbaar gezien de beloftes van dit college. Ander voorbeeld, nieuwe functies bij Hilton Meats worden alleen in het Pools geadverteerd en laaggeschoolde functies bij Albert Heijn zijn bijbanen of stageplekken, geen vaste banen. Ondertussen verliezen we wel vaste banen bij Verkade door automatisering. En dan vragen wij ons af, zijn de banen die er in Zaanstad worden geschapen in de industrie nog wel vast en genoeg om van te leven? Een ander voorbeeld, ondanks dat Zaanstad ernaar streeft om in 2040 klimaatneutraal te zijn, gaan we dat echt niet halen op deze manier. Alleen overlegstructuren zonder iets af te kunnen dwingen gaan het echt niet voor elkaar krijgen. Grote ondernemers en de industrie zullen maar al te vaak voor de maximale winst gaan. En alleen onder druk is bij Olam uiteindelijk de ammoniakuitstoot omlaaggegaan, al is het nog niet genoeg. En tot slot, de algemene verloedering in Zaanstad. Zwerfvuil en leegstand in de winkelcentra, zelfs in het eens zo hooggeprezen Inverdan. Op de Zuiddijk en in sommige andere wijken is er sprake van een schimmig circuit van ondermijning en nauwelijks handhaving. Voor jongeren zijn er weinig bezigheden om hun vrije tijd door te komen, zodat de straat hun enige mogelijkheid is om aan de verveling te ontsnappen. Grote aantallen schimmelwoningen, en van de belofte van woningcorporaties om dit probleem op te lossen is nagenoeg niets terechtgekomen. Kortom, natuurlijk is er een solide basis voor de toekomst. Een solide basis voor grote bedrijven en mensen met een dikke portemonnee welteverstaan. Een solide basis voor winstmaximalisatie, voor multinationals zoals die van Olam. Maar er moet een solide basis komen voor de mensen die dit nodig hebben in Zaanstad. Het kapitalisme is voor hen geen goede basis. Wij staan voor menselijke waardigheid, gelijkwaardigheid en solidariteit. Tegen het grote geld, tegen vermalende ambtelijke molens en voor een groene en solidaire toekomst voor iedereen, ongeacht waar je wieg stond. Dank u wel.
    De voorzitter: Dank u wel. De heer Hartog heeft gevraagd om daar nog kort iets aan toe te voegen. Daarna gaan we het debat voeren. Mijnheer Hartog.
    De heer Hartog: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, voorzitter, even ter verduidelijking, mijn positie is iets anders als de heer Van Braam en de heer Zoomermeijer. Ik beraad mij nog. Volgende week donderdag heb ik een gesprek met de partijleider en de partijsecretaris en dan ga ik het precies over die punten hebben, die punten van kritiek die de heer Zoomermeijer daarnet heeft benoemd. En vervolgens zal ik dan mijn besluit nemen over mijn verdere verloop als raadslid hier in Zaanstad.
    De voorzitter: Mevrouw Onclin.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, voorzitter, ik heb een vraag aan de heer Zoomermeijer, want die heeft het over het vele geld wat er volgens de heer Zoomermeijer naar de rijken gaat en de bedrijven. Maar ik heb nog even gekeken, op een begroting van 603 miljoen geven wij 285 miljoen uit aan de ondersteuning van de groepen die u net noemde. Ik vraag me dan wel af waar mijnheer Zoomermeijer in de begroting heeft gelezen dat er nog meer dan 285 miljoen uitgegeven wordt aan bedrijven zoals Olam?
    De voorzitter: Mijnheer Zoomermeijer.
    De heer Zoomermeijer (ZB): Ik ben nog steeds voor optimale democratie, en als ik zie dat een bedrijf nota bene een Wob-verzoek doet tegen een raadslid en druk uitoefent op bewoners, dan zeg ik, dan heeft dat bedrijf heel veel invloed die niet via deze raad of via verkiezingen gaat en daar heb ik moeite mee. Laat alle democratische besluiten, en ook als er 44 banen verdwijnen bij Verkade, laat die in godsnaam hier plaatsvinden want wij moeten het uiteindelijk betalen en oplossen en die mensen een toekomst bieden. En daar gaat het ons om.
    De voorzitter: Mevrouw Onclin.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, voorzitter, dat is vast ook een hele interessante discussie maar dat is niet wat de heer Zoomermeijer net zei. Het ging net heel specifiek onder andere over Olam. Dus mijn vraag staat nog steeds, waar in de begroting leest de heer Zoomermeijer dan dat wij vrachten met geld brengen naar de Zaanse industrie en de rijken?
    De voorzitter: Mijnheer Zoomermeijer.
    De heer Zoomermeijer (ZB): U weet heel goed, en de VVD is daar een groot uitvinder en voorstander van, dat er dus allerlei belastingtrucs zijn waardoor Nederland feitelijk een belastingparadijs is voor multinationals als Olam. En trouwens ook de multinational die eigenlijk een Turkse is die achter Verkade zit en met wie het heel moeilijk onderhandelen was over nieuwbouw vlak naast de fabriek, omdat daar je dus eigenlijk zaken doet via, via, via, via een niet in Nederland belastingbetalende multinational die uiteindelijk beslist of daar een muur van vier meter komt met slecht uitzicht voor de bewoners. Dat is geen democratie, dat is kapitalisme en dat is precies waar wij moeite mee hebben. En dat soort dingen horen hier besloten te worden, niet in bedrijfskamers en niet bij achterdeurtjes. En ondertussen betalen die bedrijven hun belasting gewoon niet en wij wel.
    De voorzitter: Mevrouw Onclin nog kort en dan zijn er nog een aantal woordmeldingen van de heer Tuijn, de heer Pauw, de heer Mattens en de heer Wit.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, voorzitter, dan is mijn eindconclusie dat het er dus niet staat in de begroting, want dit soort belastingconstructies kennen wij niet gerelateerd aan de Zaanse begroting.
    De voorzitter: En de heer Mattens wil hierop reageren, dus gelijk goed als mijnheer Mattens die reactie geeft.
    De heer Mattens (PvdD): Ja, dank, voorzitter. Nou, mevrouw Onclin, ik wil mevrouw Onclin graag herinneren aan het feit dat allerlei bedrijven in onze samenleving negatieve externaliteiten hebben, denk aan de Olam met de hoeveelheid vracht die op de natuurgebieden daar direct naast terechtkomt en wat wij als maatschappij moeten opvangen, waar wij als maatschappij die kosten voor maken. Dat zijn ook kosten die naar de bedrijven gaan, uiteindelijk.
    De voorzitter: Mijnheer Tuijn.
    De heer Tuijn (PvdA): Dank u wel. Ik wilde eventjes inhaken op het stukje van de woningbouw van de heer Zoomermeijer. En dat haakt eigenlijk aan op wat de heer Hartog ook net zei. U sprak er schande van dat er weinig sociale woningen zijn opgeleverd. Nou, het aantal was ook laag. Maar vervolgens heb ik in mijn bijdrage aangegeven hoeveel woningen er de komende twee jaar in de planning staan. En daar zitten honderden sociale woningen bij waar, ja, ik vind het nu lastig om jullie aan te spreken, waar jullie groep van zegt van, ja maar hoe zit het dan met de participatie? Wat de indruk wekt dat u zegt van, nou, participeer door en bouw niet. Ik zit een beetje in dat spanningsveld nu. U weet ook dat het bouwen van een project sowieso al heel lang duurt. Met goede participatie hoeft het denk ik niet langer te duren maar heb je het vooral over procesdingen. Maar in twee jaar staat er niet iets, in deze collegeperiode begin je niet met een plan en staat het er. Dus waar zit deze, nou, in mijn ogen tegenstelling in uw verhaal?
    De voorzitter: Mijnheer Zoomermeijer.
    De heer Tuijn (PvdA): O, een zucht.
    De heer Zoomermeijer (ZB): We hebben het niet concreet over de Peperstraat en dat weet u ook best. En u weet welke haken en ogen eraan zitten en ik ga ze benoemen. Er gaan daar bewoners daadwerkelijk weggejaagd worden. En dan kunt u het hebben over de toekomstige bewoners, maar je jaagt zittende bewoners niet weg. Je geeft ze een terugkeergarantie, je zorgt dat ze niet meer huur hoeven te betalen dan dat ze nu doen. En degenen die door Haags beleid in de klem komen omdat ze net te veel verdienen voor een sociale huurwoning die ze nu hebben, daar moet maatwerk worden geleverd. Niet in woorden, maar daadwerkelijk, en dat gebeurt nu allemaal niet. Als dat dus betekent dat uw college die inspraak heeft verprutst en dat aan een projectontwikkelaar heeft overgelaten, waar je dat dus niet aan de slager die zijn eigen vlees keurt overlaat, neemt u daar dan alsjeblieft het boetekleed voor. Zegt u gewoon, ja, we f’d up. Zeg het gewoon. En geef dan niet ons de schuld of de bewoners die terecht in actie komen. En dit verhaal over van, er komen plannen aan, we gaan honderden woningen bouwen. Hoelang denkt u al dat wij hier aan deze raad, toen wij nog SP heetten tot twee dagen gelegen, het hadden over de door u beloofde driehonderd woningen per jaar?
    De heer …: Vijfduizend banen.
    De heer Zoomermeijer (ZB): En vijfduizend banen nog van de vorige collegeperiode. Van beide niets terechtgekomen. Die vijfduizend banen daar heeft u dus nu in het huidige en het vorige college zes jaar de tijd voor gehad, en wat betreft die driehonderd woningen per jaar heeft u bijna vier jaar de tijd gehad, en dat zijn er dus tien per jaar. Dan ligt de bal dus niet bij ons maar bij u als PvdA met uw wethouder.
    De voorzitter: Mijnheer Tuijn.
    De heer Tuijn (PvdA): Het is wel heel knap van de heer Zoomermeijer dat er inmiddels drie vragen aan hem gesteld zijn en dat hij drie keer een ander antwoord geeft dan de vraag. Uw antwoord gaat in op participatie, maar ik stelde u een vraag over die woningen. Vijfduizend banen zijn er volgens mij overigens. En ik zeg, die honderden sociale woningen die komen eraan. En die staan nu ook heel direct in de plannen, in de stukken die u gekregen heeft. En volgens mij mag u daar heel tevreden mee zijn. Volgens mij hebben wij ook samen nog wel moties ingediend over percentages sociaal die gerealiseerd moeten worden op plekken. Dus er is ook een moment waarvan je kan denken van, nou, er is wat dat betreft echt deze periode wel heel veel bereikt. En ik snap dat u dat niet over uw lippen kunt krijgen, maar het is ook wel fijn.
    De voorzitter: Mijnheer Zoomermeijer.
    De heer Zoomermeijer (ZB): Nou ja, ik zal maar gewoon even de feiten noemen. Vorig jaar tien sociale huurwoningen gerealiseerd, geen driehonderd, geen honderd, geen twintig, zelfs geen elf, tien. Wachtlijst, vijftien jaar. Sinds de PvdA in het college zat, sinds de PvdA zijn belofte maakte en overigens, de PvdA zit al tientallen jaren in het college. Kortom, blijf vooral PvdA stemmen mensen, komt het allemaal goed.
    De voorzitter: Mevrouw Onclin wilde hier nog op reageren begreep ik.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, voorzitter, maar de heer Tuijn was mij eigenlijk al een beetje voor want inderdaad, er stond in de beantwoording van de technische vragen van de Voorjaarsnota, dus niet van de begroting, dat die vijfduizend banen inderdaad zijn gerealiseerd. Maar daarnaast wilde ik nog even benoemen dat ik begrijp dat de situatie voor de heer Zoomermeijer en de heer Van Braam heel vervelend is, maar ik ben wel blij om te zien dat het vuur wel weer bij u terug is mijnheer Zoomermeijer, want dat heb ik een beetje gemist.
    De voorzitter: Mijnheer Pauw wil reageren, de heer Van der Laan.
    De heer Pauw (ROSA): Ja, ik wil eigenlijk even aansluiten op de discussie die de heer Zoomermeijer voerde met de heer Tuijn. Ik bedoel, want ik schrok ook inderdaad dat ik die cijfers zag en tien sociale huurwoningen gerealiseerd, toen dacht ik ook van, dat is wel heel erg weinig. Maar als je dan kijkt, verder kijkt wat er begroot is voor 2022, dan zijn het er 228. En als je kijkt wat de streefwaarde is voor 2022, dan zijn het er driehonderd. En daar zit nogal een verschil in met die tien. En toen dacht ik van, ja, maar we hebben hier ook te maken met bouwprojecten die gewoon een lange doorlooptijd hebben, dat kan u niet ontkennen. En die gewoon drie, vier jaar duren voordat ze uiteindelijk die huurwoningen opgeleverd worden. En wat is het geval in de vorige collegeperiode? Ik weet me nog wel te herinneren, en daar hebben wij ons beiden kwaad over gemaakt, dat er volop ingezet werd op middeldure en dure koopwoningen. Dat was de vorige collegeperiode. En ik zie nu nog steeds, zie ik daar projecten van waarvan ik denk, wat is het achteraf toch zonde dat dat er toen doorgedrukt is en dat er zo veel koopwoningen gebouwd worden, terwijl er juist een schreeuwende behoefte is aan huurwoningen. Dat is het resultaat allemaal van het vorige college. En mag u van mij verwijt maken ook richting de Partij van de Arbeid en de andere partijen die destijds in het college hebben gezeten, die hebben niet goed opgelet. Maar ik wijs u er nogmaals op, het is een lange doorlooptijd en die zal ook in de volgende collegeperiode nog doorgaan, waarin het percentage sociale huurwoningen drastisch zal toenemen.
    De voorzitter: Mijnheer Zoomermeijer.
    De heer Zoomermeijer (ZB): Nou ja, ik heb ROSA om die reden ook bewust niet genoemd. Maar goed, de tijd zal het leren. Het enige wat ik kan zeggen is dat sinds ik in de raad zit hoor ik altijd, heb maar geduld, heb maar geduld. En in concreto, die driehonderd woningen, dat hoor ik al sinds het begin van deze collegeperiode. Dus heb ik zoiets van, ja, de tijd zal het leren.
    De voorzitter: Mijnheer Pauw.
    De heer Pauw (ROSA): Ja, ik snap dat ongeduld van u, en dat heb ik af en toe ook wel eens. Maar ja, je zal dat geduld moeten opbrengen want zo werkt het tegenwoordig gewoon. Het is niet van, o, er ligt een stuk grond, ik ga morgen een huis bouwen. Werkt niet zo.
    De voorzitter: Mijnheer Zoomermeijer.
    De heer Zoomermeijer (ZB): Wilt u mij niet als een kind toespreken alsof ik dat niet besef. Het gaat er alleen om dat niet wij maar het college die belofte sinds dag één heeft gemaakt en is blijven herhalen via hun fracties hier in deze zaal en daar spreek ik ze op aan. Als je al van tevoren weet, dit wordt inderdaad iets wat tijd nodig heeft, zeg dat dan gewoon. Wees eerlijk.
    De voorzitter: Tijd is om. We gaan door naar de volgende spreker, niet nadat ik de volgende naam heb getrokken en dat is ROSA. Mevrouw Onclin heeft nu het woord.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Als de omstandigheden veranderen, dan passen Zaankanters zich aan. Mouwen opstropen en weer hard doorwerken. Deze woorden sprak ik vorig jaar uit bij de begroting, midden in een coronacrisis waarvan onduidelijk was wanneer er licht aan het einde van de tunnel zou komen. Maar de stad deed wat de stad altijd heeft gedaan, ze stroopte haar mouwen op en werkte hard door. Bij de begroting die voor ons ligt is er naast een moment van vooruitkijken ook een moment gekomen van terugblikken. ‘De molen op de wind zetten’ is de titel van ons coalitieakkoord, en tijdens de onderhandelingen konden we niet voorzien hoe toepasselijk deze titel zou worden. Naast de coronacrisis zorgden ook de stikstofcrisis en de almaar stijgende kosten van de jeugdhulp ervoor dat we keer op keer de molen opnieuw op de wind moesten zetten. Voor de VVD zijn daarin altijd drie focuspunten belangrijk geweest, inzet op koopkrachtbehoud door inzet op werk en scholing, de ondernemers en de gemeente in de aanjagende rol van investeerder. Hoewel het eerlijke verhaal is dat het niet is gelukt om alle ambities uit het coalitieakkoord te realiseren, kijkt deze fractievoorzitter met trots naar haar team en de periode die achter ons ligt. In een fase waarin het misschien wel makkelijker was geweest om een stap opzij te doen hebben wij, zoals het echte Zaankanters betaamt, onze mouwen opgestroopt, onze schouders eronder gezet en hebben we hard doorgewerkt. We hebben verantwoordelijkheid genomen en gezocht naar praktische oplossingen die bij Zaanstad passen. Zo hebben wij ons onder andere samen met de POV ingezet voor een veiliger Zaanstad door messen te verbieden, een bestuurlijke boete in te voeren en verkoop en gebruik van lachgas terug te dringen. Volgende stap vinden wij het uitbreiden van de handhavingscapaciteit, te beginnen bij de capaciteit voor het aanpakken van verkamering. Het resultaat waar wij nu naar kijken is een begroting die meerjarig sluit, de rekening van de crisis niet bij de inwoners legt en zelfs een aantal grote investeringen in de afgelopen periode heeft kunnen doen. Dat dit geen vanzelfsprekendheid is zien we wel bij onze buren waar de OZB veelal flink gestegen is. Natuurlijk hebben wij ook nog aanvullende wensen naast structurele lastenverlichting om de koopkracht verder te verbeteren. Om te beginnen met het afschaffen van de hondenbelasting en het omlaag brengen van de tarieven voor begraven. Het is inmiddels ook duidelijk dat de aanpak werk of meedoen succesvol is en wordt voortgezet. Essentieel hierin is de rol van Werkom. De vraag aan de raad gaat zijn wie er echt wil investeren in Zaanse inwoners om Werkom ook toekomstbestendig te houden? De door de raad zo geliefde koppelkansen brengen mij met een sprong bij ons derde focuspunt van de VVD, de gemeente als investeerder. We zien kansen om uitgaven te koppelen en zo extra te investeren in Werkom. Hierover zullen wij in het komende debat verdere toelichting geven. Want dat investeren in mensen belangrijk is en werkt zien we terug in het verder dalende aantal van onder andere de bijstandsgerechtigden in Zaanstad. Wij vinden het wel tijd dat de overige Zaankanters daar ook meer van gaan merken. Want hoewel de aantallen dalen, doet het budget voor armoede dat nog niet en daarover willen we graag meer horen van dit college. Dan ga ik terug naar ons tweede focuspunt, de ondernemers. Bij de vorige Algemene Beschouwingen roemde ik al onze industrie. Deze bedrijven die al zo lang verbonden zijn met Zaanstad hielden ons in de crisis overeind. Nu zij zich hebben verenigd in Zaanstad Maakstad vinden wij het belangrijk om deze samenwerking ook een formele status te geven. Zij staan namelijk niet alleen aan onze zijde tijdens de coronacrisis, maar zetten zich ook in voor een duurzamer Zaanstad en zorgen voor veel werk. We zijn blij dat we tijdens de crisis binnen de beperkte mogelijkheden van Zaanstad de hulp aan ondernemers zo veel mogelijk hebben gemaximaliseerd, soms in de vorm van financiële ondersteuning maar ook door soepeler met regels om te gaan zoals de winterterrassen, adviezen te geven over landelijke regelingen of door belastingen uit te stellen of zelfs kwijt te schelden zoals de precariobelasting. Dan ga ik eindigen met het derde focuspunt dat ik al even aanstipte. Er zijn de afgelopen periode grote investeringen in gang gezet. Het openstellen van de Busbrug, vele bouwprojecten voor woningen, AVANT en de Zaanbrug zijn slechts enkele voorbeelden. Helaas ontbreekt ondanks de noodzaak de A8-A9 nog in dit rijtje en vragen wij het college wel om de voortgang in de projecten te houden omdat de stad op deze investeringen zit te wachten. Trots zijn op Zaanstad is iets dat niet altijd past bij de no-nonsense praktische Zaankanters. Maar als wij rondkijken in onze stad zien we genoeg om trots op te zijn. Dat betekent zeker niet dat we klaar zijn. Wat goed is moet goed blijven, maar we zien nog genoeg uitdagingen. Ik noemde al de jeugdhulpkosten en duurzaamheid, maar ook het bouwen van woningen, inclusief een soepel vergunningstraject, horen in dit rijtje thuis. De erfpachtrechtzaak is ook zo’n langlopend dossier dat een oplossing verdient en er is meer geld nodig voor de openbare ruimte. Zo kan ik nog wel even doorgaan, voorzitter, maar gezien de tijd vat ik het voor u samen. De VVD zet zich in voor een veilig Zaanstad waar het prettig wonen en werken is.
    De voorzitter: Dank u wel. Een reactie van mijnheer Mattens.
    De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Dank, mevrouw Onclin. Wat ik mij afvraag, u zegt, de hondenbelasting willen we eigenlijk alleen afschaffen om lastenverlichting te realiseren. Bent u als VVD nou uiteindelijk principieel tegen de hondenbelasting of is het alleen een van de middelen om lastenverlichting te realiseren?
    De voorzitter: Mevrouw Onclin.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Nee, wat een fijne vraag van de heer Mattens, dank daarvoor. Nee, mijnheer Mattens, wij zijn ook principieel tegen de hondenbelasting omdat wij vinden dat het een oude, achterhaalde belasting is uit de tijd dat we honden nog inzetten als werkdieren en ze met karretjes door de straat reden. Alleen zoals ik eerder deze week ook uitlegde aan een aantal nieuwe kandidaat-raadsleden bij ons, als ik maar vijf minuten heb moet ik soms wat bochten afsnijden, maar daarbij dus wel dank voor deze vraag.
    De voorzitter: Mijnheer Mattens, reactie.
    De heer Mattens (PvdD): Ja, dan ben ik toch wel benieuwd, mevrouw Onclin, waarom u niet er dan voor kiest om de quick win, om met snelle winst eigenlijk die belasting af te schaffen, door het om te slaan over een andere belasting? Dan bent u in ieder geval deze hondenbelasting kwijt. Dan heeft u nog niet uw tweede doel gerealiseerd, namelijk die lastenverlichting, maar u bent wel tegen, u bent wel van die hondenbelasting af waar u zegt zo principieel tegen te zijn.
    De voorzitter: Mevrouw Onclin.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, maar daar hebben de heer Mattens en ik ook al vaker een debat over gevoerd en dat vind ik toch echt een sigaar uit eigen doos. En dan refereer ik naar de discussie die we hebben gehad bij de Voorjaarsnota. Op het moment dat wij de OZB gaan verhogen en dat vervolgens als dekking gebruiken voor het afschaffen van de hondenbelasting, ja, dan gaan we daar andere mensen voor laten betalen en dat vinden wij ook niet de oplossing. Wij zien graag dat we gewoon normaal de hondenbelasting gaan afschaffen.
    De voorzitter: Ik zag nog reacties van mijnheer Van der Laan, Van Haasen en mevrouw De Boer en de heer Hartog nog.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, nou mijnheer Mattens, misschien is het ook tijd voor een kattenbelasting. Volgens mij komt daar nog veel meer mee binnen en dan is het gelijk. Die lopen overal zonder dat daar controle op is en die kakken overal bij iedereen in de tuin en dat doen honden nog niet. Voorzitter, ik heb een vraag aan de VVD. Ik hoor mevrouw Onclin zeggen, nou, we zijn heel blij met het programma ‘De windmolens op de wind zetten’, laten we het zo maar zeggen. Maar gaat u in de komende periode vanaf ’22 er ook keihard werk van maken dat die windmolens die nu die woningbouw, die tien sociale woningen die er opgeleverd zijn, gaan bedreigen in de Achtersluispolder, om te zorgen dat die er definitief niet kunnen komen met hulp van uw netwerk in de provincie? Daar ben ik heel benieuwd naar. En ik hoor u spreken over hoe fijne stad het ook is voor ondernemers hier. Bent u het met me eens dat daar de komende periode keihard aan gewerkt moet worden? Want we hebben volgens mij opdracht gegeven aan deze wethouder om er alles aan te doen om Touwen binnen te houden, is niet gelukt. De werkverschaffing is verdwenen. Als we nu kijken wat er gebeurt met het op slot zetten van heel Noord-Holland tot aan de rand van Amsterdam omdat er geen stroom meer geleverd kan worden. Ja, wethouder, dit wordt een probleem voor mensen die zich hier willen vestigen. Wij zijn totaal niet vriendelijk voor ondernemers, dat hebben we gezien met de visboer. Er wordt een motie aangenomen dat die man ergens mag staan en de burgemeester die zegt, ik ga het toch niet volgen gemeenteraad, ik ga lekker gewoon handhaven. Is echt niet vriendelijk, dus gaat u de komende vier jaar proberen om als VVD toch wat vriendelijker te worden voor al die ondernemers?
    De voorzitter: Mevrouw Onclin.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, volgens mij, voorzitter, zei ik ook wat goed is moet goed blijven, maar zijn er ook zeker nog dingen die we kunnen verbeteren. En dan zie ik ook dat we op het gebied van de ondernemers nog een aantal dingen beter kunnen doen. Zo noemde ik onder andere ook het vergunningsproces wat volgens mij een stuk soepeler zou moeten kunnen dan dat het nu gaat. Maar, en daarmee begin ik dan even met de laatste vraag van de heer Van der Laan, wat soms natuurlijk wel jammer is is dat deze raad alleen spreekt over de casussen die niet zo goed zijn gegaan. Hiernaast hebben we dat zilveren of grijze gebouw staan waar we gewoon het hoofdkantoor van Bunge hebben behouden, terwijl het heel even dreigde deze periode dat dat niet ging gebeuren en dat ze naar Amsterdam gingen omdat iemand hier in huis had bedacht dat dat gebouw dan per se groen moest zijn. Dat hebben we wel goed gedaan en daar hebben we het dan met elkaar niet over, wat terecht is, want dat is ook typisch Zaans om de dingen die goed zijn niet te benoemen, maar daarin zie ik het misschien wel iets genuanceerder dan de heer Van der Laan. Als het gaat over de windmolens dan denk ik dat we dat niet anders doen dan dat we dat de afgelopen periode hebben gedaan. Wij hebben daarin ook samen met u en met de PVV en het CDA opgetrokken, en inderdaad ook binnen de partij gelobbyd. En volgens mij is het ook geen geheim dat dat, nou, af en toe flink heeft gebotst maar wij waren niet van plan om daar anders in te zitten dan dat we tot nu toe hebben gedaan.
    De voorzitter: Mijnheer Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Dan heb ik één vervolgvraag in die windmolens, want dat is wel een dingetje. Ondertussen zijn alle leningen verstrekt en we zitten zo ver in het proces dat wij als gemeenteraad hier helemaal niets meer aan kunnen doen, dus denk ik dat er keihard gelobbyd moet gaan worden in de provincie of misschien zelfs op landelijk gebied. We hebben begrepen van wethouder Baerveldt dat die daar niet zoveel zin in heeft, dus ik hoop dat u dat de komende vier jaar in de plek van D66 wel wil doen?
    De voorzitter: Mevrouw Onclin.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, voorzitter, volgens mij heb ik die vraag indirect al beantwoord.
    De voorzitter: Mijnheer Van Haasen.
    De heer Van Haasen (PVV): Ja, bedankt, voorzitter. Ja, ik kom nog even terug op de hondenbelasting. Mijnheer Martens had het al, Mattens, sorry, had het al aangekaart. Ik wil hem nog complimenteren met zijn jasje, ik schijn daar zelfs het PVV-logo te herkennen op zijn revers, dus. Sorry, maar … Ja, nou ben ik het even kwijt. Ja. Ik heb …
    De voorzitter: Gaat u door.
    De heer Van Haasen (PVV): Ik heb een vraag aan mevrouw Onclin over de hondenbelasting. En zij zegt net tegen de heer Mattens dat ze principieel tegen die hondenbelasting is. En dan vraag ik me af hoe, wij hebben nu drie keer achter elkaar bij de begroting een motie ingediend om de hondenbelasting af te schaffen, hoe vaak gaat zij principieel tegen die motie stemmen in de komende jaren als we die ieder jaar bij de begroting in blijven dienen? Dank u, voorzitter.
    De voorzitter: Mevrouw Onclin.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, voorzitter, nou doet de heer Van Haasen een beroep op mijn geheugen, want volgens mij hebben we eigenlijk altijd tegengestemd omdat er een probleem was met de dekking. En dat heb ik al vaker tegen mijnheer Van Haasen gezegd, als u met een motie komt of een amendement waar een goede dekking tegenover staat, dan vindt u ons wel aan uw zijde.
    De voorzitter: Mevrouw De Boer.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Nou ja, om in dat punt dan meteen maar even in te haken, voorzitter, lag er wel degelijk een dekkingsvoorstel waar de VVD het dan weer niet mee eens was, dus dat is dan net weer even een andere discussie. Maar even een vraag aan mevrouw Onclin. Als ik het verhaal zo hoor dan denk ik, nou, hartstikke mooi verhaal, mooie hoekstenen, maar u noemt de ondernemers en dat u daar zo trots op bent. Nou, en dat zijn wij ook, maar volgens mij is het ook wel tijd om het eerlijke verhaal te vertellen. Want de stad van allure waar de VVD voor stond vier jaar terug, ja, ondernemers worden weggepest, de heer Van der Laan noemde er net een aantal. Ik kan daar nog heel wat aan toevoegen zoals Exter of de MediaMarkt. Verloedering van Zaanstad, veel meer criminaliteit. VVD heeft gezegd, wij staan voor een veilig Zaanstad, maar het is er alleen maar erger op geworden. En ik ben wel heel erg benieuwd hoe de VVD dan de komende tijd dit wel wil aanpakken in plaats van alleen mooie woorden vertellen?
    De voorzitter: Mevrouw Onclin.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, nou, voorzitter, waar ga ik beginnen. Volgens mij heb ik juist net ook een aantal hele concrete voorbeelden genoemd, dus vind ik het verwijt om te zeggen, de VVD spreekt alleen mooie woorden, overigens wel dank dat u ze heel mooi vindt, niet helemaal terecht. Als het gaat over veiligheid vind ik dat altijd een beetje een lastige, want wat ik persoonlijk juist zag in de begroting is dat je ziet dat die qua cijfers ongeveer een beetje gelijk blijft, zowel in aantallen als in zeg maar het cijfer dat mensen geven. Een tiende hier erbij, een tiende daar eraf, maar deze raad heeft vaak gesproken over statistiek, dat mag geen naam hebben, maar dat ik me wel ook heel erg bewust ben van dat veiligheid uiteindelijk altijd een gevoel is. Maar zoals ik in mijn bijdrage ook zei, ik denk dat wij als VVD samen met een aantal andere partijen, waaronder volgens mij ook uw partij, een aantal hele concrete voorstellen heeft gedaan om op een aantal aspecten de veiligheid van deze stad te verbeteren, juist ook het gevoel te verbeteren. En zullen wij zeker ons blijven inzetten om dat ook in de toekomst te gaan doen. Waarbij ik volgens mij een heel concreet voorbeeld al noemde, dat wij graag zouden zien dat als eerstvolgende stap ook de handhavingscapaciteit wordt uitgebreid.
    De voorzitter: Mijnheer Hartog.
    De heer Hartog: Ja, dank u, voorzitter. Twee vragen aan mevrouw Onclin. Ten eerste, mevrouw Onclin had het over Werkom toekomstbestendig houden. Dat is natuurlijk een loffelijk streven, maar we hebben nu weer dezelfde discussie over Werkom als zes jaar geleden over BaanStede, omdat er structureel geldtekort is. Dus bedoelt u dan, we moeten naar een beter verdienmodel toe, of daalt eindelijk het inzicht dat het budget voor Werkom te klein is en omhoog zou moeten gaan? De tweede vraag gaat over het budget voor armoede. Kennelijk vindt mevrouw Onclin het een probleem dat dat niet daalt. Misschien kun je er ook wel trots op zijn, om dat budget te laten stijgen en dan de armoede af te laten nemen. Je zou bijvoorbeeld kunnen beslissen om de Stadspas tot 130 procent van het sociaal minimum te geven in plaats van 110 procent. Heb je een groter budget nodig maar je hebt een heleboel minder problemen op het gebied van armoede.
    De voorzitter: Mevrouw Onclin antwoordt nog op deze vragen.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, voorzitter, ik stel voor dat ik de vraag over Werkom gewoon ga beantwoorden in het debat, want dat kan ik niet in tien seconden voor u doen. Als het gaat over het afnemen van de armoede, volgens mij, mijnheer Hartog, hebben we, en ik ben de Partij van de Arbeid eeuwig dankbaar voor het feit dat ze die vraag hebben gesteld, uit de antwoorden van de technische vragen van de Partij van de Arbeid juist gezien dat feitelijk het aantal mensen wat gebruikmaakt van de zeg maar regelingen die we hebben aan het afnemen is, dat we dat ook zien in de aantallen. We zien een daling in het aantal bijstandsgerechtigden, we zien een daling van tien procent in het aantal mensen dat tot de 110 procentregeling valt, maar vervolgens zien we het niet terug in het budget. Dat vind ik gek. Overigens wil ik daaraan toevoegen dat wij daarmee niet per se willen zeggen dat we het armoedebudget in zijn geheel moeten laten dalen. Maar wat ik ook vaker in deze raad heb gezegd is dat ik het een heel mooi streven zou vinden om bijvoorbeeld de kwijtscheldingen die wij nu doen, dat gaat over drie miljoen, voortaan te betalen uit de armoedegelden. Dat resulteert namelijk direct in dat een aantal tarieven omlaaggaan en dat merkt de rest van Zaanstad dan weer in de belasting die die ieder jaar betaalt.
    De voorzitter: Dit belooft een mooi debat te worden volgende week bij het Zaanstad Beraad. Ik stel voor dat we nu doorgaan naar de heer Pauw, maar niet nadat ik de volgende naam, en dat is DENK die daarna het woord krijgt, de heer Eid. Eerst mijnheer Pauw.
    De heer Pauw (ROSA): Dank u wel, voorzitter. Allereerst dank voor de heldere begroting. We zien een duidelijke trend in de afgelopen jaren waarin de begroting steeds beter te begrijpen is. Beter te begrijpen zeker, maar als het over de harde pegels gaat, zijn er uiteraard wel zorgen. Er is weinig begrotingsruimte. Toch is het college erin geslaagd het sombere beeld bij de Voorjaarsnota om te zetten in een klein plusje. Maar voor de wensenlijstjes die zowel het college als de partijen een half jaar geleden zo vurig bepleitten, is vooralsnog geen geld. Met deze krapte zullen we het moeten doen in de verwachting dat wellicht nieuwe circulaires vanuit het Rijk enige financiële ruimte voor ons gaan verschaffen. Dient die ruimte zich aan, dan zullen we zeker onze wensen kenbaar maken zoals we die al eerder hebben aangegeven. Een daarvan wil ik er hier specifiek naar boven lichten, de leges op evenementen. Waar dit jaar nog de kostendekking gehaald werd door een beroep te doen op het potje Vitaal Zaanstad, zal dat in deze begroting niet meer het geval zijn. Evenementen van klein tot groot zullen dit gaan merken en zelfs activiteiten rond de Dodenherdenking zullen zwaar moeten dokken. Dat is voor ons onaanvaardbaar. Andere belangrijke items die voor ons een lang gekoesterde wens zijn betreffen de verdere uitwerking van de visie Dijken, linten en paden, handhaving en toezicht op de huisvestingsverordening en meer financiële armslag voor een biodivers maaibeleid. Voorzitter, ik kan me niet heugen dat er in het verleden zoveel oppositie is geweest vanuit de Nederlandse gemeentes richting Den Haag als het gaat over meer financiële middelen op diverse terreinen. De toegekende budgetten voor jeugdzorg spannen daarbij de kroon. Wij hebben dan ook blijvende zorgen omtrent de jeugdzorg. Maar op tal van andere terreinen zien we ook de landelijke, zien we dat de landelijke overheid de problemen over de schutting gooit van de lokale overheid zonder daarbij een zak geld neer te leggen. Kan iemand mij uitleggen waarom wij aan het Rijk een opschalingskorting moeten betalen? Ook dit jaar is de coronacrisis nog in alle hevigheid aanwezig en het laat zich aanzien dat ze voorlopig niet is uitgeraasd. Ondanks de grote impact die dit heeft op de gehele samenleving zien wij dat het college zo veel mogelijk getracht heeft het coalitieakkoord vorm en uitvoering te geven. De vertraging die bij diverse projecten is opgetreden is hiertoe te herleiden en daardoor begrijpelijk. Het is en blijft belangrijk dit ook goed uit te leggen aan de burgers. Maar kunnen we dit ook? Verdichting van de stad moet je goed kunnen uitleggen en het is zaak de burgers in een vroeg stadium te betrekken bij de nieuwe ontwikkelingen. Helaas moeten wij constateren dat de participatie regelmatig tekortschiet. En dat zal er niet beter op worden wanneer we dit proces overlaten aan ontwikkelaars. Bij de vaststelling van de Omgevingswet zal hier van onze kant specifieke aandacht naar uitgaan. Door de coronacrisis lijkt het wel alsof de aandacht van sommigen voor duurzaamheid, vergroening, CO2-reductie, stikstofdepositie en klimaatadaptatie verslapt is. Een actueel overzicht van de CO2-uitstoot wordt niet eens meer gegeven en uit de streefwaardes spreekt weinig ambitie. Om in 2040 de CO2-uitstoot in Zaanstad terug te brengen naar nul, zouden we 45 ton per jaar minder uitstoot moeten hebben. De realiteit is dat we qua verkeer en vervoer nog niet eens op het niveau van 1990 zitten en dat we de 45.000 ton voor alle sectoren tezamen bij lange na niet gehaald hebben de afgelopen jaren. Door de coronacrisis zien we ook dat er minder Zaankanters uit de bijstand stromen dan in de jaren daarvoor, maar het gaat wel beter. Daarnaast is het ook zorgwekkend dat het aantal huishoudens dat een inkomen geniet tot 110 procent van de bijstandsnorm te hoog is. Het grote aantal kinderen dat hierin opgroeit verdient extra aandacht. Dat vraagt om een egalitaire samenleving voor al onze burgers op diverse terreinen zoals gezonde en goede scholen, kwijtschelding van schulden en hulp bieden waar nodig. Wij zien dat dit college hier aandacht voor heeft. Tegelijkertijd vragen diversiteit en kansengelijkheid ook voortdurende aandacht, ook binnen de eigen organisatie. We zullen hier de komende jaren op terugkomen. Onze speciale aandacht gaat ook uit naar de Stichting Dierzorg. De financiële ondersteuning blijft op kostendekkend niveau en zo hoort dat in een diervriendelijke stad, gemeente. Voor de rioolheffing zullen wij traditiegetrouw in de vervolgberaadslagingen ook nog aandacht vragen. Voorzitter, deze begroting zal voor een flink deel rusten op de schouders van een nieuwe gemeenteraad. Het college kiest er dan ook terecht voor die nieuwe raad niet op te zadelen met een negatieve meerjarenbegroting. Terugkijkend over de afgelopen vier jaar zijn er flinke stormen over komen waaien zoals de coronacrisis, de stikstofcrisis, de PFAS-problematiek, vertrekkende wethouders, versplinterde fracties en tal van moties van afkeuring of wantrouwen. Ondanks dat kunnen wij als ROSA terugkijken op een moeilijke maar boeiende periode. En vol goede moed gaan we deze periode dan ook afmaken voor een Zaanstad mooier, groener en socialer.
    De voorzitter: Dank u wel, binnen de tijd. Mijnheer Hartog.
    De heer Hartog: Ja, dank u wel, voorzitter. De heer Pauw noemt terecht dat er vertraging is ontstaan bij tal van bouwplannen. Het is natuurlijk wat kinderachtig om in die enkele gevallen dat bewoners bezwaar maken die bewoners daar de schuld van te geven. Dat deed de heer Pauw gelukkig ook niet in tegenstelling tot de heer Tuijn. Zo zit het ook niet. Zou mijnheer Pauw bereid zijn om samen met het college te onderzoeken of de sociale woningbouw in de verschillende projecten naar voren kan worden getrokken en de bouw van duurdere woningen naar achteren, zodat we eindelijk nu eens die inhaalslag kunnen gaan maken?
    De voorzitter: Mijnheer Pauw.
    De heer Pauw (ROSA): Ik heb net in de voorgaande discussie al met de heer Zoomermeijer gezegd van dat we te maken hebben met een heleboel projecten die op dit moment lopen waarvan ik constateer dat er bijna alleen maar koopwoningen in zitten, en dat betreur ik ten zeerste. En ik ben niet bij machte, en niemand denk ik hier in deze zaal, om te zeggen van, we trekken de stekker eruit. Dat gaat niet zomaar gebeuren, maar we hebben er wel mee te maken op dit moment. Maar ik constateer ook dat dit college bijna vier jaar geleden een nieuwe trend heeft ingezet waarin wij zeggen van, we gaan minimaal dertig procent sociale woningbouw realiseren. Ben ik dan heel tevreden over de afgelopen periode? Nee, absoluut niet, want ik heb ook gemerkt dat het gewoon ontzettend lang duurt voordat projecten van de grond komen. Is dat de schuld van de burgers die protesteren? Absoluut niet, dat zal ik nooit zeggen, want participatie is een belangrijk goed.
    De voorzitter: Reactie hierop van mijnheer Hoedemaeker.
    De heer Hoedemaeker (D66): Ja, dank u, voorzitter. Ja, de heer Pauw begint weer over de koopwoningen, en dan wil ik hem toch vragen of in de ogen van ROSA dan wij een ontzettend overschot aan koopwoningen hebben? Volgens mij hebben we daar ook enorme tekorten in woningen in het algemeen. Dus we kunnen wel zeggen van, we gaan nou al die koopwoningen niet meer bouwen, of het is jammer dat die gebouwd worden, volgens mij hebben we die ook bitterhard nodig.
    De voorzitter: Mijnheer Pauw.
    De heer Pauw (ROSA): Nou ja, daar verschillen we van mening. Als ik zie dat er dus een wachtlijst is van dertien jaar of zo voor woningzoekenden, dan geven wij de prioriteit aan sociale woningbouw boven koopwoning. En daar verschillen we dus van mening.
    De voorzitter: Mijnheer Hartog en dan de heer Van der Laan en mevrouw De Boer.
    De heer Hartog: Ja, dank u wel, voorzitter. Nog even reactie op de heer Pauw. Mag ik het dan zo samenvatten, u kijkt terug en daar is het, daar hebben we geen invloed meer op, dat is logisch. Maar voor de toekomst bent u het dus wel met me eens dat het verstandig is om nu de voorrang te geven aan sociale woningbouw en projecten voor duurdere woningen wat minder prioriteit te geven?
    De voorzitter: Mijnheer Pauw.
    De heer Pauw (ROSA): Nou, volgens mij als onze leden het goedkeuren dan staat er in ons verkiezingsprogramma veertig procent sociale woningbouw. Dus ik denk dat ik daar maar wel aangeef hoe wij erin staan.
    De voorzitter: Mijnheer Hartog.
    De heer Hartog: Ja, dat is mooi maar dat stond ook in het coalitieakkoord, daar stond ook dertig procent sociale woningbouw en dat is niet gelukt, terwijl er wel dure koopwoningen zijn gebouwd. Voor de toekomst is mijn voorstel om eerst die sociale woningbouw te realiseren en pas dan de projecten met hele dure woningen, want de behoefte en de knelpunten zitten nu in die sociale huur vooral en veel minder in die duurdere woningen. Bent u het daarmee eens?
    De voorzitter: Mijnheer Pauw.
    De heer Pauw (ROSA): Ja, daar zijn we het mee eens.
    De voorzitter: Mijnheer Mattens.
    De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Ik hoor de heer Pauw zeggen over dierenzorg en in een diervriendelijke gemeente indexeren we. En daar zijn we ook heel blij mee, alleen als we contact opnemen met dierenzorg dan horen we ook het verhaal van, ja, indexatie, of het toereikend is, we zijn bezig in een Europees aanbestedingstraject met meerder gemeenten om onze accommodatie nog verder te moeten opschalen om alle activiteiten te doen die we zouden moeten doen. En als we dan horen dat er ook over het contact vanuit de gemeente richting dierenzorg het afgelopen jaar ook helemaal geen contact meer is geweest omdat we hier ook een heel beperkte hoeveelheid fte hebben op het gebied dierenwelzijn, dan maken wij ons wel zorgen. En ik vraag me eigenlijk af, deelt u die zorg of ziet u alleen het positieve plaatje dat er wat geïndexeerd wordt?
    De voorzitter: Mijnheer Pauw.
    De heer Pauw (ROSA): Nou, de zorg die u uitspreekt die deel ik niet. Ik weet dat de wethouder dierenwelzijn heel kortgeleden nog mee is geweest op de dierenambulance, dus die heeft heel goed in de gaten wat er daar speelt en waar eventueel als er eventuele tekortkomingen zijn dan zullen ze daar gerust wel op inspelen. Dus ik denk dat die lijntjes tussen dierzorg en de gemeente dat die heel kort zijn.
    De voorzitter: Mijnheer Van der Laan.
    De heer Pauw (ROSA): Dus ik zou me niet te veel zorgen maken.
    De heer Van der Laan (POV): Voorzitter, ik heb een vraag aan, ja, volgens mij is dat groep Hartog, volgens mij. De vraag om sociale bouw naar voren te halen, geeft u eens concreet aan hoe u dat op de korte termijn zou willen bereiken dan?
    De voorzitter: Mijnheer Hartog.
    De heer Hartog: Ja, voorzitter, dat bereik je niet op de korte, op de ultrakorte termijn natuurlijk. Maar dat bereik je wel door de planning van die projecten die nog niet helemaal zijn ingevuld om te gooien. En niet eerst te beginnen zoals de afgelopen vier jaar met dure woningen, maar eerst te beginnen met sociale woningbouw en daarna de duurdere woningen in dat project. Dan kun je die inhaalslag namelijk maken.
    De voorzitter: Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, dan is de volgende vraag, hoe denkt de groep Hartog dan dat de bouw van die woningen wordt gefinancierd? Volgens mij door duurdere woningen te verkopen en daarin die sociale huurwoningen mee te nemen, dus ik begrijp niet helemaal wat u nou roept. Feitelijk is wat u roept een onmogelijkheid en gaan wij er niet over hoe die ontwikkelaar dat op die manier doet. Dus dat … Ik ben … Ik zie echt niet welke oplossing u dan aandraagt.
    De voorzitter: Mijnheer Hartog kort.
    De heer Hartog: Sociale woningbouw moet in opdracht van woningbouwcorporaties worden gedaan. Daar moet de verhuurdersheffing worden afgeschaft zodat er weer financieringsruimte komt. Dus dat is landelijk beleid en daarvoor moeten we lobbyen dat dat gauw op orde komt, want nu is het VVD-beleid wat bewust volkshuisvesting de nek om heeft gedraaid en dat moet anders.
    De voorzitter: Mijnheer Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, en daar laat dan de heer Hartog als groep Hartog een grote kans liggen om te kunnen lobbyen in Den Haag door uit de SP te stappen, dat is niet heel handig dan, dus dan …
    De voorzitter: Goed.
    De heer Van der Laan (POV): … ik begrijp echt niet hoe u het voor elkaar wil krijgen dan.
    De voorzitter: Wij hebben nog woordmeldingen van mevrouw De Boer, mevrouw Onclin en de heer Wit in ieder geval, dus mevrouw De Boer heeft het woord en hebben we nog drie minuten.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dank u wel, voorzitter. Ik heb eigenlijk twee vragen aan ROSA, eentje in vervolg eigenlijk even op de woningbouw. Want we doen nu net alsof de sociale huurwoningen het enige probleem zijn maar koop en zeker betaalbare koop, dat is ook een zeer urgent probleem in Zaanstad. Een u in dit college vindt het heel belangrijk om vooral alles binnenstedelijk te doen. En ik hoor u net in uw betoog zeggen, ja, wie zijn schuld is dat dan dat het lang duurt? Maar je zou ook, en daar pleiten wij wel vaker voor, je randen op gaan zoeken. En misschien, gezien die enorme urgentie, is dat nu toch tijd voor, daar ben ik even benieuwd naar hoe u daar nu naar kijkt? En mijn tweede vraag, en dat is eigenlijk, daar ben ik het helemaal met u eens, dat we zien dat er heel veel door Den Haag over de schutting gegooid wordt. Wij als lokale partijen hebben wat minder lijntjes dan de landelijke partijen, maar toch ben ik wel even benieuwd wat u ook als lokale partij daaraan zou kunnen doen?
    De voorzitter: Mijnheer Pauw.
    De heer Pauw (ROSA): Nou, om dan met dat laatste te beginnen, ik bedoel, we zitten natuurlijk in het college en het college heeft volgens mij hele goede contacten in Den Haag. Getuige ook de flinke subsidies die af en toe binnengehaald worden, en dan wijs ik alleen maar op de WBI-gelden, dus dat zijn de lijntjes die zo lopen. En wij hebben natuurlijk als lokale partij geen directe contacten in Den Haag, daar heeft u gelijk in. Dat is af en toe wel jammer, maar het geeft ook heel veel rust hoor, moet ik u zeggen. En dan de randen opzoeken, nou, ik denk dat we dat doen. En ik wil u wijzen op bijvoorbeeld het project Brokking wat gebouwd wordt en het project West-Zanen. En mijnheer De Vries, ik noem met name, ik zeg specifiek West-Zanen, voor de anderen misschien Meneba. En ook het Noorddijk Zaankwartier heet dat volgens mij, ja, ze verzinnen allemaal namen ervoor. Maar er gebeurt dus heel wat aan de randen van de stad. Praten we specifiek over, gaan we in de Natura 2000-gebieden bouwen, huizen bouwen, daar zijn we natuurlijk geen voorstander van maar ik neem aan dat u dat ook niet bent in die groene omgeving waarin u woont?
    De voorzitter: Mevrouw De Boer.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, nee, volgens mij hebben we iets meer ruimte dan alleen Natura 2000. En u noemt nu projecten inderdaad in de randen, maar we hebben echt wel meer mogelijkheden. En dit college houdt dat nu tegen en ik denk wel gezien de urgentie dat we daar echt nadrukkelijker naar moeten kijken.
    De voorzitter: Mijnheer Pauw.
    De heer Pauw (ROSA): Nou, ik ben er nog één vergeten te noemen, want die staat volgens mij ook in het meerjarenperspectief grondzaken, en dat betreft het project Zaandam Poelenburg Oost, waarin u ook heeft kunnen lezen dat de vertraging daar is opgetreden vanwege de stikstofproblematiek. Is dat jammer? Voor de mensen die er een huis wilden hebben wel, voor de uitstoot van stikstof vinden wij dat het gewoon goed geregeld moet worden alvorens daar huizen gebouwd weer kunnen worden.
    De voorzitter: Goed, dank u wel. Mooi debat. We gaan nu door naar DENK en daarna is aan het woord Partij voor de Dieren. Mijnheer Eid heeft het woord.
    De heer Eid (DENK): Dank u wel, voorzitter. Allereerst veel dank aan de ambtenaren die gewerkt hebben aan de begroting. En voorzitter, daar zijn we dan tegen het einde van het jaar. De coronapandemie zorgt alweer bijna twee jaar nog steeds voor veel onzekerheid en ellende. En er zijn ingrijpende maatregelen ingevoerd en hopelijk worden deze langzaam opgeheven, zodat we weer richting herstel kunnen toewerken. Deze periode heeft ons wakker geschud en laten zien hoe belangrijk vitale beroepen zijn en hoe belangrijk onze gezondheid is. Namens onze fractie wil ik dan ook gebruikmaken van deze gelegenheid om ons medeleven te uiten aan eenieder die geliefden heeft verloren aan dit nare virus. Voorzitter, onze fractie blijft zich ook het komende jaar inzetten voor een inclusieve samenleving waarin iedereen zichzelf kan zijn. Saamhorigheid en verbinding creëren staat centraal in onze visie. En het afgelopen jaar hebben we mooie dingen bereikt, bijvoorbeeld als het gaat om Ketikoti, de jaarlijks terugkerende feestdag op 1 juli ter viering van de afschaffing van de slavernij. Waar voorheen alleen een kransje werd neergelegd op de Anton de Kombrug wordt door onze inzet nu een officiële gedenkplaats gerealiseerd met een monument en wordt daadwerkelijk een herdenking gedaan. Heling is een proces dat vele generaties duurt en dit is in ieder geval een stap in de juiste richting, en ik ben er trots op dat dit in onze stad is gerealiseerd. Onze motie heeft er ook voor gezorgd dat we een inclusief Sinterklaasfeest hebben, en we blijven ons inzetten totdat geen gemeenschapsgeld meer gaat naar praktijken die de hele wereld eigenlijk schandalig vindt maar nog jaarlijks plaatsvinden. Voorzitter, helaas is racisme en discriminatie nog voor veel van onze inwoners iets waar ze nog vaak mee te maken hebben. Vorige week is er landelijk een Nationaal Coördinator tegen Racisme en Discriminatie aangesteld. Wij zijn van mening dat dit ook lokaal in onze gemeente zou moeten gebeuren. Een coördinator aanstellen die zich bezig gaat houden met racisme en discriminatie bestrijden en portefeuilleoverstijgend opereert om dit veelkoppige monster aan te pakken. Ik verneem graag van het college wat zij van dit plan vinden? Voorzitter, men moet voor elkaar zorgen en mensen met een krappe beurs moeten worden ontzien. Dit lukt helaas niet altijd en zo zien we dat veel mensen tussen wal en schip vallen. Mensen die niet terug kunnen vallen op familieleden en kennissen en die ook geen gebruik kunnen maken van de Voedselbank en andere regelingen omdat ze net iets te veel verdienen. Gelukkig zijn er in onze stad initiatieven gericht op armoedebestrijding waar veel inwoners dan ook dankbaar gebruik van maken. We hebben echter gezien dat veel burgerinitiatieven het op eigen houtje moeten doen. Er was ook weinig ondersteuning door de gemeente en weinig samenhang en overleg tussen verschillende initiatieven. In het belang van onze inwoners hebben wij dan ook bijgedragen aan meer structuur in het hulpverlenen, samenhang en overleg tussen de betrokkenen. Vorig jaar tijdens de begrotingsbehandelingen hebben we aangegeven dat we willen dat stichtingen en bewonersorganisaties worden betrokken bij het welzijn van de wijk. En we zien dat dat inderdaad steeds vaker gebeurt, zoals in het geval van de moskee in Poelenburg, en we zijn tevreden over de richting waar het heen gaat. Dus dank hiervoor richting het college. Het kan natuurlijk altijd beter maar hiermee zijn mooie stappen gezet. Voorzitter, als ik een blik werp op de toekomst komen allereerst onze Zaanse jongeren in mij op. Het programma onderwijs, jeugd en zorg gaat hierover en het aantal jeugdigen dat een beroep doet op hulp is gestegen. Er is ingezet op extra capaciteit, dit budget is in 2022 echter niet beschikbaar. Dus in 2022 blijven de wachtlijsten bestaan lees ik in de begroting. Ik hoor graag van de wethouder wat er gedaan gaat worden om de wachtlijsten voor de jeugdzorg op te lossen? Het is duidelijk dat dit een landelijk probleem betreft en dat we niet de enige gemeente zijn die hiermee worstelt, maar dat betekent niet dat we het moeten laten zitten. Er wordt namelijk ook geen verwachting hierover uitgesproken in de begroting, wat ons zeer verbaast. Ook belangrijk om niet over het hoofd te zien als het gaat om jongeren, hoe zit het eigenlijk met de prestaties van sociale wijkteams? Vanuit de stad spreken wij veel inwoners die hier niet tevreden over zijn. Zij geven aan dat ze niet toegankelijk zijn, weinig inclusief, en dat er weinig wordt ondersteund en vaak van het kastje naar de muur gestuurd. Ik vraag me af in hoeverre de wethouder hier inzicht in heeft en welke plannen er zijn om dit te verbeteren? Welke indicatoren worden hiervoor gebruikt? We hebben natuurlijk het rapport in januari gezien, waarin vooral wordt aangegeven dat de sociale wijkteams het goed doen, maar hoe blijven wij dit monitoren en verbeteren? Voorzitter, heel veel problematiek hangt met elkaar samen. De steken die we laten vallen wanneer preventie mogelijk is leiden tot grotere problemen in de toekomst, bijvoorbeeld in de vorm van overlast in onze wijken. Afsluitend, even kijken. Nou, in ieder geval over het Veldpark, we zien dat er 40.000 euro wordt uitgegeven. Waarom wordt er geen andere partij ingezet zoals Stichting Surant? Verder willen wij eeuwigdurende grafrust voor Zaankanters. Er is momenteel een tekort aan begraafplaatsen. En er is een begraafplaats in Krommenie maar die is niet eeuwigdurend. Wij komen in ieder geval met een motie en hopen op steun van zo veel mogelijk partijen. Hiermee wil ik afsluiten. Dank u wel, voorzitter.
    De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Hoedemaeker wil reageren. Dan mevrouw Neefjes en mevrouw Onclin.
    De heer Hoedemaeker (D66): Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, mijnheer Eid komt met een voorstel voor een lokaal coördinator racisme en discriminatiebestrijding. Volgens mij hebben we die, dat is Bureau Discriminatiezaken. Bedoelt mijnheer Eid nou dat hij daar nog iemand naast wil zetten of is dat over het hoofd gezien?
    De voorzitter: Mijnheer Eid.
    De heer Eid (DENK): Dank u wel voor uw vraag en ook fijn dat u dit onderwerp aanstipt, wat laat zien dat u het waarschijnlijk ook een belangrijk onderwerp vindt. Kijk, wij zijn van mening dat dit alleen maar voordelen kan hebben. En het zou goed zijn als die persoon dan ook portefeuilleoverstijgend zou werken.
    De voorzitter: Wie wil er op dit punt reageren? Op dit punt, mijnheer Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, ik denk dat wij daarin mijnheer Eid wel kunnen steunen want we, ik heb het er wel eens over gehad met de fractievoorzitter van Democratisch Zaanstad dat het in principe heel goed gedaan zou kunnen worden door een wethouder die de hele dag hier de plantjes loopt water te geven en die we hier bijna niet zien, waar ik al van schrik als ze hier is dat ik nog denk, o, ze werkt hier nog wel. Dus dat zou kunnen, dat scheelt volgens mij rond de 150.000 euro subsidie. Dus misschien zouden we dat moeten doen met een wethouder die gewoon wat tijd over heeft, dus wat mij betreft zou dat een heel goed voorstel kunnen zijn.
    De voorzitter: Reactie van mijnheer Pauw.
    De heer Pauw (ROSA): Ja, ik vind het vervelend dat er zo denigrerend over sommige personen waar wij mee moeten samenwerken gesproken wordt. Dus ik zou willen verzoeken om daarop in te grijpen. En ten tweede een opmerking als het gaat om, nou, de heer Hoedemaeker zei het natuurlijk goed, we hebben al een Bureau Discriminatiezaken, maar dat is niet iets wat wij zo maar ingesteld hebben, dat is gewoon een wettelijke verplichting waar je aan moet voldoen. Dus dat gaat dus niet denk ik, dat is overbodig. Maar om het Bureau Discriminatiezaken op te doeken, want daar doelde de heer Van der Laan op, en het te laten doen door een wethouder, dat kan wettelijk gewoon niet.
    De voorzitter: Goed om nu even vast te stellen, we drukken ons netjes uit in woord en gebaar en antwoord op de inhoud en niet op de persoon. Mijnheer Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, mensen kunnen best heel vervelend vinden wat ik hier zeg, maar ik zeg alleen dat de wethouder hier de hele dag de plantjes water loopt te geven en volgens mij klopt dat gewoon.
    De voorzitter: ‘…’
    De heer Van der Laan (POV): We hebben een extra wethouder, en ik ga al, voorzitter, ik heb daar geen zin in.
    De voorzitter: Nee, we hebben net gezegd dat we dat niet doen.
    De heer Van der Laan (POV): U moet mij aanspreken op wat ik hier zeg. Ik mag in deze zaal alles zeggen wat ik wil en dat doe ik ook gewoon. Als ik deze wethouder zou uitschelden …
    De voorzitter: Inhoud.
    De heer Van der Laan (POV): … is dat een heel ander punt. Maar ik zeg alleen dat ze de plantjes water geeft en volgens mij doet ze dat niet goed genoeg ook.
    De voorzitter: Mijnheer Tuijn.
    De heer Tuijn (PvdA): Nou ja, als de heer Van der Laan vindt dat hij alles mag zeggen dan deel ik dat niet met hem. Ik vind het gewoon onfatsoenlijk, en dat, dan zult u wel zeggen, daar heb je die Tuijn weer, maar en dat mag dan. Daar ben ik heel erg trots op. Ik vind dat je mensen gewoon met respect kan behandelen.
    De voorzitter: Goed, laten we dit gesprek niet verder vervolgen, we hadden het over de inhoud en het ging over de contactpersoon voor discriminatie. Daar hadden we het onderwerp over en niet over andere … Daar wilde mevrouw Onclin nog op reageren.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, voorzitter, want ik heb in feite dezelfde vraag als de heer Hoedemaeker, maar ik heb daar nog niet een heel duidelijk antwoord op gehoord van DENK. Want zegt u nou, we vinden dat het huidige Bureau Discriminatiezaken en de huidige directeur, coördinator, hoe noemen we de beste man precies, niet goed functioneert en dat willen we anders doen? Want als we het een keer gaan hebben over het functioneren van Bureau Discriminatiezaken dan ben ik misschien ook nog wel daarvoor te porren. Maar het is me nu niet helemaal duidelijk, vindt u nou iets van de manier waarop het op dit moment is ingericht, of stelt u iets voor wat we eigenlijk al hebben?
    De voorzitter: Mijnheer Eid.
    De heer Eid (DENK): Dank u wel voor de vraag. Wat wij voorstellen is aanvullend hierop. En iemand die portefeuilleoverstijgend werkt en ook kijkt naar alle beleid en alle wetgeving die hier wordt gemaakt.
    De voorzitter: Goed. Mijnheer Van Haasen.
    De heer Van Haasen (PVV): Ja, bedankt, voorzitter. Ja, ik heb ook nog een vraag aan mijnheer Eid, wat discriminatie betreft. Ik lees een artikel in de Telegraaf van de week, veel ongevaccineerden met een migratieachtergrond op de IC, angst voor discriminatie staat preventie in de weg. Denkt u dat die aanpak van u dit wel op zou kunnen lossen? Dank.
    De voorzitter: Mijnheer Van Braam ook op dit punt?
    De heer Van Braam (ZB): Ja, inderdaad op dit punt. We hadden het over het Bureau Discriminatiezaken en u wilde daar eigenlijk op de wethouderspost een uitbreiding hebben op discriminatiezaken en alles waar daarmee valt en staat. Maar waarom kijkt u dan niet bijvoorbeeld naar uitbreiding in de capaciteit bij die Bureau Discriminatiezaken? Daar ligt de kennis al, daar ligt de ervaring. Kunt u daar beter gaan kijken van, nou, ik ga daar een motie voor rondmaken om daar de capaciteit uit te breiden.
    De voorzitter: Mijnheer Eid.
    De heer Eid (DENK): Nou, ik moet zeggen, ik vind dit een goed idee en misschien dat we daar samen aan kunnen werken. In ieder geval bedankt hiervoor.
    De voorzitter: Wilt u ook nog reageren op de reactie van de heer Van Haasen?
    De heer Eid (DENK): Het was mij niet helemaal duidelijk, voorzitter, welk probleem de heer Van Haasen beschrijft?
    De voorzitter: Mijnheer Van Haasen, kort.
    De heer Van Haasen (PVV): Nou, ik vind de … Het blijkt zo te zijn dat er veel mensen met een migratieachtergrond op de IC’s liggen met corona. En dat de preventie moeilijk is omdat discriminatie gauw genoemd wordt als men deze problemen wil benoemen. Dus u begint nu over een coördinator discriminatiezaken, maar is het niet eigenlijk ook belangrijk dat je de problemen, in dit geval coronabesmettingen onder mensen met een migratieachtergrond, dat je die moet kunnen benoemen wil je dit aan kunnen pakken? Want anders zitten we hier over volgend jaar weer in een lockdown.
    De voorzitter: Mijnheer Eid.
    De heer Eid (DENK): Nou, wat u aangeeft, u geeft ook aan dat er een artikel is in de Telegraaf waarin dit probleem blijkbaar wordt genoemd. Waar wilt u het anders benoemd zien?
    De voorzitter: Mijnheer Van Haasen.
    De heer Van Haasen (PVV): Nou, wat ik u vraag van, wat denkt u te bereiken met een coördinator discriminatiezaken om dit soort problemen ook op te kunnen lossen?
    De voorzitter: Mijnheer Eid.
    De heer Eid (DENK): Sorry, voorzitter, maar de vraag is gewoon niet helder voor mij. Ik zie de link ook totaal niet. Ik weet ook niet of die personen zich gediscrimineerd voelen.
    De voorzitter: Goed, ik denk dat dit nu …
    De heer Van Haasen (PVV): Mag ik nog …
    De voorzitter: Heel kort een laatste reactie en dan wil ik nog naar een ander onderwerp overgaan, er zijn nog een aantal woordmeldingen van mevrouw ‘…’
    De heer Van Haasen (PVV): Ik wil eigenlijk mijnheer Eid er nog aan herinneren, die zit natuurlijk nog niet zo lang hier in de raad, dat zijn partij al eerder een motie heeft ingediend om het budget voor het Bureau Discriminatiezaken omhoog te schroeven, dus die zou die misschien ook af kunnen stoffen als hij dat zo graag wil. Dank.
    De voorzitter: Mevrouw Neefjes.
    Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): Nou ja, mijn vraag en opmerking gingen ook over Bureau Discriminatiezaken, maar ik heb al genoeg gehoord en ik denk dat het in het Zaanstad Beraad dan wellicht terugkomt.
    De voorzitter: Mevrouw Onclin. Niet meer? Mevrouw Mathkor en mevrouw De Boer.
    Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Ja, dank u, voorzitter. Een vraag aan mijnheer Eid. Ik heb begrepen dat DENK ook bezig is met meer voorlichting over het slavernijverleden. Kunnen we erop vertrouwen, rekenen dat die in het Zaanstad Beraad, dat dat onderwerp nog verder ter sprake komt?
    De voorzitter: Mijnheer Eid.
    De heer Eid (DENK): Dank u wel, mevrouw Mathkor. En ja, dat gaat gebeuren.
    De voorzitter: Ondanks dat het zijn eerste keer is vond ik toch een waardige eerste Algemene Beschouwingen, vind ik ook wel weer netjes om daar even bij stil te staan dames en heren. We gaan wat mij betreft dan over, ik zie geen andere woordmeldingen. O, mevrouw De Boer nog, ja.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, als het nog binnen de tijd valt, voorzitter. Ik hoorde in het begin van het betoog van de heer Eid zeggen dat er geen subsidies mogen gaan naar dingen die de hele wereld schandalig vindt. En ik was even benieuwd welke subsidies u dan op doelt, die wij als Zaanstad geven?
    De voorzitter: Mijnheer Eid.
    De heer Eid (DENK): Dank u wel voor de vraag. Ik had begrepen dat er subsidie gaat naar het comité wat het Sinterklaasfeest organiseert.
    De voorzitter: Mevrouw De Boer.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, en daar was ik dus al een beetje bang voor, want als we dan het zo framen dat de hele wereld daartegen is en schandalig vindt, dan zou ik nog even goed naar de cijfers kijken, mijnheer Eid, voordat u dat soort heftige, onrealistische uitspraken doet.
    De voorzitter: Mijnheer Eid.
    De heer Eid (DENK): Wat bedoelt u daarmee? Bedoelt u dat wat er gebeurt op het Sinterklaasfeest een geaccepteerde, iets is wat geaccepteerd is wereldwijd?
    De voorzitter: Mevrouw De Boer.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, en volgens mij is het niet de bedoeling om hier een hele discussie over het Sinterklaasfeest te vieren. Maar u zegt, subsidies die de hele wereld schandalig vindt, en dat is nogal een uitspraak. En die klopt ook niet als u dit voorbeeld noemt, dus ik vraag u om daar heel voorzichtig mee te zijn. Dank u, voorzitter.
    De voorzitter: Daarmee is ook de tijd voorbij en gaan wij door naar de Partij voor de Dieren en daarna Lokaal Zaans en daarna is het pauze. Mijnheer Mattens heeft het woord.
    De heer Mattens (PvdD): Voorzitter, Zaanstad staat voor een aantal existentiële crises die het gelijktijdig moeten zien op te lossen om jonge en toekomstige generaties een toekomst te kunnen bieden, namelijk de klimaat- en biodiversiteitscrisis. Het zien van de mens als iets dat buiten de natuur staat, een soort die kan doen en laten met andere dieren en natuur wat die wil, leidt niet alleen tot onaanvaardbaar dierenleed, maar uiteindelijk ook tot risico’s voor ons eigen voortbestaan als mens. Het risico op een nieuwe pandemie, daar hebben we al eerder op gewezen. Maar voorzitter, de Partij voor de Dieren schetst vanavond graag hoe wij in Zaanstad van morgen kunnen leven waarin wij onszelf als mens weer als onderdeel van de natuur zijn gaan zien. Binnen de draagkracht van de aarde gaan leven, rekening houden met de belangen van dieren en rekening houden met de belangen van mensen die door onze samenleving op achterstand zijn gezet. Om binnen de draagkracht van de aarde te blijven zullen we minder grondstoffen en energie moeten gaan gebruiken en dat wat we gebruiken veel meer lokaal produceren. Zo kunnen onze inwoners in stadstuintjes op elke hoek van de straat plukgroenten en fruit oogsten. Groeien er onder andere lisdodde en riet op de veengronden, bouw- en isolatiemateriaal dat wij zo hard nodig hebben om nieuwe huizen te bouwen en bestaande huizen goed te isoleren. Zaankanters zijn zich bewust geworden van de milieu-impact van mobiliteit en ervaren geen gezondheidsklachten meer door het extreme lawaai en ultrafijnstof van laag overvliegende vliegtuigen. Immers, Zaanstad heeft eindelijk ferm met de vuist op tafel geslagen over Schiphol richting Amsterdam en het Rijk om nachtvluchten geheel te verbieden en het totaal aantal vluchten flink te reduceren. Daarnaast nodigt de stad uit om te bewegen en buiten te zijn doordat alles veel groener is geworden. In elke straat vormen we een paar, een aantal parkeerplaatsen om tot sociale ontmoetingsplek met een boom, een bankje of een buurtbibliotheek. We vergroenen de gevels van huizen en gebouwen, planten veel meer bomen en struiken en zaaien alle braakliggende gronden in met biologische inheemse bloemenmengsels. Ook tuinen zijn massaal onthard omdat mensen weer zijn gaan inzien hoe belangrijk, mooi en vooral ook lekker koel een groene tuin is. Kinderen leren weer te spelen op ontharde en groene schoolpleinen en speeltuinen, ontwikkelen een veel betere fijne motoriek en komen weer voldoende in beweging. Al onze inwoners van jong tot oud genieten van de buitenruimte, ontmoeten elkaar, bewegen meer en geven de rust en ruimte aan onze dierlijke medebewoners. Het Zaanstad van morgen is in gesprek met de industrie. Niet alles kan, dus gaat het verduurzamen van de industrie hand in hand met neerwaarts bijgestelde productieverwachtingen. Minder CO2 en meer zekerheid van een stabiel energienetwerk voor onze inwoners. Ook krimpt de toeristische sector als gevolg van het inkrimpen van Schiphol, maar daar staat tegenover dat steeds meer mensen uit de regio de parels van De Zaan ontdekken. En ontwikkelt Zaanstad zich tot de hub voor het delen, hergebruiken en recyclen van spullen, waar steeds meer werkgelegenheid in ontstaat, evenals in de lokale voedselproductie en in de isolatie- en duurzame energiesector. En door de veel lagere stikstofuitstoot en kleinere milieucontouren van bedrijven komt eindelijk de woningbouwproductie in een stroomversnelling. Ook heeft Zaanstad werk gemaakt van de eiwittransitie. De horeca en andere partners in de stad promoten duurzaam en gezond plantaardig voedsel. Hierbij wordt iedereen de keuze gelaten, maar mensen zijn zich in een razend tempo bewust geworden hoe belangrijk het is om minder dierlijke producten te consumeren. Niet alleen heeft een bewustwordingscampagne vanuit de gemeente hier een belangrijke bijdrage aan gehad, maar ook het enorm gegroeide aanbod aan lekker, gezond en duurzaam plantaardig voedsel, zowel in de winkels als in de horeca. In tegenstelling tot vroeger is het gewoon lekker en makkelijk geworden om voor de duurzame, gezonde, diervriendelijke en lekkere opties te kiezen. Verder heeft Zaanstad in het belang van dieren rust en ruimte gecreëerd door te stoppen met bladblazers, worden parken en natuurgebieden minder intensief gebruikt voor recreatie en festivals en is de hengelsport verboden. Empathie is een kernwaarde en onze inwoners halen nu hun plezier uit het hengelen naar afval in plaats van naar voelende wezens. Dit blijft ook leuk, omdat wegwerpverpakkingen sinds 2021 echt niet sexy gevonden meer worden. De stad is dus zo weer netjes. Voorzitter, er is hoop voor Zaanstad. Een groene en diervriendelijke visie op de stad voor 2026. Een stad waarin inwoners weer met elkaar in contact staan, we gezonder leven en actief de kansen op een goede toekomst voor onze jonge, jongste inwoners bevorderen. Deze begroting biedt hierop helaas nog geen perspectief, maar de tijd dringt. Het moet radicaal anders om de belangrijkste crises van deze tijd te bestrijden. Hiermee geven wij een blauwdruk voor hoe het Zaanstad van morgen eruit moet zien. Dus college en gemeenteraad, pak uw verantwoordelijkheid, luister naar de wetenschap, luister naar onze inwoners. Stel, in tegenstelling tot de visie van Erasmus, niet alleen de mens centraal en leg nu de basis voor een kansrijke toekomst voor alle menselijke en niet-menselijke Zaankanters. Dank u wel.
    De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Hoedemaeker.
    De heer Hoedemaeker (D66): Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ik heb gebiologeerd geluisterd naar het toekomstperspectief van de Partij voor de Dieren, zoals altijd weer prachtig verwoord. Wat ik eigenlijk miste in het betoog is, het gaat natuurlijk om de begroting van volgend jaar in principe, en heeft u nou een aantal concrete wijzigingsvoorstellen op de begroting zoals die nu voorligt? Kunt u daar misschien wat op ingaan?
    De voorzitter: Mijnheer Mattens.
    De heer Mattens (PvdD): Zeker, voorzitter. Kijk, wij hebben eerdere begrotingsrondes hebben we ook vaak een scala voorstellen gemaakt om van, dit moet je ten minste doen. We hebben bijvoorbeeld genoemd van dat wij echt wat moeten doen aan de ruimte in onze stad met betrekking tot bijvoorbeeld parkeren. Dan gaat het over de parkeerbelasting, dan gaat het over parkeervergunningen. Het gaat over verduurzaming en versnelling van verduurzaming van huizen in onze stad. Dan gaat het over, wil je prikkels in de OZB inbouwen, want dat kan technisch, dat doen we niet, maar daar is ruimte voor om kortingen te geven aan inwoners die hun huizen versneld verduurzamen. We hebben het ook eerder gehad over een duurzaamheidsfonds inrichten, want we moeten echt doorpakken. En daar kunnen we eigenlijk niet, we hebben als raad een motie aangenomen om een duurzaamheidsfonds bijvoorbeeld te onderzoeken vanuit de Zaanse klimaattafels, maar eigenlijk zijn dat van die voorbeelden die we nu echt versneld moeten oppakken. Want we hebben die tijd niet om te wachten en te wachten en we zijn ondertussen alweer bijna een jaar verder. Dat is een klein scala aan zaken. En qua moties en amendementen, u kunt op ons rekenen, wat ons betreft, de vervuiler betaalt.
    De voorzitter: Mevrouw De Boer en dan de heer Hartog.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dank u wel, voorzitter. Dank aan mijnheer Mattens, ik heb ook aandachtig geluisterd en ik hoor een aantal bijzondere dingen. Eigenlijk als je nu ziet over de energiearmoede en alle problemen die dat met zich meebrengt dat u überhaupt praat, durft te praten over versnellen. Nou, dan legt u echt onze inwoners een enorm probleem op. Maar ik heb nog een drietal vragen eigenlijk aan u. U gaf aan, op elke hoek van de straat een pluktuintje. Ja, dat is hartstikke mooi, maar dat moet allemaal onderhouden worden van dat lage onderhoudsniveau en we hebben al een achterstand van veertig miljoen, dus ik ben wel heel benieuwd hoe u dat dan ziet? U zegt, ontharde schoolpleinen. Nou, ik zie het al voor me, allemaal moddervoeten in die scholen, laarzen, nou, alsof die leraren al niks te doen hebben. En misschien nog wel de belangrijkste vraag. U zegt, ja, we kunnen nu kiezen voor gezonde voeding. Ja, precies, kiezen. Wat u wil is dwang. Wij kunnen hier al niet eens meer om van een worstje genieten. En bent u het niet met mij eens dat bewustwording heel belangrijk is en dat u misschien wel met dwang het tegenovergestelde bereikt?
    De voorzitter: Mijnheer Mattens.
    De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Op het eerste punt over de energiearmoede, die is juist ontstaan doordat we nog zo lang gewacht hebben met isolatie van woningen, dat we eigenlijk veel te traag zijn geweest in de verduurzaming van huizen. Dus dat heeft helemaal niks te maken met de energietransitie, juist het tegendeel. Als het gaat over onderhoud van pluktuinen. Ja, het is een vorm van stadsnatuur. Mensen lopen langs, oogsten mooie dingen, dat hoef je niet per se heel veel te onderhouden. Juist de natuur in de stad op zijn vrije beloop laten gaan daar waar er enigszins ruimte voor is, dat zou juist die enorme verrijking aan onze stad zijn. Als het gaat over ontharde schoolpleinen, ja, moddervoeten, moddervoeten op, binnen school. Ja, als we die schoolpleinen verhard laten met de stijgende regenbuien dan komen er steeds vaker plenswaters binnendrijven in de school, dat, dan moeten die leraren ook zemen. Dus het is ook kiezen voor het eigenlijke bevorderen van onderwijs van kinderen ook met die motoriek om dat te verbeteren, dat bevorder je enorm door die ontharde schoolpleinen. En het heeft dus die maatschappelijke voordelen qua ontharding en regenwaterafvoer. En tot slot kiezen voor gezonde voeding in plaats van dwang. Daar ben ik het met u eens dat wij nooit gezegd hebben dat wij dat willen dwingen. Wij willen meer aanbod, wij willen voorlichting. Wij willen die bewustwording en dat het makkelijk wordt voor iedereen om die keuze te maken. En nu is die keuze niet altijd voor de hand liggend, omdat het duur is, omdat het moeilijk om te krijgen is, omdat het, omdat je er achteraan moet zitten om de meest duurzame optie te krijgen. Dat is niet kiezen, dat is gedwongen worden om het onduurzame te kiezen.
    De voorzitter: Mevrouw De Boer.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dank u wel, voorzitter. Nou, ik ben blij met dat laatste antwoord van de Partij voor de Dieren, daar zullen we ze nauwlettend in de gaten houden dat er dus niks meer verboden wordt. Ja, en u zegt, ja, de energiearmoede, nou, dat komt natuurlijk wel degelijk omdat we versneld van het gas af willen, maar goed, daar moeten we op een later moment maar eens de discussie over voeren. Ja, en als we dan zeggen, de natuur op het vrije beloop laten. Nou, volgens mij is dat wat we de afgelopen jaren met die vreselijke achterstand en slecht onderhoud aan het doen zijn, maar ik weet niet of u het ook ziet, heel Zaanstad staat vol distels en andere rotzooi, dus daar gaat uw plukgroente.
    De voorzitter: Ja, ik zie nu allemaal reacties van de heer Hoedemaeker, de heer Tuijn en de heer Pauw op dit, deze bijdrage denk ik? Dus heel kort. Mijnheer Hoedemaeker, de heer Tuijn en de heer Pauw.
    De heer Hoedemaeker (D66): Ja kort, want ik zit even met mijn oren te klapperen, want het gaat dus om de energiearmoede. Volgens mevrouw De Boer komt omdat we versneld van het gas af moeten. Terwijl het nou juist de exorbitant hoge gasprijzen zijn die de mensen in hun portemonnee raakt, dus ik ben heel benieuwd hoe u dat, hoe u op tot die conclusie komt?
    De voorzitter: Mevrouw De Boer.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Nou, daar ga ik heel graag met mijnheer Hoedemaeker in gesprek, maar die bewaren we even tot het Zaanstad Beraad want dat vergt echt veel te veel om daar nu op in te gaan.
    De voorzitter: Mijnheer Tuijn.
    De heer Tuijn (PvdA): Nee, niets toe te voegen op de vraag van de heer Hoedemaeker.
    De voorzitter: Mijnheer Pauw.
    De heer Pauw (ROSA): Nou, je moet het natuurlijk een beetje nuanceren wat de heer Mattens zegt met betrekking tot de natuur zijn gang laten gaan in de stad, want dat kan natuurlijk niet overal. Maar dat kan op een heleboel plekken wel en ik wil er met nadruk op wijzen dat een van de gebieden waar wij het meest trots op zijn, daar heeft de natuur zijn gang kunnen gaan jarenlang en dat is het Hembrugterrein. Dus, en dat is zeker een kwaliteit. Dus het kan soms wel, maar wel genuanceerd.
    De voorzitter: Mijnheer Hartog.
    De heer Hartog: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik heb geboeid geluisterd naar het betoog van de heer Mattens. En ik vraag me daarbij af hoe hij combineert dat wij naar de inwoners moeten luisteren en de idealen moeten bewerkstelligen? Want ik luister zelf veel liever naar de heer Mattens dan naar de meerderheid van de bevolking, omdat ik weet dat de meerderheid van de bevolking twee auto’s voor de deur wil en geen trein, en niet met de trein wil, en drie keer op vakantie wil naar een zonnig land. En dan vind ik dat verhaal van de heer Mattens een stuk interessanter. Dus ik ben toch even benieuwd hoe de heer Mattens ervoor gaat zorgen dat die twee dingen bij elkaar komen? Want dat zou nog een hele kunst zijn vrees ik.
    De voorzitter: Eerst de heer Mattens en dan de rest van de raad die daar weer op wil reageren. Mijnheer Mattens.
    De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Hoe krijgen we mensen mee heeft te maken met het eerlijke verhaal vertellen en dat overal laten horen. Het KNMI kwam onlangs met een bijgestelde prognose. We gaan naar 1,2 meter zeespiegelstijging eind deze eeuw, in slechtere scenario’s 2 meter. Met 2 meter zeespiegelstijging in combinatie met een zwaardere storm kan het al betekenen dat binnen 80 jaar, 79 jaar van nu Zaanstad niet meer bestaat. En dan hebben we het nog niet over de prognoses voor 2150 of 2200. Als wij niet veranderen, als wij door blijven gaan met die twee auto’s, met die vliegvakanties, met alle vervuilende industrie, consumptie en alles wat erbij hoort, dan zijn we klaar in Zaanstad en kunnen we verkassen.
    De voorzitter: Wie wil daarop reageren? Mevrouw Mathkor zag ik al een tijdje met de hand omhoog, eerst mevrouw Mathkor.
    De heer Hartog: Voorzitter, nog even.
    De voorzitter: En dan mevrouw Onclin.
    Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Ik sluit me van harte aan bij dat laatste betoog van de heer Mattens. En even naar mevrouw De Boer toe over de stadtuintjes dat dat zo rommelig is. Nou, ik vind het fantastisch juist dat groen tegen de gevels van straten waar heel weinig groen is, en er bestaat ook zoiets als groenadoptie. En …
    De voorzitter: Mevrouw Onclin.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, voorzitter, ik vind het een beetje ironisch dat de heer Hartog net nog een heel pleidooi hier hield voor burgerparticipatie, behalve als de Partij voor de Dieren hun zin kan krijgen want dan moeten we vooral niet naar de burgers luisteren en moeten we vooral doen wat de heer Mattens zegt. Dat vind ik dan een hele wonderlijke draai in, nou, laten we zeggen afgelopen dertig minuten. Maar waar het mij meer om ging is, de heer Mattens vertelt het verhaal alsof we dan allemaal heel blij zijn en zo en heel leuk, maar eigenlijk als ik hem vertaal is wat u zegt, als u op de Partij voor de Dieren stemt, dan mag je geen tegels meer in je tuin hebben, je mag je auto niet parkeren, ik weet niet precies waar je hem dan wel gaat laten, maar in ieder geval niet in deze stad. Je mag als bedrijf niet meer produceren. Ik weet niet hoe we dan al die andere leuke dingen van de Partij voor de Dieren gaan betalen, maar in ieder geval niet met de inkomsten van onze economie. En u kunt nu zeggen, we dwingen helemaal niet, maar u heeft wel degelijk hier heel vaak een pleidooi gehouden dat wij met zijn alleen geen vlees meer moeten eten. Onder andere door gewoon alle restaurants die vlees aanbieden te verbieden, volgens mij noemde u dat branchering. Maar u heeft hier een heel pleidooi gehouden, ieder steakrestaurant in Zaanstad moeten we voortaan verbieden. Dus eigenlijk, voorzitter, vat ik de bijdrage van de Partij voor de Dieren samen als dat we dan heel veel dingen niet meer mogen. En als ik daar dan over aan het nadenken ben dat betekent dan dus automatisch ook dat de heer Mattens voor mij gaat bepalen hoe ik mijn tijd ga indelen. Want dan ben ik dus vervolgens mijn halve weekend kwijt aan het knutselen in mijn tuin, want daar liggen geen tegels meer dus dat moet ik allemaal bijhouden. En als ik dan door de openbare ruimte loop moet ik daar ook nog een bijdrage leveren als ik naar de heer Mattens luister om het openbare deel van het groen te onderhouden.
    De voorzitter: Over de tijdindeling gesproken, er is nog een halve minuut over voor de heer Mattens om te reageren en dan is dit debat beëindigd. Mijnheer Mattens.
    De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Ja, mevrouw Onclin maakt hem wel mooi. Kijk, natuurlijk moeten we … We moeten veel minder gaan doen als individuen, als samenleving. En we moeten burgerparticipatie bevorderen door het juiste, correcte verhaal te vertellen wat ons te wachten staat als we dat niet doen. En als mensen zich daardoor bewust zijn wat daarvan de consequenties zijn, dan wil, dan gaat men automatisch, is mijn verwachting, toch stappen ook in persoonlijke levenssferen maken omdat de consequenties voor jezelf, maar ook voor je kinderen en kleinkinderen zo kolossaal groot zijn dat het het waard is om over dat plantje in uw achtertuin, mevrouw Onclin, heen te stappen.
    De voorzitter: Goed. Daarmee hebben we dit debat beëindigd. Ik heb nog een aantal woordmeldingen gezien, maar ik probeer echt iedereen evenredig wat aan het woord te laten en dat is best lastig, want u wil ook allemaal het woord. Dus dat, en we hebben steeds tien minuten dus ik vraag u ook allemaal te beperken in de tijd zodat iedereen ook aan bod komt. Na de pauze komt eerst D66 en daarna DZ, en voor de pauze hebben we Lokaal Zaans. Mevrouw De Boer.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dank u wel, voorzitter. De laatste Algemene Beschouwingen van deze periode. Als we de balans opmaken, corona, collegecrisis, jeugdzorgtekorten en mislukte participaties. In een nutshell de afgelopen raadsperiode. Nu ligt er een begroting voor. Hij is sluitend, zegt de wethouder. En hij is sluitend, maar vraag niet hoe. Uiteindelijk zal je jezelf in een maatje 38 kunnen wringen terwijl je maat 40 hebt maar comfortabel is het niet, zo is het ook met deze begroting. Lokaal Zaans heeft de afgelopen periode hiervoor gewaarschuwd en met elk geldverslindend voorstel op gehamerd wat de gevolgen zouden zijn. Maar is het grootste goed van dit college dan dat ze een sluitende begroting hebben neergelegd? Is het grootste wapenfeit dat de lokale belastingen dan niet verder dan de inflatie omhoog zijn gegaan? Maar vergeten we daarbij dan niet dat we al een van de hoogste gemeenten waren? Wij vinden het knap dat deze begroting nog zo veel mooie woorden kan wijden aan eigenlijk niks, aan een dode mus. Lokaal Zaans heeft echt gezocht naar positieve zaken, we hebben zelfs een roze bril gekocht, maar het blijft een nietszeggend document zonder visie voor de toekomst. Wij hebben het al vaker gezegd. Waar is die visie? Waar is dat leiderschap? We stoppen nog steeds die vinger in de dijk, doen schietgebedjes naar het Rijk, maar een duidelijk eigen toekomstbeeld schetst dit college nog steeds niet. Dan maar een paar concrete suggesties. Ga over de grootste vraagstukken van dit moment de komende maanden met de hele raad en experts in gesprek. Zorg dat we allemaal invalshoeken, oplossingen, analyses en visies van experts et cetera met elkaar bespreken, zodat er voor straks een toekomstgericht Zaanstad keuzes gemaakt kunnen worden. Niet pas in maart en met alleen de formerende partijen, maar nu met de hele raad, toekomstige oppositie en coalitie. Zorg voor een visie op de lange termijn met duidelijke bijbehorende stappen voor de korte termijn, zodat we eens ophouden met al die losse flodders die hier in de raad voorbijkomen. Wij zien dit in ieder geval graag voor de onderwerpen jeugdzorg en woningbouw. We dragen graag experts aan en hopen dat anderen dat ook doen. Op twee onderwerpen wil ik nog iets dieper ingaan, voorzitter. Wonen. Een paar dagen geleden postte een alleenstaande moeder met drie kinderen een wanhopig bericht op social media. Ze zocht een betaalbare huurwoning, staat al twintig jaar ingeschreven en vist steeds achter het net, zoals zo velen. Ze gaf aan de zevenhonderdste in de wachtrij te zijn. En we weten het allemaal, de wachtlijsten zijn bizar lang. Bouwen, bouwen, bouwen, roepen een aantal partijen. Ja, dat is een deel van de oplossing. Maar tegelijkertijd laten die partijen zich gijzelen door alleen maar binnenstedelijk te mogen bouwen, met alle mobiliteitsproblemen van dien. Maar zoals Lokaal Zaans vaker zegt, voor wie bouwen we nu eigenlijk? Zeker ook voor Amsterdammers, bij monde van wethouder Mutluer. Ze zijn van harte welkom, zei ze laatst. Zeker ook voor vergunninghouders, waarbij we bijna stikken in onze taakstelling. We bouwen in ieder geval niet voor die alleenstaande moeder, voor onze jongeren of ouderen, voor onze Zaankanters, voorzitter. De gemeente Bergen die is zo stoer geweest om ook voor huur- en koopwoningen voorrang te geven aan de eigen inwoners. En durf eens eerlijk te zeggen, die taakstelling voor vergunninghouders die gaan we niet waarmaken komend jaar. Ja, daar vindt het ministerie van BZK wat van en de provincie ook, maar in plaats van te zeggen, dat mag niet van of in strijd met, kun je ook de barricades opgaan. Provincie en Rijk, denk mee over oplossingen, en dan zorg je dat je met veel meer gemeenten daar naartoe gaat om te verantwoorden waarom je wel vindt dat je veel meer moet doen voor onze eigen inwoners. De wanhoop die onze inwoners uitstralen is heel groot. En wie anders neemt het op voor deze grote groep mensen? Niemand. En alsjeblieft niet weer die riedel, we hebben al maximaal opgerekt dat we dertig procent voorrang kunnen geven op sociale huur. Of, we doen alles wat in onze macht ligt. Want als dat echt zo was, waren onze wachtlijsten niet zo lang, waren onze jongeren niet zo wanhopig en zouden niet zo veel Zaankanters noodgedwongen en niet altijd vrijwillig woonruimte zoeken in gemeentes ver boven ons. En let op onze woorden, met het vertrek uit onze gemeente creëren we een nieuw probleem, want als al onze jongeren elders noodgedwongen een huis kopen en wij onze Zaanstreek vullen met Amsterdammers en statushouders, dan hebben we straks nog een groter tekort aan mantelzorgers. Het tweede punt, criminaliteit. Het laatste punt wat ik wil maken is het enorme handhavingstekort, de toenemende criminaliteit en het toenemende drugsgebruik. We hebben het al deze hele periode over de enorme capaciteitstekorten. De problemen zijn gigantisch en we horen het de burgemeester nog zeggen, in Brabant had ik een veelvoud aan mensen beschikbaar en ik schrik ervan dat we in Zaanstad zo weinig capaciteit hebben. De laatste twee jaar hebben we dat steeds minder horen zeggen. Het moet natuurlijk allemaal binnen die sluitende begroting. Maar het zou het college ook sieren om in deze begroting dan niet te verschuilen achter wat we allemaal zo goed doen, maar ook een keer goed man en paard te noemen. Het gaat niet goed, er is echt veel meer inzet nodig. En wat is nu belangrijker, vraag ik ook aan mijn collega’s. Dat we plukgroente verbouwen op een plein waar nu parkeerplaatsen zijn, radijsjes gaan telen in een containertuintje, of dat we eens echt radicale acties inzetten om een kentering teweeg te brengen? Als we het dan hebben over radicale oplossingen, bijvoorbeeld, doe eens voor duurzaamheid alleen wat er vanuit het Rijk moet, met de grote voorwaarde dat er dan ook geld komt vanuit het Rijk. En ik maak mijn laatste zin, voorzitter. Ik snap dat de partij van de Dieren dan zegt, nee dat kan niet, de wereld vergaat, we hebben het net gehoord. Maar ik ga er niet over twisten of dat klopt of niet, maar als we als gemeente niet alles op alles zetten om de criminaliteit terug te dringen, dan vergaat de wereld zeker en heeft onze jeugd geen toekomst. Dank u wel, voorzitter.
    De voorzitter: Mijnheer Hoedemaeker.
    De heer Hoedemaeker (D66): Ja dank u wel, voorzitter. Ja, even een korte opmerking op een van die laatste zinnen. Volgens mij geeft Zaanstad geen cent meer uit aan duurzaamheid zelf dan van het Rijk moet. We moeten een warmtetransitieplan maken, we moeten aan de RES meewerken, en voor de rest hebben we gewoon geen geld.
    De voorzitter: Mijnheer Tuijn.
    De heer Tuijn (PvdA): Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, dat is ook een beetje mijn gevoel, ik zou heel graag juist meer willen doen, daar hebben we het bij mijn betoog al over gehad. En verder vind ik dat er nogal veel zaken door elkaar gehaald worden die eigenlijk helemaal niet te maken hebben met wat kosten oplevert in onze begroting als het gaat over huisvesting, over vluchtelingen. Of we hier nou noodopvang doen of niet, we hebben evengoed onze taakstelling op te lossen om mensen een huis te bieden die met redenen gevlucht zijn. Ik vind dat u een beetje een klucht maakt van het verhaal. Ook dat Zaanstad ten onder gaat aan criminaliteit. Ik ben heel blij dat we goed bezig zijn met ondermijning en dat daar mooie dingen op gebeuren. Ik ben het er ook mee eens dat er heel veel aspecten zijn waarop wat meer handhaving zou kunnen, als we het zouden kunnen betalen. Maar ten onder gaan, ik weet niet waar u de gemiddelde burger van Zaanstad, in wat voor nachtmerrie u die wil drukken vannacht, maar dit, dat gaat echt te ver.
    De voorzitter: Mevrouw De Boer.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, de heer Tuijn noemt dat wij er een klucht van maken. Ja, dat gevoel heb ik heel vaak als ik hier in de raad zit. Ja, en dan denk ik, ga dan toch maar eens echt even kijken wat er allemaal mis is op het gebied van criminaliteit, want nu stopt u wel heel erg uw hoofd in het zand. Er is heel veel mis. En mijn hele punt is dat we dat een keer moeten erkennen en dat we misschien ook een keer moeten zeggen dat we een aantal zaken niet doen, terugleggen bij het Rijk. Voorbeeld is ook een keer jeugdzorg. En ik ben het helemaal met u eens dat u ook zelf aangaf dat er heel veel nodig is voor jeugdzorg maar de vraag is wel, kunnen we dat als gemeente wel aan, of zijn we dat gat aan het vullen met heel veel zaken die we elders moeten doen? En mijn betoog raakt wel degelijk de begroting, voorzitter, want juist die keuzes maken, we zien dat nu ook weer met de Wet inburgering. Blijkt nu alweer dat er geld bij moet. Dat is precies het pleidooi wat wij steeds houden van ja, je kan allerlei taken op je nemen, maar uiteindelijk moet dat wel betaald worden. En wij doen steeds meer op steeds meer terreinen, het Rijk, ik heb het vanavond al eerder gehoord, komt met heel weinig zaken over de brug. Gaan wij al die gaten proberen dicht te stoppen, of zeggen wij, we maken een keer echt goede keuzes en pakken de zaken ook echt een keertje goed aan? En ja, die keuzes doen soms pijn. Want ik ben het ook met uw partij en D66 eens dat we zeker ook met duurzaamheid aan de slag moeten, maar doe het dan niet halfbakken. We hebben in reactie op de heer Hoedemaeker, nou, volgens mij investeren we wel degelijk. We hebben het laatst al weer gehad over die investering in het circulair bedrijf, we hebben de Stappensubsidie. En daarnaast hebben we gewoon ook de taakstelling op ons gelegd, of jullie als college opgelegd, om bij elk beleidsterrein bezig te zijn met duurzaamheid. Dus wij doen wel degelijk veel meer dan wat het Rijk aan ons vraagt.
    De voorzitter: Mijnheer Van Haasen wil hierop reageren.
    De heer Van Haasen (PVV): Ja, ik heb eigenlijk een vraag over wat wij dus doen aan klimaat wat het Rijk ons opdraagt wordt dus gezegd, we doen niks extra’s. Ik wou vragen of er een wet bestaat dat wij voor 42.000 sedumtuintjes op bushokjes moeten plaatsen, of die door het Rijk opgelegd is of door iemand uit zijn grote duim gezogen is? Dank.
    De voorzitter: Mevrouw De Boer.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dat kan ik alleen maar enorm beamen wat de heer Van Haasen als voorbeeld geeft, maar die vraag zou ik dan inderdaad doorgeven aan de twee sprekers hiervoor.
    De voorzitter: Ja, ik denk dat de heer Hoedemaeker hierop, of de heer Mattens, een van beiden.
    De heer Hoedemaeker (D66): Ja, laten we die ook maar voor het Zaanstad Beraad bewaren, voorzitter.
    De voorzitter: Mijnheer Mattens, kort.
    De heer Mattens (PvdD): Ja, nee, dat is gewoon onderhoud van de openbare ruimte. En dan kun je kiezen of je geld uitgeeft aan uitsluitend stoeptegels, of dat je ook nog een mooi aspect toevoegt aan de openbare ruimte lijkt mij.
    De voorzitter: Mevrouw Mathkor.
    Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Ja, dank u. Even over een ander punt, want ik hoor mevrouw De Boer eigenlijk zeggen, statushouders, ja, die moeten we eigenlijk niet helpen. Ik weet niet of ik dat goed hoor, maar wat moet er dan met ze gebeuren eigenlijk? Want u weet ook dat daarvoor de azc’s op het ogenblik vreselijk verstopt zijn, dat kan ook toch niet de bedoeling zijn?
    De voorzitter: Mevrouw De Boer.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dank. We raken wat dat betreft natuurlijk ook aan een landelijke discussie met opvang in eigen regio, maar volgens mij is dat niet de plek om dat hier te benoemen. Waar het mij om gaat is dat wij, en met ons steeds meer gemeenten, echt stikken in de taakstelling. Dat wil niet zeggen dat je niet deze mensen zou moeten helpen, maar de manier waarop we dat nu doen en de taakstelling voor gemeenten wordt opgelegd, dat is bizar. En dat gaat gewoon echt ten koste van al onze eigen inwoners, van die gescheiden vrouw die met kinderen echt op zoek is naar een woonruimte al zoveel jarenlang. En dat zijn allemaal zeer wanhopige berichten. Ja, en ik denk dan op een gegeven moment moeten we dan ook gewoon als gemeente durven zeggen, ja, deze taakstelling is te groot. Rijk, voorzie ons van een andere oplossing.
    De voorzitter: Mijnheer Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, richting mevrouw Mathkor, zou een hele goede oplossing kunnen zijn om ervoor te zorgen dat de voorrang op het verlenen van een sociale huurwoning aan deze mensen, dat we daar nou eens mee stoppen. In plaats van elke keer maar roepen, we halen zoveel mogelijk binnen. Op dit moment zien we gewoon dat niet alleen de wachtlijst verstopt raakt, maar ook de opvangplaatsen raken verstopt. Op welk moment ga je dan eens een keer zeggen, het is nu klaar. Want nu wordt er elke keer hapsnap opvang geboden, op hapsnap moet de heer De Vries weer op zoek naar ruimte in Krommenie voor die mensen. Dat legt een enorme druk ook op de woningbouw, want als we dan even teruggaan naar wat de heer Zoomermeijer zegt, tien sociale huurwoningen en we vangen gewoon vierhonderd mensen op in de Achtersluispolder. Als die allemaal een huis moeten krijgen, dan met tien woningen, dan gaan we het gewoon niet redden. Dus komt u nou eens met een oplossing in plaats van te roepen, dus u wilt ze niet helpen. Dat hoor ik niemand zeggen, dat is de kaart die u altijd meteen uitspeelt. Gaat u ervoor zorgen dat we gewoon veel minder van deze mensen binnen gaan halen en ervoor gaan zorgen dat we op een normale manier huisvesting kunnen voeren.
    De voorzitter: Mevrouw Mathkor.
    Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Ja, nou wat u zegt over het hapsnap-beleid van de regering, daar kan ik het helemaal mee eens zijn. Dat is inderdaad een hapsnap-beleid. Maar u weet ook drommels goed, en dat zeggen wij elke keer, vluchtelingen die hebben geen eigen huis, die hebben geen eigen haard, dat is toch heel wat anders dan bijvoorbeeld starters hier en die moeten we zeker helpen.
    De voorzitter: Mijnheer De Haas.
    De heer De Haas (ROSA): Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, in aanvulling op wat mevrouw Mathkor zegt, de kaart die altijd getrokken wordt is dat de woningen die we moeten verlenen aan statushouders, dat die dit probleem zouden gaan oplossen als we dat niet meer doen, terwijl het in werkelijk een druppel op de gloeiende plaat is van het woningtekort in heel Nederland, ook in Zaanstad. Dus dat is één. Ten tweede, ik hoor allerlei taakstellingen die we terug zouden moeten geven aan het Rijk. Als dat de oplossing is dan zie ik, hoor ik graag van mevrouw De Boer hoe je dat teruggeeft aan het Rijk en wat we in die tussentijd gaan doen? Gaan we dan die jeugdzorg niet meer verlenen en zeggen we gewoon, alsjeblieft Rijk, hier heb je het? Ik hoor allemaal dingen die al genoemd zijn en die vanuit de raad ook op meerdere vormen ook richting Den Haag geuit zijn, dat onze taakstellingen te zwaar zijn, dat we er te weinig voor krijgen, maar ik hoor weinig reële voorstellen over hoe we dat op zouden kunnen lossen.
    De voorzitter: Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, nou, dit is er weer zo een, zo’n kaart van, ja, maar u doet nou net alsof het de schuld is allemaal van de asielzoekers. Dat zegt toch helemaal niemand. Het is de schuld van het grote aantal wat je binnenhaalt, waar vanuit het Rijk een enorme taakstelling op gezet wordt. Dus als je vierhonderd huizen hebt en je hebt een taakstelling van vierhonderd moet je die halen, en dan ga je een voorrang verlenen op de mensen die nu op die lijst staan. Dus het is niet dat het de schuld is van die mensen, het is de schuld van degenen die beleid maken in Den Haag. En hier in deze stad zouden we gewoon eens een keer het lef moeten hebben om te zeggen, nee, dat gaan we niet doen, maar die ballen heeft niemand hier.
    De voorzitter: Mevrouw De Boer tenslotte tot haar bijdrage.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dank u wel, voorzitter. Nou ja, dat is ook precies wat ik beoog hè, lef. Durf nou eens te zeggen dat je dat niet aankan en dat je kiest voor echt die wanhopige inwoners die we hebben. Die ons ook steeds, dat denk ik terecht een beroep op ons doen van, gemeente, help ons, voorzie ons nou van een woning, want die zien het ook met lede ogen aan. En ik ben het met ze eens dat het heel erg erop lijkt dat we wel bereid zijn allemaal anderen te helpen maar niet onze eigen inwoners. En volgens mij hebben we daar met zijn allen een oplossing te doen. En als ik mag, nog één kleine reactie naar mijnheer Haas, De Haas, die zegt, ja, weinig reële oplossingen. Daarom in het begin van mijn betoog, de jeugdzorg is zo groot, zo belangrijk en nee, daar kunnen we niet morgen mee stoppen, maar het belang ervan is dat we echt met elkaar, met experts in gesprek gaan, kunnen wij dit wel als gemeente aan of moeten we een traject voor een langere termijn uitzetten met stapjes daartussen om het weer over te dragen aan bijvoorbeeld de provincie of het Rijk. Want wij, we kunnen als gemeente niet alles maar doen met de beperkte middelen die we hebben, willen we de dingen goed doen. En volgens mij moeten we met elkaar de dingen goed willen doen.
    De voorzitter: Dank u wel. Het is vijf over negen. Om tien voor half tien gaan we verder met de tweede helft, te beginnen met D66 en DZ. Fijne pauze gewenst.
    De voorzitter: Goed, dames en heren, wilt u gaan zitten? Plaatsen weer innemen, zodat we met aandacht kunnen luisteren naar de bijdrage van D66. Daarna is DZ aan de beurt en daarna de POV. Maar we beginnen met mijnheer Hoedemaeker van D66.
    De heer Hoedemaeker (D66): Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, voor ons ligt de laatste begroting van dit college voor 2022 en verder. Complimenten dat het college in deze moeilijke financiële tijden toch met een sluitende begroting komt. Wie verder leest ziet echter dat hier eigenlijk harde bezuinigingen achter zitten. Harde bezuinigingen die niet direct zichtbaar zijn, omdat het vooral gaat over belangrijke investeringen en lastenverlichtingen die niet of nog niet mogelijk blijken. Het college noemt onder andere handhaving, onder andere op het gebied van woningsplitsing en verkamering, het inlopen van achterstanden in de openbare ruimte, de openbare toiletten, afschaffing van de hondenbelasting, verlagen van de leges grafrechten. Wij zouden daar graag als D66-fractie nog een aantal belangrijke investeringen aan willen toevoegen. Ten eerste investeren in het bestrijden van de energiearmoede, bijvoorbeeld via een structurele dotering aan de Stappensubsidie verduurzaming van Zaanse woningen. De huidige gasprijscrisis laat zien hoe belangrijk dit is. We moeten daarbij de slechtste huizen het eerst aanpakken samen met de corporaties, zodat minder Zaankanters letterlijk in de kou komen te zitten. Overigens worden de financieel zwakkere Zaankanters niet alleen getroffen door energiearmoede. Het college zegt in de begroting een onderzoek toe naar een Stadspas voor minima. Dat lijkt ons een goed idee, mits het niet stigmatiserend gaat werken. Ten tweede, het investeren in de eigen organisatie van de gemeente. De zogenaamde commissie De Vries heeft goed werk geleverd met het boven water krijgen van de knelpunten die er zijn en aan de slag gaan met deze knelpunten zal volgens ons ook een financiële impact hebben. Dan cultuur. We hebben de cultuursector succesvol door de coronacrisis geholpen en D66 is daar trots op. Een van de maatregelen was het verlagen van de leges voor kleine evenementen, wij willen die maatregel voor de komende jaren verlengen. Ten slotte moeten we ook investeren in inclusiviteit en toegankelijkheid. Als gemeente zijn we gehouden aan het VN-verdrag Handicap en dat gaat meer over dan alleen fysieke toegankelijkheid en het vraagt bij bijna alle beleidsterreinen om aandacht, ook in financiële zin. Verder overwegen wij een aantal amendementen voor wat kleinere bedragen. Voorzitter, wensen genoeg, maar de financiële situatie van de gemeente laat broodnodige extra investeringen niet toe behoudens de positieve septembercirculaire die vandaag met ons gedeeld is en die we nog eens moeten lezen. Een groot deel van het probleem ligt in de sterk schommelende en de structureel te lage rijksbijdrage vanuit het gemeentefonds. De unieke positie van Zaanstad als nabije buur van Amsterdam met alle grootstedelijke problematiek die daarbij hoort, wordt volgens ons onvoldoende onderkend in de verdeelsleutel. Bovendien is er iets mis met de trap-op trap-af systematiek. We gaan gemakkelijk trap af bij rijksbezuinigingen, maar we gaan niet trap op nu de Rijksoverheid weer veel meer geld uitgeeft. Geen taken zonder knaken is het motto van de VNG en wij blijven dit in Den Haag aan de orde brengen. Voorzitter, aan het betrekken van de inwoners bij de gemeentelijke politiek en besluitvorming is veel aandacht besteed in de afgelopen periode. Bij projecten zoals de herinrichting Peperstraat en de Eilanden van Hain zien we dat dit nog lang niet altijd goed gaat. Op andere plekken in Zaanstad, zoals in Kogerveld, voelen de inwoners zich wel gehoord. We moeten leren van deze ervaringen en spoedig komen tot een duidelijk omschreven participatiebeleid. In de concept-Omgevingswet staat nu dat de ontwikkelaar verantwoordelijk is voor het participatietraject. Wij weten inmiddels dat dat niet werkt. Er komen nog moeilijke besluiten aan zoals de implementatie van de RES 1.0, waarbij de inwoners nadrukkelijk bij moeten worden betrokken op een goede manier. We maken ons zorgen over het gebrek van vertrouwen van onze inwoners in de politiek, maar volgens ons is het vertrouwen van de politiek in de inwoners nog veel belangrijker. Wij moeten hierbij ook oog hebben voor het vertrouwen van inwoners onderling. Sociale cohesie is een belangrijk speerpunt, zeker met het snelgroeiende inwonertal van Zaanstad. Buurtfuncties worden steeds belangrijker, er zijn gelukkig heel veel particuliere initiatieven in de samenleving en het is aan ons om deze initiatieven te faciliteren en tot bloei te laten komen. Een goede digitale informatievoorziening is daarbij cruciaal. De zoekfunctie op de gemeentesite laat nog wel eens te wensen over. Voorzitter, de jeugdzorg blijft een ingewikkeld dossier. Wij moeten het komende jaar veel geld investeren in effectiviteit om uiteindelijk tot structureel lagere kosten te komen. Op het moment dat onze jeugd aanspraak maakt op jeugdzorg is hun situatie eigenlijk al te ver geëscaleerd. Zeker nu na corona moeten we extra aandacht besteden aan onze jeugd. Laten we samen met het onderwijs, de culturele sector en het Sportbedrijf kijken waar de krachten kunnen worden gebundeld om onze jongeren zoveel mogelijk uit de jeugdzorg te houden. Bij goed zorgen voor onze jeugd hoort ook goede huisvesting. De woningnood is hoog en D66 pleit al enige tijd voor onorthodoxe maatregelen ook voor tijdelijke woningen. We zijn trots dat we op korte termijn hebben kunnen zorgen voor vierhonderd tijdelijke opvangplekken voor asielzoekers en we hebben hiermee bewezen dat dat kan. Zet nu door. Laten we voor 16 maart 2022, dat is de dag van de verkiezingen, ten minste twintig tiny houses in Zaanstad plaatsen. Tot zover, voorzitter.
    De voorzitter: Exact binnen de tijd en volgens ons ook de eerste keer dat u een bijdrage als in de Algemene Beschouwingen heeft geleverd. Wie wil erop reageren? Mijnheer Van Haasen en dan de heer Wit.
    De heer Van Haasen (PVV): Ja, bedankt, voorzitter, ik heb een vraag aan mijnheer Hoedemaeker. Hij heeft het over dat de participatie niet werkt als een ontwikkelaar dat moet organiseren en dat dat via de Omgevingswet eigenlijk standaard gaat worden. Heeft hij een andere oplossing hiervoor om dit door de gemeente te laten organiseren en hoe wil u dat dan financieren? Dank u.
    De voorzitter: Mijnheer Hoedemaeker.
    De heer Hoedemaeker (D66): Ja, ik denk dat wij als gemeente heel duidelijk de regie moeten pakken op het participatietraject van dit soort grote ontwikkelingen. En zeker, zoals portefeuillehouder Krieger ook heeft gezegd in het debat over de Peperstraat, als het van dit soort ingrijpende gevallen betreft waarbij bewoners moeten verhuizen. En dat hoeft volgens ons niet heel vreselijk veel extra geld te kosten, maar het gaat er juist om dat je gewoon goede spelregels aan de voorkant implementeert, dat je ervoor zorgt dat mensen weten wat ze te wachten staat als ze aan een participatietraject meenemen, maar ook het verwachtingenmanagement goed geregeld is. En dan zul je zien dat bewoners nog lang niet altijd het eens zijn met de besluiten die uiteindelijk worden genomen, maar het gaat erom dat ze zich wel gehoord voelen.
    De voorzitter: Mijnheer Wit.
    De heer Wit (CDA): Ja, dank, voorzitter. Ook dank voor uw bijdrage. U heeft het eerder gehad over een weeffout in de Omgevingswet, en dat had te maken met inspraak participatie. Maar gaat het niet mis omdat je als je iets uitbesteedt aan een private partij en je laat het daarna los, dat je dan zelf je regie niet meer kunt voeren? En is het dus ook niet normaal dat als je een private partij vraagt om te helpen om snelheid te maken, wat op zich ook goed is, dat je nog steeds de vinger aan de pols houdt? En dan hebben we het niet over een weeffout, of wel? Dus dat is vraag één. En u heeft het over onorthodoxe maatregelen en dat die niet genomen worden. Maar ik weet niet meer goed wat u heeft gestemd toen wij tot twee keer toe hebben gezegd, de eerste sociale, de huur van sociale woningbouw, nieuwe Zaanse sociale woningbouw, wijzen we toe aan Zaanse starters. Dat vond ik in ieder geval onorthodox. Weet u nog wat u toen gestemd heeft?
    De voorzitter: Mijnheer Hoedemaeker.
    De heer Hoedemaeker (D66): Nou, uw eerste vraag was over de weeffout, en ik denk inderdaad dat er een weeffout zit in de concept-Omgevingswet zoals die nu besproken wordt. En die lobby voeren wij ook richting Den Haag van, daar moet gewoon echt wat aan gebeuren want je kan niet als ontwikkelaar en partij zijn in een ontwikkeling en dan ook nog de regie moeten houden op de participatie. Dus daar ligt een hele duidelijke taak van de overheid en dat moet gerepareerd worden in de Omgevingswet. Uw tweede vraag, ik denk niet dat wij daarvoor hebben gestemd omdat wij op zich geen voorstander zijn van heel specifiek de gemeentegrenzen gesloten houden voor mensen van buitenaf door alleen Zaankanters voorrang te geven op de woningmarkt. Want dan krijg je dat Zaankanters die elders naartoe willen gaan en een sociale huurwoning willen hebben dan ook tegen worden gehouden door dezelfde soort restrictieve maatregelen. Dus daar zijn we geen voorstander van. Wat wel moet gebeuren is dat er in ieder geval op plekken in de stad, en die zijn er genoeg, waar gewoon de komende tien, vijftien jaar nog niet heel veel gebeurt qua permanente bewoning, dat we daar gewoon heel makkelijk off-grid allerlei tijdelijke dingen kunnen neerzetten zodat we in ieder geval de doorstroming van onze jeugd kunnen bevorderen richting een goede starterswoning.
    De voorzitter: Mijnheer Wit.
    De heer Wit (CDA): Ja, dank u. Dus het stimuleren van sociale woningbouw door die eerste bewoning aan te bieden aan eigen bewoners, dat vindt u al te onorthodox?
    De voorzitter: Mijnheer Hoedemaeker.
    De heer Hoedemaeker (D66): Nou ja, dat heb, ik heb gezegd wat ik daarop gezegd heb.
    De voorzitter: Mijnheer Hartog.
    De heer Hartog: Ja, dank u wel, voorzitter. Voorzitter, de, ik ben blijk met de woorden van de heer Hoedemaeker dat hij erkent dat er een weeffout zit in het participatieonderdeel van de Omgevingswet. Hij vergelijkt daarbij de participatie in de Kogerveld die wel gelukt is met een concreet project, dus die vergelijking gaat denk ik een beetje mank. Het probleem zat hem juist dat na de perspectiefnota hoort een strategienota te komen en dan kunnen de concrete projecten starten. En volgens het college was in die eerste fase van die concrete projecten alleen maar informatie nodig en geen participatie, dus daar zit ook een weeffout. Bent u het met mij eens dat die, dat invloed kunnen uitoefenen op concrete nieuwe projecten naar voren moet worden gehaald zodat mensen het gevoel hebben dat ze ook echt iets in te brengen hebben? Dat is één. Wat de onorthodoxe maatregelen betreft met tijdelijke woningen, ik ben blij dat de heer Hoedemaeker inziet dat een hek om Zaanstad zetten het probleem niet oplost. Want een grootstedelijk gebied opdelen in allerlei kleine gebiedjes lost geen enkel probleem op, dat maakt het alleen maar ingewikkelder. Maar ik heb wel een vraag over die tijdelijke woningen. Zijn dat woningen waarbij je gewoon huurtoeslag kunt krijgen, dus vallen die in de sociale huur? Voor wie zijn ze precies bestemd? En wat gebeurt er dan als die tijdelijke huur opgezegd moet worden, hoe ziet u dan die doorstroming?
    De voorzitter: Mijnheer Hoedemaeker en daarna de heer Mattens.
    De heer Hoedemaeker (D66): Ja, ik zit even, en dat is een lang verhaal, dus ik zit even te kijken. Eerst ging het over de participatie. Ja, alleen informatie verstrekken is inderdaad wat karig als dan vervolgens je medegedeeld wordt dat je in ieder geval op termijn je huis moet verlaten, dus daar ben ik het met de heer Hartog eens. Daar kan ruimhartiger informatie-uitwisseling zou daar moeten plaatsvinden, dus dat is inderdaad een gemiste kans geweest. Overigens is de kwestie Poelen… of Peperstraat bedoel ik, is een lastige omdat de herinrichting van de Peperstraat zo’n beetje randvoorwaardelijk is voor de financiering van de hele herinrichting van Centrum Oost. Dus die plannen waren wat, zijn wat versneld en wat eerder in de uitvoering terechtgekomen dan de rest van de ontwikkeling van Centrum Oost. Maar ik ben met de heer Hartog eens dat dat onvoldoende met de bewoners gecommuniceerd is en dat dat heel veel beter had gemogen. Dan, ja misschien laat ik eerst wat andere … Anders ben ik hem weer kwijt straks ‘…’
    De heer Hartog: Nou, ik wil even nu op dit punt, want …
    De voorzitter: Mijnheer Hartog.
    De heer Hartog: Dank u wel, voorzitter. Want u dreigt nu weer dezelfde fout te maken door het alleen maar over communicatie te hebben, terwijl het juist zo belangrijk is om in die eerste fase werkelijk inspraak te kunnen hebben zodat die plannen nog gewijzigd kunnen worden. Bent u het daarmee eens?
    De voorzitter: Mijnheer Hoedemaeker.
    De heer Hoedemaeker (D66): Ja, waar ik zeg communicatie bedoel ik natuurlijk twee richtingen communicatie, dat sowieso. En dat er uiteindelijk een besluit valt wat voor heel Zaanstad een goed besluit is. En misschien niet per se voor de inwoners die het aangaat, dat is vers twee, dat is, het is ook niet zo dat als je participeert als inwoner dat je altijd gelijk moet krijgen, maar je moet wel inderdaad je ideeën hebben kunnen aandragen en je moet ook wel het gevoel kunnen hebben dat daar ook wat mee gedaan is. En als daar niets mee gedaan wordt, dan moet dat goed uitgelegd worden en goed beargumenteerd worden. Dus dat ben ik helemaal met de heer Hartog eens. Dan over de tiny houses zoals we die voorzien. De bouwkosten van dat soort dingen zijn niet heel erg vreselijk hoog, het zijn echt hele kleine modulaire units. Dus de huurprijzen, als het al verhuurd zou moeten worden, zullen navenant laag kunnen zijn, ook omdat je niet specifiek de grond in eigendom hoeft te hebben voor om iets neer te zetten. Dat zou je ook kunnen verpachten eventjes op een bepaalde manier, en dat zijn geen grote oppervlakten. En zo’n tiny house kan dan inderdaad, als de persoon doorgestroomd is kan dan weer snel daar gebruikt worden of kan op een andere plek neergezet worden op moment dat er permanente woningbouw mogelijk gaat zijn. Dus het is een extra schil, een flexibele schil, voor onze woningmarkt die je gewoon op die manier in kan zetten.
    De voorzitter: Mijnheer Mattens.
    De heer Mattens (PvdD): Dank u, voorzitter. Ja een korte vraag aan de heer Hoedemaeker. Ik hoor u over structurele dotering aan de Stappensubsidie. Nou is de teneur, er is geen geld dus dat zal wel moeilijk zijn. Maar ik vraag me af, is dit de wens van D66 of komt u hiermee ook met een amendement op de begroting?
    De voorzitter: Mijnheer Hoedemaeker.
    De heer Hoedemaeker (D66): Nou, zoals ik in mijn bijdrage heb gezegd hebben we net een paar uur geleden de septembercirculaire gekregen en daar zit misschien wel wat ruimte, als ik dat eerst de lezing heb. Dus dat zou kunnen dat we daar met een amendement op komen ja.
    De voorzitter: Nog anderen? Mevrouw Onclin.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, voorzitter, als er dan toch niemand anders was nog een korte vraag aan mijnheer Hoedemaeker, want u pleitte voor het structureel laag houden van de leges voor kleine, vooral culturele evenementen. Dan vraag ik mij af, eigenlijk zouden wij twee jaar geleden een bezuiniging doorvoeren op de cultuursubsidies door een paar jaar niet te indexeren. Zou u bereid zijn om die leges laag te houden door die niet-indexatie alsnog in te voeren, zodat de grote culturele instellingen eigenlijk de kleine instellingen daarmee zouden helpen? Dank u wel.
    De voorzitter: Mijnheer Hoedemaeker.
    De heer Hoedemaeker (D66): Ja, daarmee insinueert u eigenlijk dat de grote cultuurinstellingen op dit moment ruim in hun budgetten zitten. En, nou, ze staan niet op omvallen maar dat ze het echt heel breed hebben dat is denk ik lastig. Dus dat zou ik even goed moeten narekenen en dan zou ik heel concreet moeten zien om hoeveel geld het dan gaat en of dat gedragen kan worden.
    De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we door met DZ en daarna POV en CDA. Mevrouw Rot heeft het woord.
    Mevrouw Rot (DZ): Dank u wel. Voorzitter, de afgelopen negentien jaar heeft Democratisch Zaanstad zaken naar voren gebracht waarvan wij zagen dat die speelden en van belang waren in onze gemeente. Volgend jaar vieren we ons jubileum, dat zowel confronterende aspecten kent in positieve als in negatieve zin in. Positief is ons bestaansrecht, waarvoor wij elke supporter, ambassadeur, stille kracht, informant, flyerbezorger, et cetera, in de loop der jaren en ook nu ontzettend dankbaar zijn. Kennis en expertise die zich niet uit laat drukken in geld en belang. Negatief omdat er zo weinig veranderd is. Niet omdat wij niet willen, nee, omdat politiek gaat over eten of gegeten worden. Over, jij bent aardig en jij niet. Je bent te principieel, je toon verkeerd. Ik ken jou niet en o ja, Aart Molenaar. De man die politiek niet als een spelletje zag streed in al zijn oprechtheid voor dat wat hij zag als rechtvaardig. Soms hoekig, tegen beter weten in en op het laatst met de verkeerde toon. Maar hemel, hij kan niet uitgewist worden en zijn daden eveneens niet. Mevrouw Boom, na de verkiezingen ingehuurd als verkenner, beeldde het destijds zo mooi uit. De gekke man die opstond om in zijn eentje in een heel groot veld te dansen op muziek. Dat is Democratisch Zaanstad, hield zij u voor. U vindt hen moeilijk, ongrijpbaar, een beetje eng. Maar zij zijn u in sommige opzichten ver op voor. En als u niet volgt zult u worden ingehaald door hen, de tijd, uw inwoners, aldus oud-burgemeester van Amsterdam, Cohen. En om dat laatste gaat het, ook al vergeten de meeste mensen in deze zaal dat vaak. Volgens Ipsos heeft 61 procent van de mensen weinig of heel weinig vertrouwen in de landelijke politiek. Wij vragen ons af of dat hier in Zaanstad anders is. Ook in Zaanstad gaat het vaak niet om wat de inwoners willen dat wij met hun belastinggeld doen, maar om eigen agenda’s. Bij de laatste gesprekken over de nieuwe coalitie nadat de laatste gesneuveld was, ging het over, wie doet het met wie? Jos, Juliëtte, wie van jullie wordt er wethouder? We keken elkaar verbijsterd aan. Naïef verkerend in de veronderstelling dat het eerst zou gaan, excuses, over inhoud. Wat een beginnersfout en dat na negentien jaar. Volgend jaar is ons jubileum. Twintig jaar op een zelfgekozen pad. Verandering door daadkracht, voorstellen beoordelen op de inhoud, niet op hun herkomst. Geen Aart Molenaar, geen Jos Kerkhoven en geen Juliëtte Rot. De inhoud. Want wat als de spelers en hun woorden verdwijnen uit het politieke spel en hun daden overblijven? Welke keuze maakt u dan als zittende macht? Valt er dan nog wat te kiezen of zult u uiteindelijk gedwongen worden om de keuzes van u en onze inwoners gestand te doen staan, uit te voeren, volksvertegenwoordiger te zijn in de letterlijke zin des woords? En hoe vallen verkiezingen dan uit? Is uw macht dan nog in beeld? Onze Algemene Beschouwingen richten zich dit keer niet als goed gebruik naar uw agenda die aan ons is voorgelegd. Democratisch Zaanstad kiest ervoor om twee voorstellen in te dienen waarvan wij denken dat deze bij kunnen dragen aan herstel van vertrouwen in de lokale overheid. Het eerste is een motie die vraagt om een raadsenquête naar de veiligheid ten aanzien van de stortplaats Nauerna. Het tweede is eveneens een objectief onderzoek naar het tot nu toe gevoerde beleid omtrent de omzetting van erfpacht naar vol eigendom. Voor beide onderzoeken hebben wij financiële dekking gevonden. Want zoals zo vaak worden voorstellen afgewezen op basis van het argument geld. Maar voor uw agenda is altijd geld. Aangezien het geld dat u uitgeeft geld is van onze inwoners van onze gemeente en ons land, moet niet uw agenda leidend zijn maar hun agenda. U en ik zijn ingehuurd door deze zelfde inwoners. Om goed te doen met hun geld, om uit te voeren wat zij wensen, het is tenslotte hun belastinggeld. Zij hebben de leiding, zij kiezen ons. Wij hopen met de aankomende verkiezingen het credo, wij weten wat goed voor u is, letterlijk en figuurlijk uit te bannen. Daar gaan we voor, dat is onze agenda. En die van u?
    De voorzitter: Dank u wel. Wie wil daarop reageren? Mijnheer Tuijn.
    De heer Tuijn (PvdA): Nou, meteen maar even op die laatste vraag, wat is onze agenda? Daar hebben wij een heel uitgebreid ledenbestand voor in Zaanstad, en onze agenda wordt daardoor mede bepaald. En u lijkt een soort twijfel te trekken over het democratisch gehalte binnen ander partijen, of dat zij landelijk zijn en niet gemeentelijk georiënteerd. Dat zijn allemaal mensen die in Zaanstad wonen die daar bij ons over meedenken, en die ook hun wensen hebben en die aan ons kenbaar maken. En die schrijven wij dan op en daar gaan we mee aan de slag. Dus volgens mij is dat een heel mooi proces wat helemaal niet in de weg staat van wat u net zegt. En dat punt over die vraag van die wethouder, dat heb ik echt hele andere herinneringen aan.
    De voorzitter: Mijnheer Wit.
    De heer Wit (CDA): Ja, dank u. Ja, ik probeer eruit te halen, want als u, zegt u dat de politiek meer dienstbaar moet worden aan de samenleving? Want daar kan ik me honderd procent in vinden, ja.
    De voorzitter: Mevrouw Rot, wilde u daarop reageren, op beide reacties?
    Mevrouw Rot (DZ): Ja, dat heeft mijnheer Wit goed, voorzitter.
    De voorzitter: Nog andere reacties op de bijdrage van mevrouw Rot? Nee? Dan gaan wij door naar de POV, daarna het CDA en daarna GroenLinks. Mijnheer Van der Laan heeft het woord.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, dank u wel, voorzitter. De laatste beschouwingen van een raadsperiode vanavond. Altijd wel een mijlpaal. Want volgend jaar, voorzitter, zit hier een nieuw college en dat is maar goed ook. Want als het aan dit college ligt rijden er behalve elektrisch geen auto’s meer in dorpen, kan je nergens meer parkeren, heeft iedereen een moestuin op zijn dak, fietsen we allemaal met een verlengsnoer in onze fietstas op een elektrische fiets naar het werk, het liefst buiten Zaanstad, want de florerende bedrijven zijn de stad uitgejaagd, en kan je niet meer normaal op de stoep lopen door de oplaadkabels, de laadpalen en rolcontainers. Er groeit prei en bloemkool op de zo geroemde geveltuinen en we knagen de hele dag op rabarber en selderijstengels omdat vlees zielig is. We wippen niet meer thuis met onze partner, maar we wippen alleen nog maar tegels, want dan kan daar een plantje in. Gezellig. Als het aan dit college ligt zijn alle ouderen en inwoners met een beperking vereenzaamd, kunnen en mogen ze niet meer meedoen aan de maatschappij omdat het openbaar vervoer is wegbezuinigd. Ze kunnen elkaar niet meer ontmoeten omdat alle voorzieningen in de wijken zijn verdwenen. Lekker even winkelgebieden in gaan ze ook al niet meer, want stel dat je moet plassen, dan ben je de sjaak. De openbare toiletten zijn wegbezuinigd en voor rolstoelers en visueel beperkten is het winkelen bijna onmogelijk. Maar ja, die zijn lastig. Aanpassingen kosten geld, en dat kan te gek ook. Pinnen kunnen onze inwoners straks ook niet meer, want dat is zo 1980. En autorijden is met 2,10 euro voor een liter benzine zo goed als niet meer haalbaar. Als het aan dit college ligt zitten met de huidige gasprijzen onze gepensioneerden en Zaanse inwoners met een laag inkomen of uitkering met een dekentje voor het houtvuur dat ze in de kamer hebben aangestoken met de keukendeurtjes en de servieskast van tante Annie, omdat ze niet 40 tot 50.000 euro hebben om van het gas af te gaan en betalen ze zich blauw aan elektra omdat zonnepanelen de investering niet terugverdienen. Voor sommigen is de energierekening zelfs al verdubbeld en de tweedeling tussen arm en rijk is een nog groter feit, het is verbijsterend. Als het aan dit college ligt staat heel Zaanstad vol met windmolens en kunnen bedrijven zich hier niet meer vestigen omdat er geen mogelijkheid is om op stroom aangesloten te worden. Er worden geen panden meer vernieuwd en geen nieuwbouw meer gepleegd omdat alles beeldbepalend is geworden. En Zaanstad heeft in plaats van de Omgevingswet een alomvattend voorbereidingsbesluit en is de wachtlijst voor een woning opgelopen naar dertig jaar, omdat we niet vierduizend woningen bouwen in vier jaar, maar zelfs nog geen duizend. Maar voorzitter, laat ik mijn bijdrage positief beginnen. De afgelopen vier jaar hebben we als Partij voor Ouderen en Veiligheid toch wel wat bereikt. Dank voor de steun en samenwerking aan, zoals we het al vaker gezegd hebben, toch wel coalitie als oppositie in alle onderwerpen. Want wat hebben we binnengehaald? Om te beginnen natuurlijk het niet doorgaan van het Cultuurcluster, het preventief fouilleren, visueel gehandicapten kunnen zelfstandig stemmen, de uitvoering van het verdrag voor de gehandicapte mens, een onderzoek naar een coffeeshop in de Noord, bestuurlijke boetes voor de ouders van een kind met een mes, de belbus in Westzaan, een taxiplaats voor de Dam en het station, twee extra invalideparkeerplaatsen bij het Zaantheater, een openbaar toilet bij de Hempont, een overdekte wachtruimte bij de Hempont, een betere begeleiding van ex-gedetineerden naar werk, een aanpak van Surant in het Veldpark, het breder trekken van Pact Poelenburg, Babbels Live heeft een plek gekregen in Groen Waterrijk, en de sportschool Westerkoog, wethouder, die blijft volgens mij in die wijk. Maar we willen wel de Zaankanters attenderen dat stemmen op partijen in dit college ook consequenties heeft. Zo wordt even stiekem de gft-route afgeschaft, want die is te duur. Kosten, 160.000 euro. Krijgen Zaankanters dan een vermindering op deze belasting? Nee, voorzitter. Het geld wat hiermee vrijkomt wordt ingezet op het gebied van afvalinzameling in Poelenburg Peldersveld, de kosten zijn 173.000 euro. Nog meer geld naar Poelenburg, het is wederom een bodemloze put geworden. Heel Zaanstad moet de zomerroute inleveren omdat er extra inzet op afvalinzameling in Poelenburg Peldersveld komt. Het is toch niet uit te leggen. Daarom adviseren we met de verkiezingen in 2022 om op de Partij voor Ouderen en Veiligheid te stemmen, want dan kan dit teruggedraaid worden. Dan gaan de gemeentebelastingen omlaag waar het kan en zal de hondenbelasting definitief verdwijnen, want ook dat is dit college na vier jaar opnieuw niet gelukt maar worden er wel miljoenen aan onzinnige subsidies verstrekt. Er is dit college veel niet gelukt en de volgende periode gaan we proberen dat wel te realiseren. Even wat op een rijtje, de voorrangsregeling voor statushouders op een sociale huurwoning afschaffen, de blauwe zones blijven en parkeren in Wormerveer op bijvoorbeeld het Marktplein blijft gratis, de vrouwen voelen zich veilig op straat omdat de openbare ruimte veilig is, en niet zoals nu veel donkere plekken, straatverlichting werkt. Ik ben bijna klaar, voorzitter. Er komen bewakingscamera’s bij alle NS-stations en de bestaande camera’s die we hebben worden vernieuwd, we bouwen voldoende woningen voor jongeren en ouderen, de ouderen stromen door naar knarrenhofjes of Thuishuis, en capaciteit voor handhaving en politie zodat ze veel meer zichtbaar worden op straat, Zaankanters met een beperking moeten zelf mee kunnen doen, die kunnen dat dan ook. En daarom 16 maart, Partij voor Ouderen en Veiligheid, want wij houden ons wel bezig met Zaankanters, wij zijn wel betrokken. Altijd, niet alleen als er verkiezingen zijn. Dank u wel, voorzitter.
    De voorzitter: Mevrouw Onclin en dan de heer Wit.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, voorzitter, ik heb wel een vraag voor mijnheer Van der Laan, want begrijp ik goed dat de POV dus ook bereid is om bestuursverantwoordelijkheid te nemen en deel te nemen aan een volgend college?
    De heer Van der Laan (POV): Nou, voorzitter …
    De voorzitter: Mijnheer Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): … dat zijn we wel. Als het gaat over wat mevrouw Rot net zegt, als het gaat over de inhoud en als het niet gaat over de toon. Dus als we daar een compromis in kunnen vinden. Ik heb vorige keer met de onderhandelingen bijna vier uur met mijn broek op mijn enkels gezeten en dat ga ik niet meer doen. Dus ik kan u vertellen, als we er op een goede manier zaken in kunnen doen, nou, dan vindt u ons zeker aan uw zijde en we zullen zeker constructief zijn. Dus het antwoord is volmondig ja.
    De voorzitter: Mijnheer Wit.
    De heer Wit (CDA): Ja, dank, voorzitter. Nou, ik zou bijna benieuwd zijn hoe dat gaat worden. Maar u bent ook van de veiligheid en u praat over statushouders alsof het tweederangsburgers zijn, maar het zijn mensen die zijn gevlucht voor hun leven, was niet zeker. En wij zijn een beschaafd land waarin we dat soort mensen plaats bieden zolang het nodig is. Onveilige gebieden, die mensen zijn welkom. En u zegt, ja, die tellen eigenlijk niet mee. Dus als u verantwoordelijkheid wil nemen, hoe ziet u dat in de volgende periode met statushouders? Wilt u dat nog een keer toelichten?
    De voorzitter: Mijnheer Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, ik roep al twaalf jaar dat luisteren in deze zaal gewoon echt een expertise moet worden. Ik zal u de tekst van mijn betoog doorsturen en daar ziet u nergens dat ik zeg dat vluchtelingen tweederangsburgers zijn. U doet nu hetzelfde als wat er elke keer gebeurt, een soort van kaart opsteken. Het enige wat wij zeggen is dat we moeten stoppen met die voorrang. Wij vinden dat je op een andere manier daarmee om moet gaan. En dat is een mening die u misschien niet deelt, maar wij zitten daar wel zo in. En daar kan je volgens mij prima over overleggen, want volgens mij was de VVD samen met ons voorstander van het afschaffen van de voorrangsregeling, en daar zit u keurig mee in een kabinet. Dus ik begrijp niet waarom u die vraag dan aan mij stelt en denkt dat ik dat niet zou kunnen.
    De voorzitter: Mijnheer Wit.
    De heer Wit (CDA): Ja, kijk het gaat, het probleem is niet de statushouder, het probleem is dat er geen huisvesting voor ze is. Want als er genoeg was, was uw hele verhaal ging niet op. Dus ik, daarom zeg ik ook, het zijn tweederangsburgers als wij het probleem in de schoenen schuiven van de statushouders. Het probleem ligt aan ons dat wij jarenlang geen woningen hebben gebouwd.
    De voorzitter: Mijnheer Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, ik ga nog een keer zeggen dat luisteren heel ingewikkeld is in deze zaal. Ik heb daarnet een hele sterke bijdrage over gedaan richting mevrouw Mathkor. Het zou hier gewoon sieren dat mensen een keer roepen dat we niet heel Zaanstad kunnen vullen met statushouders. En dat, je moet ook een verantwoordelijkheid nemen op een normale manier die mensen te kunnen huisvesten, maar je hebt ook een verantwoordelijkheid om je eigen inwoners te huisvesten. En daar gaat u nog wel eens aan voorbij.
    De voorzitter: Mijnheer …
    De heer Van der Laan (POV): Dat is jammer, want dat doet u in Den Haag ook. Dat zou u niet moeten doen.
    De voorzitter: Op dit onderwerp nog reacties van mevrouw Neefjes, de heer Mattens en mevrouw De Boer denk ik op dit onderwerp. Klopt dat? Mevrouw Neefjes.
    Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): Ja, in ieder geval even in reactie op uw betoog. Eigenlijk twee dingen. Aan de ene kant zegt u dat het moeilijker, door dit college zegt u, het wordt moeilijker dat mensen elkaar gaan ontmoeten. Terwijl ik eigenlijk denk dat we juist in de afgelopen periode juist voor voorzieningen extra aandacht hebben gevraagd, vooral bij nieuwe projecten. Dus hoe ziet u dat dan? En het andere vind ik, als u ontmoeting juist zo belangrijk vindt, waarom wilt u dan heel veel onzinnige subsidies afschaffen? Want ik denk dat er heel veel subsidies, dat u dan denkt aan cultuursubsidies, maar dat zijn ook juist de plekken waar ook mensen en ook veel ouderen elkaar kunnen ontmoeten. Hoe ziet u dat dan?
    De voorzitter: Mijnheer Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Voorzitter, wij roepen al vanaf het begin dat wij in deze gemeenteraad zijn gekomen in 2010, volgend jaar twaalf jaar zitten we hier, dat buurthuizen wat ons betreft niet particulier hadden moeten worden gezet. Die hadden gewoon door ons als gemeenteraad gefaciliteerd moeten worden. Dat heeft u samen met uw college in al die jaren wegbezuinigd. U heeft niet alleen dat wegbezuinigd, we zien nu ook dat sport, een sportschool in Westerkoog door een besluit wat nu genomen wordt in die nieuwbouw waarschijnlijk niet terug gaat komen, ondanks een motie die is aangenomen. Dat heeft uw college gedaan. Dus ik heb, wij hebben daar diverse voorstellen over gedaan. Misschien is het collectieve geheugen wat minder. Wij zijn altijd voor die verbinding geweest en wij vinden dat we als gemeente een enorme verantwoordelijkheid daarin hebben. En die mening delen wij niet, want u heeft ze wegbezuinigd.
    Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): Ja, u geeft geen antwoord op mijn vraag over die cultuursubsidies, dat vind ik jammer. En ik wil eigenlijk zeggen of het nou particuliere buurthuizen zijn of ze zijn gesubsidieerd, ze krijgen een ondersteuning vanuit de gemeente, en het is ons juist gelukt om al die buurthuizen juist overeind te houden. Dus ik zie uw bezwaar niet.
    De voorzitter: Mijnheer Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, terug in het verleden hadden we Welsaen en Welsaen die had al die buurthuizen. Wij hebben buurt… dat hebben wij altijd betaald. Miljoenen gingen erheen. Volgens mij zelfs tien miljoen per jaar ging er naar Welsaen, daar hebben ze dat van gekocht. En dat hebben we failliet laten gaan, Welsaen, een welzijnsorganisatie die alles deed, jongerenwerk, kinderwerk, de hele rataplan. En toen konden we als sigaar uit eigen doos konden we die dingen terugkopen, ja? U weet zelf wel, volgens mij heeft de kerk ook zo’n ding teruggekocht voor een appel en een ei. Dat is hoe we omgegaan zijn met al die faciliteiten. En de vraag op uw subsidies op cultuur, is het antwoord, ja, daar willen wij best nog eens een keer goed naar kijken, want er zitten enorm veel onzinnige en hoge subsidies bij. En het is ook hoog tijd dat de cultuursector, een zachte sector, ook eens een keer veel meer bij gaat dragen om zijn eigen broek op te houden in plaats van de hele dag achterover zitten tot er geld in de ruif wordt gegooid.
    De voorzitter: Mijnheer Mattens.
    De heer Mattens (PvdD): Dank u wel, voorzitter. Ik hoor u het college een heel aantal groene pluimen in de kont steken en eigenlijk verbaast dat mij enigszins wel omdat het gros van die verduurzamingsmaatregelen waar u het over heeft, ja, daar is nog geen één procent van dit college helaas door uitgevoerd. Dat is één punt. Een tweede, en dat is eigenlijk een meer relevant punt, u noemt ouderen en mensen met een kleine beurs die de boekenkast van tante Annie moeten opstoken om nog warmte in huis te hebben. Bent u dan niet ook voorstander ervan dat wij als Zaanstad veel meer gaan kijken en gaan helpen, ook financieel, om deze mensen, die ouderen en die mensen met die kleine beurs, om van het gas af te gaan gegeven ook juist die enorme energiearmoede die nu ontstaat?
    De voorzitter: Mijnheer Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, dat zou ik wel willen maar de meeste mensen met een kleine beurs wonen in een corporatiewoning. Dus die zijn afhankelijk van de investeringen die gedaan worden door hun woningcorporatie en niet door het geld wat ze er zelf in steken. Ik zou ook wel gek zijn dat ik als ik in een corporatiewoning zit, dat ik de eigen, hoe heet het, isolatie van mijn woning ga betalen. Nee, daar zou dit college gewoon veel meer in moeten steken om te zorgen dat dat gebeurt. Want de mensen die nu zo meteen de dupe worden van die warmtearmoede, van de energiearmoede, die nu ondertussen al soms een rekening van 250 euro per maand op zien lopen naar 500, er zijn zelfs al gasbedrijven omgevallen, dat daar veel meer op ingestoken wordt. Dus uw vraag of we daar mee moeten helpen met inwoners is totaal irrelevant, want die wonen in een woning waar ze niets over te vertellen hebben.
    De voorzitter: Mevrouw De Boer en dan de heer Tuijn.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, dat eigenlijk nog weer even terugkomen op het debatje wat eerder even plaatsvond ook tussen de heet Wit en de heer Van der Laan over die vergunninghouders, statushouders. Want u draait het elke keer in het frame dat dat dan, dat wij dan zeggen, dat zijn tweederangsburgers. Maar wat u doet is dat u zegt, onze Zaankanter is een tweederangsburgers door te ontkennen dat het wel degelijk een probleem is. Als er nu 1200 asielaanvragen per week zijn, 27.000 huishoudens zijn er nodig. Er staat op de druk op die vastgelopen woningmarkt brengt dit dus nog een extra druk op met zich mee. En wij hebben het eigenlijk altijd over onorthodoxe maatregelen, maar het enige wat we hier vragen, erken een keer dat het inderdaad een enorme druk is en dat onze eigen inwoners daar ook de dupe van zijn. Dus doe nou niet alsof het tweederangsburgers zijn, nee, je hebt ook voor je eigen inwoners te zorgen. En ik hoop dat in ieder geval het CDA dat dan ook in wil zien, want u legt nu een frame op waardoor u het probleem ontkent en dat vind ik heel erg jammer. En misschien heel even aanvullend op die energiearmoede, want ik ben het helemaal eens met wat de heer Van der Laan erover zegt, maar het wordt wel echt heel erg uit zijn verband getrokken. En als u zegt dat de overheid kan daar echt veel meer aan doen, want het is natuurlijk te gek voor woorden dat je een contract afgesloten hebt met een energieleverancier, maar dat is allemaal niks meer waard. De een valt om na de ander omdat wij, en dat erkennen allerlei onderzoekers, de enorme druk opleggen dat het van het gas af moet en het moet allemaal versneld moeten die klimaatdoelstellingen gerealiseerd worden.
    De voorzitter: Punt.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): En dat is echt de doelstelling daarvan.
    De voorzitter: Mijnheer Tuijn.
    De heer Tuijn (PvdA): Ja, dank u wel, voorzitter. Die vluchtelingen komen nu steeds terug, en als je kijkt naar 2018 en 2019 waren dat iets meer dan vijftig woningen die door Zaanstad ter beschikking zijn gesteld. Dat zijn woningen, daar ben ik het mee eens, maar er wordt hier echt gedaan alsof de hele wachtlijstproblematiek bij wijze van spreken door deze mensen komt en ik vind dat treurig. Maar ik had eerder mijn hand opgestoken omdat ik eigenlijk wilde zeggen, je moet een cabaretier nooit tegenspreken. En zo vond ik de heer Van der Laan zijn betoog eigenlijk wel, ik vond het erg vermakelijk. U werd daarna heel serieus bij de beantwoording, dus toen dacht ik, oe, dat … Ja. Maar het was ook wel een betoog waarvan ik dacht van, zoek een paar foutjes. De halte Hempont die was van die heer daar. Die was van Geert Rijken. Daar heeft u misschien aan meegedaan maar, en zo zaten er wel meer dingen aan die u niet alleen gerealiseerd heeft, dus dat vind ik wel jammer dat u dat allemaal naar u toe trekt. Dat was eigenlijk het enige kritiekpuntje, want verder vond ik het gewoon hilarisch en denk ik precies wat ik zei. Stem …
    De voorzitter: Het laatste woord is aan mijnheer Van der Laan.
    De heer Tuijn (PvdA): Stem op een cabaretier klinkt vreemd.
    De voorzitter: Het laatste woord is aan mijnheer Van der Laan als hij nog wil reageren.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, ik heb keurig in mijn zin gezegd, dank ook voor de steun en samenwerking met alle partijen. En ik heb er een aantal dingen uitgehaald die heel belangrijk waren voor ons, want ook de inzet op het Veldpark hebben we samen gedaan. Als u het prettig vindt dat ik volgende keer dat er allemaal bij noem, dan hoop ik dat we in het presidium kunnen bespreken dat ik tien minuten krijg in de volgende Algemene Beschouwingen.
    De voorzitter: Goed. Wij zijn door de tijd, dus we gaan door naar het CDA, daarna GroenLinks, ChristenUnie, PVV. CDA, mijnheer Wit heeft het woord.
    De heer Wit (CDA): Ja, dank u, voorzitter. Voorzitter, de gemeenteraad, de accountant en de provincie Noord-Holland keuren jaarlijks een Zaanse begroting goed. Een compliment waard, want een huishoudboekje van zeshonderd miljoen op orde houden is niet makkelijk. En willen jullie daar even stil zijn alsjeblieft? Dank je. Op papier functioneert de gemeente Zaanstad goed. Het is belangrijk om te kiezen voor zekerheid en stabiliteit, geeft het college aan. Klopt, maar 240 pagina’s tekst kunnen niet voorkomen dat menselijke drama’s en onlogische zaken kunnen voortduren. Want keuren wij als raad met deze en eerdere begrotingen ook goed dat de wachttijd voor Zaanse starters op de woningmarkt lange tijd al meer dan tien jaar is, overlast zoals in het Veldpark al dertien jaar mag voortwoekeren, nieuwbouwplannen zoals op het Zaaneiland zonder participatie in een buurt worden gedropt? Keuren wij ook goed dat zwaar bouwverkeer dwars door Krommenie wordt gepland, terwijl de bouwlocatie aan een provinciale weg ligt. En dat Westzaan zomaar haar ov-verbinding kwijt kon raken. Of dat een belasting wordt ingevoerd die Zaanse ondernemers een administratieve last en een concurrentienadeel bezorgt en bovendien meer kost dan het oplevert. Of dat wij Zaanse inwoners al decennialang wijsmaken dat hun verkeers-, gezondheids- en milieudrama in de buurt wordt opgelost door die A9 en die A8 te verbinden. Of dat woningbouw op het Jacob Visterrein plotseling wordt geblokkeerd door de provincie Noord-Holland die daarmee ingrijpt in de autonomie van ons Zaans gemeentebestuur. En keuren wij goed dat de handhaving op verkamering nog steeds niet plaatsvindt, terwijl een inspreker uit Westerwatering ons bijna twee jaar geleden smeekte om in te grijpen. Natuurlijk keuren wij dat soort zaken niet goed met deze begroting, maar wij keuren ze ook niet af. Moeten we dan niet gewoon eerlijk zijn en zeggen, het spijt ons maar uw overlast gaan we de komende tien jaar niet oplossen. Of hadden we tegen jongeren moeten zeggen, wees maar heel lief voor je ouders want de komende twaalf jaar is er voor jou geen woning. Of, sorry, we doen niet meer aan participatie, ga maar naar de rechter als je het er niet mee eens bent. Nee, dat willen we ook niet. En toch lijkt het gemeentebestuur, waar ik deel van uitmaak, soms een eiland in de samenleving. Gevoel voor de leefwereld, logica en de menselijke maat lijken dan te ontbreken. Ik word regelmatig benaderd door Zaanse inwoners en ondernemers en dan kan ik tot mijn frustratie en ongemak het gebrek aan dienstbaarheid, daadkracht en logische keuzes van de gemeente niet altijd verklaren. Dan denk ik dat het geen wonder is dat de kloof tussen burgers en overheid zo groot is geworden. Voorzitter, de leden van de CDA-fractie vinden het een eer om de Zaanse samenleving te mogen dienen. En als er één partij is die terechte lessen heeft moeten trekken uit de afgelopen periode zijn wij dat wel. En ja, soms moet er iets pijnlijks gebeuren om jezelf te verbeteren. En als de CDA-fractie zijn we daarom teruggegaan naar de basis van de politiek. En dan is onze conclusie dat wij als politici dienstbaar moeten zijn aan de samenleving. Politici, wij politici zijn er voor het welzijn van alle Zaanse inwoners en ondernemers, voor grote en kleine zaken. En naast dienstbaarheid horen bij goed politiek handwerk ook duidelijkheid, draagvlak en daadkracht. Vanavond noemen wij één voorbeeld van de probleemgerichte, daadkrachtige aanpak die het CDA Zaanstad voor ogen heeft, mochten wij in de volgende raad verder kunnen. Wij gaan de komende vier jaar alle actief zoekende Zaanse starters woonruimte aanbieden. Hierbij staat het CDA Zaanstad voor een betrouwbaar ja en een duidelijk nee. Wij gaan daarvoor. Voorzitter, terug naar de begroting. Tijdens de raadsvergadering van 9 november aanstaande vraagt het CDA aandacht voor handhaving op verkamering en voor een oplossing voor de overlast in het Veldpark, beide voor actie op korte termijn. Maar ook voor een passende oplossing voor de op drift geraakte Zaanse watersportvereniging Bruynzeel. Ook zij verdienen onze aandacht. In feite zijn zij vergelijkbaar met een huurder die moet wijken voor sloop, daar hoort een sociaal plan bij. Dank voor de aandacht.
    De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van der Laan, dan de heer Hartog.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, mooi dat je teruggaat naar je kern als partij om te kijken waar het eigenlijk begonnen is hè, dat zouden meer partijen moeten doen. Maar ik heb wel een vraag, want u volgt natuurlijk ook de landelijke politiek hier in deze stad, daar gaat u achteraan. En wij waren eigenlijk wel blij dat er toch wel een beetje een principiële partij zat in Den Haag die zich ook druk maakt om onze boeren, niet uitkopen en geen gedoe. En vandaag komt het bericht naar buiten dat u toch terug bent gegaan naar de eigenlijke oorsprong, en dat noemde mijn collega in Wormerland altijd draaikonterij, dat u vandaag er helemaal niet tegenop kijkt om boeren verplicht te gaan onteigenen. Wat moeten de boeren hier in Zaanstad denken van een partij die zich zo opstelt die na een periode van twee jaar zegt, ja, dat gaan we toch maar wel doen want we willen zo graag regeren?
    De voorzitter: Mijnheer …
    De heer Van der Laan (POV): Kunnen die Zaanse boeren dat ook verwachten, dat u ze verplicht gaat onteigenen?
    De voorzitter: Mijnheer Wit.
    De heer Wit (CDA): Ja, daar ziet u het verschil tussen een landelijke en een lokale partij, want wij hebben daar wel, ik trek daar een principiële lijn. Ik ben altijd tegen onteigenen geweest. Ik vind, dat hoort in andere landen thuis die wij eigenlijk niet graag willen zien, maar ik vind dat dat hier niet thuishoort. Dus wat mij betreft is daar het laatste woord niet over gesproken.
    De voorzitter: Mijnheer Hartog.
    De heer Hartog: Ja, dank u wel, voorzitter. Wat een prachtig verhaal van het CDA, dat is bijna te mooi om waar te zijn. En precies daar knelt het ook, want de heer Wit heeft het over het creëren van illusies die niet waargemaakt worden, zoals de A8-A9. Nu is de A8-A9 doortrekken zelf de grootste illusie die je maar kan bedenken, want dat is in strijd met allerlei milieuwetgeving. Dus door daaraan vast te houden blijf je een illusie creëren. Een andere illusie die de heer Wit creëert is om in de komende vier jaar voor alle starters een woning te bouwen. Ik zou dat graag willen, maar u hebt gezien en gehoord hoe het de afgelopen vier jaar is gegaan. De heer Pauw heeft daar voorbeelden van genoemd. Dat is een illusie, mijnheer Wit. U biedt de kiezers gebakken lucht. Dus u bent zelf degene die illusies creëert.
    De voorzitter: De heer Pauw wil daar ook op reageren en de heer Van der Laan, en dan krijgt de heer Wit weer het woord. Mijnheer Pauw.
    De heer Pauw (ROSA): Ja, de heer Hartog die kaapte hem eigenlijk voor me weg, want ik had ook wel vragen aan de heer Wit hoe dat nou precies zit, voor iedere woningzoekende een huurwoning te gaan regelen? Dan ga… Ik kreeg de indruk dat hij dat persoonlijk allemaal gaat doen. Dus ik dacht van, nou, daar ga ik even nadere toelichting over vragen want het CDA, ja, er kan een Messias tussen zitten, je weet het nooit. Ik ben erg benieuwd.
    De voorzitter: De heer Wit reageert op deze twee bijdrages, daarna zag ik in ieder geval nog handen van de heer Van der Laan, de heer Van Haasen en mevrouw De Boer en de heer Mattens. Mijnheer Wit.
    De heer Wit (CDA): Ja, kijk als de Messias is iemand die hulpeloze mensen hoop biedt en gaat voor degenen die vertrapt worden, nou dan voel ik me wel geroepen om die titel te nemen. Maar, dus bedankt, bedankt voor het compliment. En kijk, ik heb dit niet zomaar gezegd natuurlijk, die, en we hebben het over alle Zaanse actieve starters hè. En ik wist dat deze reacties zouden komen en dat vind ik het bizarre, want er komen reacties, hoe ga je dat doen, je bent Jezus niet, of er is geen geld voor. Ik denk dat onze jongeren, die hebben meervoudige problematiek in de sociale, op psychosociale zorg, leen, ze moeten zicht kapot lenen om te kunnen studeren, ze moeten iedere dag op straat op hun hoede zijn om misschien geweld tegen te komen. Die generatie die verdient de komende vier jaar een woning, en ik ga me daar hard voor maken. En ik loop niet weg voor, dat kan niet en dat doen we niet, er is geen geld voor. Wij gaan dat eens doorbreken en we gaan eens die jongeren laten zien, en zo zijn er nog meer groepen, die wij gaan laten zien, jullie zorg is onze zorg en we lossen jullie problemen op. En ik ben er klaar mee om iedere keer tegen burgers te moeten zeggen, er is geen geld, zoek het maar uit met je overlast. Dat moeten we eens met elkaar doorbreken. En kom dan maar terug bij mij om te zeggen dat ik iets zeg wat niet klopt. Wij zijn er voor de samenleving, dat zeg ik.
    De voorzitter: Mijnheer Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, nou, ik zou zeggen, bescheidenheid siert de mens, Messias Wit. Maar in dit geval misschien niet. Ik wil even reageren op, nou ja die woningen, als u daar een oplossing voor heeft dan dienen we dat graag samen in. Even naar mijnheer Hartog van de groep Hartog volgens mij, die A8-A9 is helemaal geen illusie. Als mensen nu eindelijk gewoon eens een keer goed gaan stemmen, dan ligt dat ding er gewoon binnenkort. En ja, ja op u kunnen ze al niet meer stemmen dus dat scheelt ons natuurlijk in elk geval weer wat. Maar, ja, als het aan mij ligt en volgens mij aan de andere partijen komt er een hele snelle ontsluiting A8-A9 en ook nog voor die Westerwatering. Dus ja, ik zie het probleem niet, mijnheer Hartog.
    De voorzitter: Mijnheer Wit.
    De heer Wit (CDA): Ja, dank u. Ja, ook nog een reactie op oud-SP’er de heer Hartog over de A8-A9. Ook dat is zo’n ding. Wij zeggen al zestig jaar tegen mensen in Zaanstad, we gaan jullie helpen. We tonen aan dat het ongezond is. Het stroopt op qua verkeer en we jagen mensen twee haakse bochten in acht stoplichten verder en zeggen dat het een milieuprobleem is als wij een rechte weg zonder stoplichten van vijf kilometer, dus ook nog korter dan de huidige route, aanleggen. U creëert een illusie om ertegen te zijn. Het wordt tijd dat we gewoon de daad bij het woord voegen en niet alleen maar kletsen.
    De voorzitter: Mijnheer Hartog.
    De heer Hartog: Dank u wel, voorzitter. Nou ja, ik denk dat, voorzitter, dat het juist van realisme getuigt om in te zien dat die A8-A9 er niet kan komen omdat het strijdig is met wetgeving. En die tijd kunnen we dan beter besteden aan andere oplossingen om de huidige verbindingen beter te maken en bijvoorbeeld vervuilend verkeer daar tegen te gaan, daar een milieuzone van te maken. Dan maak je de omgeving ook gezonder. En je moet ook het nutteloze vervoer over de weg af gaan remmen. Dat hoort er ook bij, anders dan halen we de toekomst niet. Dat getuigt van visie.
    De voorzitter: We hadden nog drie reacties staan van de heer Van Haasen, de heer Mattens en mevrouw De Boer en die wil ik in ieder geval nog de gelegenheid geven. We hebben nog drie minuten, mijnheer Van Haasen.
    De heer Van Haasen (PVV): Ja, ik wou nog wel even terugkomen op die woningen die de heer Wit beloofde, of eigenlijk, hij gaat iedere woningzoekende, actieve woningzoekende een woning aanbieden. Dan wil ik wel weten of die woningen dan ook echt bestaan, of is dat net zo’n luchtspiegeling als die brandende bush uit uw boek? Dank u.
    De voorzitter: Mijnheer Wit.
    De heer Wit (CDA): Ja, ik vind u echt zielig …
    De voorzitter: Nee dit, we zouden …
    De heer Wit (CDA): … zoals u nu een grapje weer verder gaat brengen. Ik heb bij de … Wij …
    De voorzitter: Maar we zouden … We gaan niet tegen elkaar uitmaken voor wat we van elkaar vinden, we gaan het over de inhoud hebben.
    De heer Wit (CDA): Ja, maar dit zijn geen argumenten die ik dan hoor. Ik ga, ik probeer ze eruit te halen, hoe kom ik aan die woningen? Wij hebben geregeld, dat is toegezegd, dat er in sportpark Poelenburg komen 150 tijdelijke woningen, heeft het Rijk drie miljoen voor toegezegd. 2022 gaan die woningen open. Wij hebben het over, neem een gemeente Groningen, die hebben 50.000 studenten op een inwoneraantal van 200.000, een kwart. Die hebben allemaal huisvesting en daar zijn fantastische oplossingen bedacht met tijdelijke woonunits. Ga eens kijken, een mooie stad Groningen, maar kijk dan ook naar die oplossingen. Wij kunnen, als wij het als raad willen, kunnen wij het probleem oplossen. En nogmaals, ik heb het over starters. Ik heb het niet over alle zoekenden. Ik heb het over starters, de jeugd die nu verwaarloosd wordt door ons.
    De voorzitter: Mijnheer Mattens.
    De heer Mattens (PvdD): Ja, voorzitter, ik hoor de heer Wit over woningbouw en het stikstofprobleem is natuurlijk een ‘…’ en met name een probleem wat de woningbouw getroffen heeft waardoor we niet kunnen leveren wat we zouden moeten doen naar onze bevolking. En u komt met ideeën over lintbebouwing en dat is allemaal prachtig, maar de belangrijkste bronnen van die stikstofuitstoot zijn de autosnelwegen, de industrie en de veeboeren in Zaanstad. En nu zegt u, nee, maar de veeboeren, dat gaan we niet, die uitkoopregelingen, die riante uitkoopregelingen die uw partij in Den Haag bedingt, daar gaan we het nog over hebben en dan gaan we moeilijk doen. Maar daarmee snijdt u zichzelf toch in de, of daarmee schiet u zichzelf toch in de voet als het aankomt op die woningbouw? Juist die woningbouw waar u zo radicaal de Messias wil uithangen.
    De voorzitter: Ook daar zou ik willen vragen om het steeds over de inhoud te hebben. Mijnheer Wit.
    De heer Wit (CDA): Ja kijk, mijnheer Mattens, u wilt uw eigen wereldje creëren en dat gaat niet lukken. We hebben voorlopig nog behoefte aan melkproducten, we hebben behoefte aan doorstroming op wegen en we hebben vooral behoefte aan woningen. Dus als u nu uw wereldje wil creëren, nou prima, ik wil hulp bieden aan degenen die hulp nodig hebben. En Zaanse starters moeten al jarenlang meer dan tien jaar wachten op een woning, dat kunt u niet wegpoetsen met allerlei idealen. Wij moeten gewoon bouwen voor een generatie die een huis nodig heeft.
    De heer Mattens (PvdD): Voorzitter?
    De voorzitter: Mijnheer Mattens ten slotte.
    De heer Mattens (PvdD): Mijn wereldje is dat we met een Natura 2000-gebied te maken hebben midden in onze gemeente waar Europese wetgeving op van toepassing is en waar we niet omheen kunnen.
    De voorzitter: Goed.
    De heer Mattens (PvdD): En waar we ook verantwoordelijkheid voor dragen. Dus ik snap de opmerking, mijn wereldje, uw wereldje, die snap ik totaal niet.
    De voorzitter: Wij gaan door naar de volgende bijdrage. Dat is de bijdrage van mevrouw Mathkor van GroenLinks. Daarna ChristenUnie, PVV. Mevrouw Mathkor heeft het woord.
    Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Dank u, voorzitter. Collega’s en toehoorders, wij zitten nu in een soort tussentijd. Er zijn nog veel wensen maar wij willen niet het volgende bestuur met schulden opzadelen. Hoeveel geld wij van het Rijk krijgen is onzeker. Dat is frustrerend en moeilijk begroten. Het Rijk wentelt allerlei taken op de gemeenten af, erkent ook het belang van de gemeente als overheidsorgaan dicht bij de burger maar trekt de portemonnee niet open. We snappen dat de formerende partijen nog bezig zijn en dat beslissingen in de wacht gezet worden, maar het verleden geeft ons weinig vertrouwen in de toekomst. Als er ergens geld voor uitgetrokken wordt, blijkt het vaak incidenteel en niet genoeg om de zaken structureel aan te pakken. Een paar voorbeelden. Neem de jeugdzorg. We hebben geld ontvangen, maar niet structureel. GroenLinks wil het geld dat nog van het Rijk komt oormerken voor jeugdzorg en gebruiken om wachtlijsten aan te pakken en in te zetten vooral voor preventie, want anders blijven we dweilen met de kraan open. Neem de wachtlijsten, zij zijn een crime. Niet alleen in de jeugdzorg maar ook in de door corona uitgestelde zorg en zeker ook in de GGZ. Uitstel verergert de klachten en maakt de zorg duurder. Onze fractie heeft ideeën op welke manier wachttijden overbrugd kunnen worden, dat willen we graag in een Zaanstad Beraad bespreken. Neem het onderwijs. Om de armoede die van generatie op generatie overgaat te doorbreken is goed onderwijs de uitweg. Om het tekort aan leraren op te lossen zullen onder andere de salarissen van het basisonderwijs gelijkgetrokken moeten worden aan het voorgezet onderwijs. Samen met de PvdA zullen wij intussen blijven strijden voor vermindering van het lerarentekort. Neem de armoede. Om het aantal werkende armen omlaag te brengen, zal het minimumloon omhoog moeten met daaraan gekoppeld de bijstand. Een verhoging van het minimumloon kan mensen een perspectief geven en de lokroep van de criminaliteit verminderen. Neem de woningnood. De verhuurdersheffing moet afgeschaft worden, en niet slechts voor een gedeelte. Blij worden we van de pilot in Tilburg, waar bijstandsgerechtigden zes maanden de tijd krijgen om aan samenwonen te wennen, zodat ze die stap sneller durven maken wat uiteindelijk woonruimte vrijspeelt. Wij zouden zo’n pilot ook graag in Zaanstad houden. Woonruimte creëren waarbij dan ook nog minder op tandenborstels gecontroleerd wordt, juichen wij van harte toe. Neem de toeslagenaffaire. Er is veel toegezegd, maar het heeft helaas veel slachtoffers nog niet bereikt. De gemeenten moeten maar bijspringen en maar zien of ze dat terugkrijgen. Neem het migratiebeleid. Jarenlang is er niet gezocht naar uitbreiding van de opvang. Onder stoom en kokend water moeten gemeenten nu plaats bieden. Wij zijn blij dat Zaanstad vierhonderd vluchtelingen wil opvangen, al vinden wij het van het grootste belang dat er snel een vorm van vervoer komt zodat mensen zelfstandig boodschappen kunnen doen. Wij zouden nog een tijdje kunnen doorgaan, maar kortom, de lobby samen met de VNG naar Den Haag moet zeer versterkt worden wat ons betreft. Er zijn ook goede dingen te melden die in Zaanstad gebeurd zijn en waar GroenLinks aan bijgedragen heeft. Gelukkig dat er nu een bomenbeleidsplan ligt waarin de boomnorm van 0,4 boom per inwoner gehandhaafd blijft. Gelukkig dat er nu een uitvoeringsplan klimaatadaptatie ligt. In de afgelopen week hebben we kunnen zien hoe nodig dat is. Assendelft bleek de natste gemeente van Nederland te zijn, dus er is nog werk aan de winkel voor wateropvang en vergroening. Gelukkig is het ZMP vastgesteld met veel aandacht voor fietsers en voetgangers. Gelukkig wordt er nu ook gewerkt aan een gebiedsvisie voor de polder Westzaan, waarin rekening gehouden wordt met natuurbeheer, biodiversiteit en de belangen van de agrariërs. Gelukkig dat er nu ook architectenbureaus zijn die bouwen met hernieuwbare grondstoffen zoals leem, kalk, zand, et cetera. Na vijftig jaar hebben deze nog steeds een negatieve voetafdruk. GroenLinks heeft met veel plezier een van deze bureaus een duurzaamheidsprijs gegeven. Gelukkig dat er nu ook een maaibeleid ligt met meer aandacht voor biodiversiteit. Gelukkig dat ondanks alle ophef over Schiphol het college onverkort blijft staan achter haar standpunt dat Schiphol niet mag groeien, in elk geval niet tot 2023, dat de nachtvluchten moeten stoppen en dat er in het algemeen minder hinder moet komen van Schiphol en meer aandacht voor de gezondheid van omwonenden. Gelukkig dat nu ook braakliggende terreinen ingezaaid zijn met biologische bloemenmengsels. Ten slotte, wij hebben allemaal de waarschuwingen van het KNMI gezien dat onze kinderen en kleinkinderen geen droge voeten meer zullen hebben als er niet snel maatregelen worden genomen. Dit zal de komende bestuursperiode tot dwingende keuzes leiden, want het klimaat kent geen tussentijd. Dank voor uw aandacht.
    De voorzitter: De heer Van der Laan, dan mevrouw Onclin en dan mevrouw De Boer.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, ik schoot aan op het KNMI, ik hoorde de heer Mattens dat ook al zeggen en nu mevrouw Mathkor weer. Maar ik heb met het KNMI de ervaring zelfs dat ze het weer voor de komende veertien dagen nog niet eens goed kunnen voorspellen, dus denkt u dat ze dit wel goed voorspellen? Ik denk het namelijk niet.
    De voorzitter: Mevrouw Mathkor.
    Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Nou, ik denk het wel inderdaad want er zitten natuurlijk best heel deskundigen. En natuurlijk kunnen kleine afwijkingen misschien mogelijk zijn in hun voorspellingen, maar dat de zeespiegel gaat stijgen, ik denk niet dat iemand daaraan ontkomt.
    De voorzitter: Mijnheer Mattens wil daar ook op reageren.
    De heer Mattens (PvdD): Ja, ik zou mijnheer Van der Laan wel eens willen vragen hoeveel dagen in het jaar het KNMI gemiddeld lokaal meer dan drie graden van de maximumtemperatuur af zit? Qua temperatuur zit het KNMI echt niet vaak ernaast. U denkt aan de regen, dat is veel lastiger te voorspellen. Maar de temperatuur hebben ze meestal goed.
    De voorzitter: Mijnheer Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, ik denk niet alleen aan de regen hoor, ik denk aan het mooie weer als ik een keer vakantie heb en er wordt geroepen dat het mooi weer wordt en dat het inderdaad gewoon dan twee weken regent. Dat betekent dat je er ontzettend veel naast zit. Maar leg mij nou eens even, vertel mij nou eens precies in de afgelopen jaren hoeveel centimeter de Noordzee is gestegen. Kunt u me dat vertellen?
    De voorzitter: Mijnheer Mattens.
    De heer Mattens (PvdD): De Noordzee voor onze kust stijgt gemiddeld op dit moment 2,3 millimeter per jaar. Dat is heel weinig, maar die versnelling gaat inzetten richting eind van deze eeuw omdat het, omdat wij die anderhalve graden mogelijk niet gaan halen als we niet heel snel gaan ingrijpen. En die 2,3 millimeter is dus gebaseerd op de situatie dat wij nu nog maar, nog niet eens aan één graad opwarming zitten. Als wij verdergaan naar twee graden, drie graden, vier graden, water zet exponentieel uit, we krijgen steeds meer plekken op aarde waar gletsjers verdwijnen, noordpool ijskappen smelten. U kunt zich voorstellen dat dat alles bij elkaar juist gaat leiden tot een versnelling van die zeespiegelstijging richting het eind van deze eeuw.
    De voorzitter: Mijnheer Van der Laan nog, korte reactie.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, ik verbaas me echt elke keer over al die theorieën, want op dit moment is er zelfs gemeten dat er meer ijs aan het ontstaan is in de buurt van Antarctica dan dat er ooit geweest is. Dus ja, en als het nu een paar millimeter per jaar is, nog niet eens, misschien hebt u het over eb en vloed, dat zou misschien nog kunnen, maar in al die jaren is het niet exponentieel gestegen dus ik snap niet waar die paniek vandaan komt. Maak mensen niet zo bang, hou daar nou eens mee op.
    De voorzitter: Antarctica gaan we weer terug naar Zaanstad. Mevrouw Onclin.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ik had een vraag aan mevrouw Mathkor, want eerder vanavond hebben we de heer Zoomermeijer en de heer Van Braam horen zeggen wat zij gaan doen volgende periode. Maar als ik naar de bijdrage van mevrouw Mathkor luister dan heb ik het idee dat mevrouw Mathkor volgende periode naar Den Haag gaat, als ik hoorde wat voor landelijke thema’s er allemaal voorbijkomen. Maar dan had ik nog een vraag, want als het ging over jeugdzorg hoorde ik mevrouw Mathkor zeggen, ja maar nu gaan we echt inzetten op preventie. Maar dan vraag ik me wel af wat de afgelopen jaren dan hebben gedaan?
    De voorzitter: Mevrouw Mathkor.
    Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Nou, het was zeker de bedoeling geweest om ook meer in te zetten op preventie. Maar u weet net zo goed als ik dat inderdaad er toch steeds weer dringende zaken tussen kwamen, wachtlijsten. En dat er ook inderdaad in de laatste reportages wel gezegd wordt dat er nog niet gedaan is aan preventie wat zou moeten en dat dat uiteindelijk de enige en de beste weg is om de tekorten en de problemen in de jeugdzorg op te lossen.
    De voorzitter: Mevrouw Onclin.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ik ben oké.
    De voorzitter: Mijnheer Van Haasen. U had uw hand opgestoken alweer een tijdje geleden, maar dan gaan we eerst naar mevrouw De Boer en dan de heer Van der Laan.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dank u wel, voorzitter. Ik werd een beetje getriggerd door een aantal zaken. U noemt ook Assendelft als natste plek van de afgelopen tijd. Nou ja, dan heeft u ook daar weer een soort angst zaai. De heer Van der Laan zei het al, want dat heeft ook gewoon te maken met een weg die verzakt in het veen en een hoogheemraadschap die wat te laat had geanticipeerd op de enorme regenval. Dus uiteindelijk draait u ook wat feiten daarin. Daarnaast hoor ik u zeggen over de biodiversiteit. Ja, maar ondertussen hebben we in Zaanstad een enorme overwoekering van allemaal invasieve soorten, dus ik ben ook wel benieuwd hoe u daarnaar kijkt? Maar misschien wel het belangrijkste, vraagtekens had ik bij dat u weer pleit, en dat doet u vaker, voor het minimaal, minimumloon, maar dat u dat koppelt aan, dan vermindert ook de criminaliteit. Nou, die volg ik helemaal niet dus ook die graag een toelichting?
    De voorzitter: Mevrouw De Boer, of mevrouw Mathkor.
    Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Ja, dank u, voorzitter. Allereerst even over dat angst zaaien. Dat hoorde ik ook al bij de heer Van der Laan. Ik … Ja, dat kunnen jullie wel zo voelen maar ik denk dat verstandige mensen op hun toekomst vooruit leven. Een verstandige meid is op haar toekomst voorbereid, en goed huishouden, goed regeren is vooruitzien. Als al die dingen, en het gaat natuurlijk ook om de temperatuuropstijging, maar jullie zullen toch niet ontkennen dat in de afgelopen zomer al die branden, al die overstromingen, dat dat wel degelijk te maken heeft met verandering van klimaat? Dat de permafrost aan het ontdooien is. Ja, ik kan nog wel even doorgaan, maar dat is geen angst zaaien, het is rekening houden met de werkelijkheid.
    De voorzitter: Mijnheer Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, mevrouw Mathkor meteen maar even uit de droom halen, heel veel branden en in Spanje en in Griekenland, daar zijn behoorlijk wat mensen gearresteerd omdat ze waren aangestoken. En u wilt natuurlijk heel graag horen dat dat komt omdat het er zo warm is. Ja, ik kan u vertellen, het is daar altijd zo warm. Ik ben een keer in Turkije geweest was het 54 graden, dat moeten we hier niet hebben. En dan gaat niet gewoon iets zelf ontbranden, daar is een andere temperatuur voor nodig. Maar ik heb nog wel een vraag, want het is wel bangmakerij. Maar als we nu eens gaan kijken naar de realiteit, iedereen moet aan de stroom, iedereen moet van het gas af. Op dit moment is het zo dat er al geen stroom aan grote bedrijven geleverd kan worden. Vandaag stond er een stuk op het NH Nieuws dat Fred Kroket die zit daar met zijn tentje. Die wil graag stroom, bedrijven willen daar stroom, en wat zetten we daar neer? Voorzitter, tot mijn verbazing, gasturbines om stroom op te wekken. En die geven geen CO2-uitstoot. Ik ben het echt helemaal kwijt. We moeten van het gas af, maar omdat we dat zo goed gedaan hebben kunnen we nu de stroom niet leveren, hebben we gas nodig om stroom te maken. Maar dan is mijn vraag, dan ben je toch doorgeslagen. En dan ben je toch nu mensen gewoon onnodig bang aan het maken dat het allemaal niet goed gaat en dat de wereld over dertig jaar helemaal in de brand staat.
    De voorzitter: Mevrouw Mathkor.
    De heer Van der Laan (POV): Nee, regeren is vooruitkijken en dat is in dit geval niet gebeurd, er had al lang al aanpassing gekomen moeten worden op al die elektriciteitsnetten, dat had je kunnen weten.
    De voorzitter: Punt. Mevrouw Mathkor. Mevrouw Mathkor heeft het woord.
    Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Ja, dank u, voorzitter. Maar u zegt dat het inderdaad de wereld in brand staat, maar de wereld zal overstroomd worden, dat is wat anders dan in brand staan. En het zal best zo zijn dat sommige branden aangestoken zijn, maar bijvoorbeeld ook in Californië, en ik weet dat dat niet hier is, maar ik weet wel degelijk dat het hier naartoe gaat komen. En nogmaals, daar moet je van tevoren rekening mee houden. En van het gas af, u weet heel goed dat dat een verstandige beslissing uiteindelijk is, want wat zien we aan het gas? Dat dat eigenlijk, dat er nu een vreselijk tekort is en dat daardoor de prijzen omhooggaan. Dus we moeten van dat gas af, willen we niet voor enorme prijsstijgingen komen te staan.
    De voorzitter: Mijnheer Pauw.
    De heer Pauw (ROSA): Ja, ik denk dat de discussie een beetje meer in de richting gaat van, willen wij onze wetenschappelijke, nationale en internationale instituten in twijfel trekken. Nou, ik zie dat dat in de maatschappij langzamerhand een overhand krijgt, maar volgens mij hadden we het hier over de begroting van Zaanstad. En in wereldwijd zijn wij natuurlijk maar een ontzettend klein stipje op die aardbol, maar laten we in ieder geval ons daarop concentreren. En een heleboel dingen daar kunnen wij als gemeente Zaanstad niet aan doen, maar die passeren hier wel de revue op dit moment. Denk ik, ja, ik bedoel het is allemaal prima als je het erover hebt, maar ik ga liever hier nog een half uurtje praten over die begroting want daar zitten we toch mee? Daar komen we toch voor?
    De voorzitter: Goed, als we daar nog naar kijken en de bijdrage …
    De heer Pauw (ROSA): En ik wil nog één ding zeggen om mevrouw Mathkor bij te vallen, want die had nog een onbeantwoorde vraag van mevrouw De Boer, en die ging over invasieve soorten. Ik wil u eraan herinneren dat mevrouw Mathkor een van de grootste initiatiefnemers is om die te bestrijden. En dan denk ik bijvoorbeeld aan de Japanse Duizendknoop. Is dat correct, mevrouw Mathkor?
    De voorzitter: Mevrouw Mathkor.
    Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Ja, dank voor uw steun.
    De voorzitter: Mevrouw De Boer.
    Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, ik denk dat dat een compliment verdient dat mevrouw Mathkor daar zich zo druk over maakt, maar volgens mij is dat niet de enige soorten die we bedoelen. En kan je natuurlijk heel veel zaadjes uitstrooien voor prachtige biodiversiteit maar dat vergt een enorm onderhoud om dat allemaal ook echt daadwerkelijk te behouden. En ik hoop nog, voorzitter, want ik had mevrouw Mathkor drie vragen gesteld, onder andere over de koppeling minimumloon en criminaliteit afname, of ze daar nog even op in kan gaan?
    De voorzitter: Mevrouw Mathkor.
    Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Ja, inderdaad, dank u wel. Nou ja, kijk dat is, ik weet niet hoever u het verder het nieuws volgt, maar er is juist ook onder de jongeren heel veel publiciteit op het ogenblik dat die drugkoeriertjes die worden juist, die gaan aan de gang omdat daar geld mee te verdienen is. En omdat ze geen uitkomst, geen perspectief hebben om ooit een fatsoenlijke baan of wat dan ook te krijgen. En dat is een grote verlokking om dan de criminaliteit in te gaan, terwijl, ja, het moet juist op onderwijs en begeleiding komen. Op die manier kan je mensen, kan je jongeren toch proberen uit de criminaliteit te houden.
    De voorzitter: Bij hoge uitzondering geef ik de heer Kerkhoven als laatste het woord, want die heeft inmiddels vijf keer zijn hand opgestoken net tijdens de bel. Dus mijnheer Kerkhoven, zijn laatste bijdrage op ‘…’.
    De heer Kerkhoven (DZ): Dank u wel, voorzitter. Ja, mevrouw Mathkor, GroenLinks is natuurlijk ook wel die partij die nog steeds achter de biomassacentrale staat, en dat gooi ik er toch maar weer een keer in, in dit debat. En het doet, wat zich nu voordoet dat die biomassacentrale zelfs eerdaags gesloten moet worden, mevrouw Mathkor, en die gaat terug op gas. Dus ik zou eigenlijk wel eens willen weten hoe u daar tegenover staat? En dan moeten we ook niet vergeten dat er nog vele woningen aan toegevoegd gaan worden, dus ik denk dat het zomaar zou kunnen zijn dat die centrale eigenlijk wel dicht kan want dat komt nooit meer goed. Dus hoe staat nou GroenLinks eigenlijk na al die landelijke discussies en al die discussies over de biomassacentrale erin?
    De voorzitter: Mevrouw Mathkor.
    Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Ja, dank u wel. Goed dat u het zegt, want er is inderdaad heel veel te doen over die biomassacentrales. Wat dat, wat ons betreft was deze op zich goed omdat er alleen maar gecertificeerd hout gebruikt zou worden, dat er inderdaad controle was. Ik heb ook gelezen dat die nu tijdelijk gesloten moest worden, te veel uitstoot. Als dat zo is, ja dan moet die inderdaad gesloten blijven. Maar ik heb begrepen dat u in de klankbordgroep zit, dus van die klankbordgroep heb ik ook al een tijdje niks gehoord, maar dat kan aan mij liggen.
    De voorzitter: Goed, die discussie gaan we volgende week verder voeren, maar het is goed om deze vraag nog even beantwoord te hebben. Mevrouw Neefjes heeft het woord namens de ChristenUnie, daarna de PVV, de heer Van Haasen. Mevrouw Neefjes.
    Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): Voorzitter.
    De voorzitter: Graag aandacht voor mevrouw Neefjes.
    Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): Voorzitter, bij deze begroting, de laatste van deze raadsperiode, wil de ChristenUnie haar dank en waardering uitspreken aan iedereen in deze raad, het college en onze burgemeester in het bijzonder en aan de mensen werkzaam in dit huis en de partners in Zaanstad die hebben samengewerkt voor het welzijn van onze inwoners. Het was een ongekende tijd met veel tegenwind en dan is het moeilijk koers te houden. Wij vinden dat het ondanks veel vertragingen toch gelukt is om belangrijk beleid vast te leggen, verbeteringen door te voeren en in praktijk te brengen. Tegelijkertijd zien wij ook dat er nog veel moet gebeuren. Dat zal dan binnen de huidig beschikbare financiële middelen moeten, want er blijkt nul ruimte te zijn in 2022 door voorziene tekorten in 2023 en ‘24. Zelfs aangenomen amendementen en moties bij de Kadernota kunnen nog niet worden uitgevoerd. Dit is zeer zorgelijk. In onze fractie gingen dan ook stemmen op, waarom staan we dan hier en waar moeten we nog over praten dan? Over de jeugdhulp? Er gaat heel veel geld naartoe. Gelukkig zien we langzaam een verschuiving naar preventie, maar veel kinderen wachten nog op de nodige ondersteuning. Over het tekort aan woningen voor starters in een vastgelopen woningmarkt? Gelukkig zijn er veel bouwactiviteiten en heeft Zaanstad een mooie stimuleringssubsidie hiervoor gekregen. Er is hoop voor wie nog geen huis heeft, maar het duurt wel erg lang en het is hoog tijd om de knelpunten aan te pakken om alternatieve huisvesting te creëren. De economie herstelt zich, maar hoe zit het met herstel van vertrouwen, in de overheid en in elkaar? We zijn elkaar kwijtgeraakt en herstel vraagt inspanning en tijd. De ChristenUnie is blij dat er gewerkt wordt aan een maatschappelijke visie en dat er een toetsingskader komt voor het voorzieningenniveau in de stad. Ontmoeting is de sleutel om elkaar te leren kennen en daardoor groeit vertrouwen om samen de uitdagingen van een groeiende stad aan te pakken. Een groei die tegen zijn grenzen aanloopt, denk aan de zorgen van bewoners rondom leefbaarheid en bereikbaarheid in Zaanstad Noord, en waar we goed over moeten blijven nadenken in al onze MAAK-processen. De ChristenUnie wil de volgende standpunten meegeven bij deze begroting. De reeds aangenomen amendementen en moties bij de Kadernota krijgen voorrang bij positieve financiële ontwikkelingen. Dit zal dan zo spoedig mogelijk leiden tot begrotingswijzigingen en liefst nog voor 2022. De dienstverlening aan burgers en ondernemers blijft zich verder ontwikkelen, waarbij naast de digitalisering er altijd oog is voor de mens achter de vraag. De gemeentelijke organisatie creëert veilige ruimte voor de medewerkers om maatwerk te kunnen toepassen. Er blijven middelen beschikbaar om goed voorbereid te zijn op de Omgevingswet, ook al is er weer sprake van uitstel. Nu al werken in de geest van deze wet zorgt voor overleg aan de voorkant, een integrale beoordeling van plannen en snellere duidelijkheid voor inwoners en ondernemers. De gemeente waakt over de voortgang van en over de samenwerking in Pact Poelenburg en betrekt met name de bewonersgroepen in de keuzes die gemaakt worden. Het is echt belangrijk wat hier geleerd wordt, om het te kunnen toepassen waar nodig in Zaanstad. Warmte is een eerste levensbehoefte en de energieprijzen staan onder druk. Minder energieverbruik door isolatiemaatregelen moet op de eerste plaats komen in de uitvoering van de warmtevisie. De Stappensubsidie wordt daartoe structureel gemaakt. We zien uit naar het plan van aanpak en de inventarisatie van de achterstanden openbare ruimte. Een solide basis voor onze Zaanse toekomst willen, betekent ook dat deze basis op orde komt. Een extra inzet hierop kan goed samengaan met maatregelen om Zaanstad klimaatbestendiger te maken. Voorzitter, bij tijd en wijle schieten we tekort als mens, als gemeente, ten opzichte van alle uitdagingen waar we voor staan, en voelen we ons onmachtig ten opzichte van lijden en onrecht dat mensen treft. De ChristenUnie is blij dat we als stad gastvrijheid tonen in de noodopvang voor vluchtelingen. We hebben beperkte financiële middelen en het ontbreekt op meerdere fronten aan menskracht. Ook ik heb maar twee handen. Maar met één kan ik een kind bij de hand nemen en met de ander kan ik een hand op iemands schouder leggen. Als onze inwoners dat allemaal zouden doen, dan staat niemand er alleen voor. Als zij zich daarbij gesteund weten door een gemeentelijke overheid die recht doet en zorg draagt voor de meest kwetsbaren, dan kunnen we een volgende raadsperiode met goede moed en vertrouwen tegemoetzien. Dank u wel.
    De voorzitter: Mijnheer Van Haasen wil reageren.
    De heer Van Haasen (PVV): Ja, bedankt, voorzitter, vraagje. U had het over de Stappensubsidie en op zich vinden wij het hartstikke goed dat mensen hun woningen isoleren en dat daar die Stappensubsidie voor is. Maar dat benauwt ons ook een beetje want gezinnen en mensen die verantwoord met hun geld omgaan en dit ook in stappen willen doen, die worden gedwongen om twee dingen tegelijk te doen alvorens ze deze subsidie krijgen. En als ik bijvoorbeeld mijn spouwmuur dit jaar wil isoleren en volgend jaar mijn vloer, dan krijg ik dus geen subsidie. Ik ben verplicht dat met zijn tweeën te doen. En als dat financieel in mijn plaatje niet past, dan ben ik gewoon de sigaar. Dus waarom wordt die Stappensubsidie op deze manier uitgevoerd?
    De voorzitter: Mevrouw Neefjes.
    Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): Nou, ik vind dat een hele interessante vraag wat je daaraan zou kunnen doen, als het je ontbreekt aan financiële middelen om meerdere maatregelen tegelijk te nemen. Aan de andere kant is dit natuurlijk wel bedoeld om mensen een zetje te geven, een steuntje in de rug als ze inderdaad hun huis op verschillende manieren willen aanpakken. Maar we kunnen altijd kijken hoe de Stappensubsidie zich ontwikkelt. Wat ik wel hiermee wou zeggen, we doen nu af en toe een klein beetje aan die Stappensubsidie toevoegen, het stopt weer, dan wordt het weer opgestart. Je moet eigenlijk zorgen dat dit een continu proces kan worden waarin je kunt rekenen ook als inwoner dat je plannen kunt maken. En dan kun je inderdaad misschien in de toekomst kijken van, wanneer ga ik die Stappensubsidie gebruiken, kan het niet dit jaar dan doe ik het volgend jaar. Als dat continu is, dan helpt dat denk ik beter. Dat is mijn punt.
    De voorzitter: Nog andere reacties op mevrouw Neefjes? Nee? Dan gaan wij door naar mijnheer Van Haasen, heeft het woord.
    De heer Van Haasen (PVV): Last best, zullen we maar zeggen. Dus het meeste is al gezegd natuurlijk, een heleboel dingen zijn al gezegd, dus als u dubbelingen in mijn bijdrage tegenkomt, excuses daarvoor. Prijzencircus, dolle dwaze dagen, twee halen, twee betalen, op de markt is uw daalder een daalder waard, rioolheffing afgeprijsd van 284 euro naar 284 euro. Echt, de Zaankanter krijgt een flinke dikke sigaar uit eigen doos. De Zaanse PVV weet niet wat we met deze begroting aan moeten. Moties, amendementen, hier is niets fatsoenlijks van te brouwen. We kunnen er net zo goed gelijk vanavond een klap op geven. We hebben niks, er kan niks en er mag niks. Zelfs ons vastgestelde beleid op het gebied van woningsplitsing en verkamering kan niet gehandhaafd worden. Gewoon iets waar we jaren energie in hebben gestoken, wordt met een pennenstreek geschrapt. Vanmorgen werden we verrast met een voorbarig artikel in het Noordhollands Dagblad, over een speciaal interventieteam voor Poelenburg. Ik zeg maar zo, waar rook is, is vuur. Jarenlang weet iedereen dat deze wijk een bodemloze put is waar eerst miljoenen guldens en nu miljoenen euro’s in zijn verdwenen. Maar van onze inwoners, sorry, veel van onze inwoners ergeren zich al tientallen jaren aan de miljoenen die daar verkwist worden. Quote, Zaanstad is meer dan Poelenburg alleen. De bezem had er al jaren geleden doorheen gemoeten. Fraude, witwassen, asociaal rijgedrag, drugshandel, huiselijk geweld en kindermishandeling, en ga zo maar door. En dat was twintig jaar geleden niet anders. Kopstukken hebben door vastgoedbezit veel invloed in deze wijk, lezen wij. Juist het verkameren van dat vastgoed gaan we maar niet aanpakken. Ambtenaren hebben hier duizenden uren in zitten en een prima plan uitgewerkt, inclusief fte’s om deze nieuwe verordening tot een succes te maken. Zonde. Wij hebben in Poelenburg samen met echt fantastische mensen van handhaving de nood bekeken. Tijdens gesprekken met desperate mensen uit alle hoeken kregen we te horen, help mij, help ons. Deze mensen hadden misschien ook graag een plekje gehad op een hotelboot in de Achtersluispolder, maar Zaanstad lost liever de gevolgen op van een falend landelijk asielbeleid dan die van onszelf, van Poelenburg en dus die van heel Zaanstad. Dit college maakt foute keuzes. Ze geven tonnen subsidies aan ROSA-clubjes zoals Theatermijn omdat deze zo nodig op zichzelf moet wonen en we worden aandeelhouder in een onduidelijk project T2T, een soort Russische roulette met 400.000 euro waar geen enkele andere investeerder of bank zijn vingers aan wilde branden. De wethouder houdt dus wel van een gokje. Eerder verzorgde zij ook al kredietfaciliteiten voor WeSpark voor 300.000 euro. We besparen op de energie. Er is geen vast cijfer te geven van de kosten die we besparen door dit contract. Deze zijn namelijk afhankelijk van de prijsschommelingen op de beurs. De prijsstijgingen op de beurs. Ik zal u voorrekenen wat de huidige prijsstijging van de gasprijs met een huishouden kan doen. Toen onze duurzame wethouder de overstap maakte naar WeSpark betaalde ik, een doorsnee Zaankanter, 170 euro per maand voor mijn energie. Toen ik samen met de wethouder de overstap had kunnen maken, had ik 70 euro meer moeten betalen voor deze verduurzaming. Dat is een keuze. Maar toen ik gisteren besloot om het toch maar niet te doen na een extra prijscheck, was de energieprijs voor mijn woning gestegen naar 492 euro per maand. De besparingsworst die ons voorgehouden is, zorgt voor een verdubbeling van onze energielasten. Jippiejajee, wethouder, gegokt en verloren. Behaalde resultaten uit het verleden zijn geen garantie voor de toekomst, en toch durft dit college een begroting af te leveren met een titel, ‘Een solide basis voor onze Zaanse toekomst’. 16 maart zijn er gemeenteraadsverkiezingen. Wij gaan er maar van uit dat deze begroting 2022 schrap 2025 er eentje is die maar voor 75 dagen geldig zal blijven te zijn. Dank u, voorzitter.
    De voorzitter: Wie wil daarop reageren? Mijnheer Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Nou, voorzitter, ik heb wel een vraag aan mijnheer Van Haasen, want ik hoor de berekening van de maandlasten, die horen we trouwens ook bij andere energieleveranciers. Maar als ik u goed beluister heeft dat, gaat die gasprijs van wat wij gaan inkopen aan gas via WeSpark voor de diensten die, tenminste wat wij afnemen als gemeente, dat zal dan ook een exorbitant bedrag worden. Of is dat iets wat de wethouder maar even moet beantwoorden?
    De heer Van Haasen (PVV): Nou, kijk, het is, voor een particulier is het een verdubbeling van zijn maandlasten als die dus een variabel contract heeft afgesloten met WeSpark. De gemeente heeft ook een variabel contract met WeSpark, dus onze maandlasten zijn ook exorbitant gestegen. Vandaar dat ik dit ook een gok noemde, een soort Russische roulette. Maar de verdubbeling is niet helemaal reëel want voor bedrijven is de verdubbeling niet helemaal in sprake. Maar ik neem aan dat wij een speciale prijs hebben gekregen, of dat hoop ik dus althans maar.
    De voorzitter: Mijnheer Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, nou staat mij bij, voorzitter, dat we dit deden, kregen we een bericht van de wethouder over WeSpark van, we gaan een bezuiniging realiseren op onze gasinkoop, wethouder. Maar ik zie de wethouder vlak achter de heer Pietersma zitten maar u moet me maar even corrigeren als ik het verkeerd heb. Volgens mij zou er een besparing gehaald worden van een dikke 100.000 euro. Dus ik ben nu eigenlijk wel benieuwd, is het een besparing of een verliespost geworden?
    De voorzitter: Dit zijn de Algemene Beschouwingen en zo direct zal wethouder Krieger daar nog op reageren. En volgende week gaan we dus nog wat dieper in op bepaalde thema’s en daar kan dit allemaal aan de orde komen. Dus de wethouders gaan verder nu vandaag niet reageren, behalve ‘…’
    De heer Van der Laan (POV): Maar ik wil ze ook schriftelijk stellen hoor, vind ik geen probleem.
    De voorzitter: Mijnheer Van Haasen.
    De heer Van Haasen (PVV): Ik wil nog wel even een verduidelijking geven aan de heer Van der Laan. Een jaar geleden was de gasprijs die particulieren betaalden via WeSpark in de gemeente 73 cent per kubieke meter, en die nu opgelopen naar 1,99 euro. Dus nou, tel uit uw winst zou ik zeggen.
    De voorzitter: Goed, nog andere reacties op de bijdrage van de heer Van Haasen? Mijnheer Eid.
    De heer Eid (DENK): Ja, dank u wel, voorzitter. Mijnheer Van Haasen, ja, normaal gesproken kan ik heel erg lachen eerlijk gezegd om zijn grappen en opmerkingen, dit keer niet zo. Hij geeft aan dat er in Poelenburg drugshandel, asociaal rijgedrag, kindermishandeling is en nog een aantal zaken. Los van of dit alleen beperkt is tot deze wijk of niet, waar komt dit volgens mijnheer Van Haasen vandaan? En op welke manier kan dat opgelost worden?
    De voorzitter: Mijnheer Van Haasen.
    De heer Van Haasen (PVV): Nou, dit komt uit het Noordhollands Dagblad. De journalist die dat heeft geschreven zit daar achter je, dus daar staat dat, daar stond dat in vanochtend. Dus ik ben daar niet bij hè, ik mishandel daar geen kinderen en ik weet ook niet wie dat wel doet. Dus ik ben daar niet bij, maar ik neem aan dat de bronnen van het Noordhollands Dagblad redelijk zijn. En een paar uur daarna kwam er een brief van de burgemeester die dit artikel voorbarig vindt, maar ja, zoals ik zei, waar rook is, is vuur. Dank.
    De voorzitter: Mijnheer Eid.
    De heer Eid (DENK): Dank u wel. Ik zal mijn vraag verduidelijken. Kijk, u geeft aan dat dit alleen plaatsvindt in die specifieke wijk. Hoe komt het dat dit alleen in die specifieke wijk gebeurt door, volgens u? Zijn er specifieke kenmerken?
    De voorzitter: Mijnheer Van Haasen.
    De heer Van Haasen (PVV): Nou, ik weet niet of er specifieke kenmerken zijn, ik ben daar zelf opgegroeid en ja ik ben, ik was er gelukkig op tijd weg. Maar, want als je ziet wat er nu van die wijk geworden is, het is er niet echt op vooruit gegaan. Ik denk dat de bouw van een moskee daarmee te maken heeft, de aantrekkingskracht op allochtonen op die wijk. Wij zijn, wij hebben daar met handhaving rondgelopen, we hebben bij mensen aangebeld. Er wonen mensen die woonden op twaalf vierkante meter en die moesten over elkaar heenstappen als de ene avond-/nachtdienst had gehad. Daar is een leefklimaat geschapen wat gewoon niet gezond en niet normaal is. Ja. En daarom refereer ik daar ook aan. Ik had liever die mensen geholpen, ja, dan die mensen die nu toegang krijgen op die boot in de Achtersluispolder. Want dat is hartverscheurend als je ziet wat daar in Poelenburg door het uitbuiten van woningeigenaren gebeurt. En als dan dit college gewoon een streep door die hele handhavingstraject heen zet, waar wij dus echt jaren op hebben, vragen over hebben gesteld, moties over hebben ingediend. Ambtenaren die hebben daar ook duizenden uren aan gewerkt, en dan wordt het gewoon met één pennenstreek weggehaald om dit probleem in die wijk te tackelen, vind ik eigenlijk ronduit beschamend, echt. Dank je.
    De voorzitter: Van der Laan.
    De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, vandaag las ik ergens een quote van de heer De Vries over het collectieve geheugen van deze gemeenteraad. Hij is bang dat dat verdwijnt, nou, ik ook. Maar ik kan me herinneren, en misschien is dat wel interessant voor de burgemeester om daar eens naar te kijken, dat er in 2015/16, ik kijk even naar mevrouw Rot, misschien weet die dat nog, dat we beneden zijn bijgepraat door een andere burgemeester over ditzelfde probleem wat vanmorgen in het NHD stond. Ik weet niet meer welk jaartal het was, was dat ’14, ’15, zoiets? ’16? ’16 was dat rapport er ook en dus ik heb begrepen en voor iedereen misschien, de heer Eid die ook niet weet dat het rapport eraan komt, misschien leuk om de nieuwe en de oude versie even te sturen, dat we kunnen kijken wat er in al die jaren dan daadwerkelijk veranderd is. Want ook ik zei al in mijn bijdrage, er gaat weer zoveel geld naartoe en er verandert niet daadwerkelijk iets in die structuur. Dus de negatieve structuur hè, ondanks de positiviteit die er is. Dus volgens mij is dat een heel goed idee, zou deze gemeenteraad daar wat van kunnen leren. Dus mijn verzoek is aan de burgemeester om dat rapport wat mevrouw Faber toen in geheimhouding wilde bespreken, dat openbaar aan ons door te zetten? Ja, het is vast, ligt vast ergens in een la, weet ik zeker, dat we een vergelijking kunnen maken.
    De voorzitter: Mevrouw Onclin.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, voorzitter, dank u wel. Want de vraag van de heer Eid richting de heer Van Haasen impliceert eigenlijk dat hij denkt dat het een verzinsel van de PVV zou zijn. Maar dat zou ik dan graag willen checken, en daarmee eigenlijk de tegenovergestelde vraag dan die de heer Eid aan de heer Van Haasen stelde, maar is DENK van mening dat de zaken die werden genoemd niet plaatsvinden in Poelenburg Peldersveld?
    De voorzitter: Mijnheer Eid.
    De heer Eid (DENK): Ja, dank je wel voor de vraag. Ik wou eigenlijk meer een verduidelijking over de visie van de heer Haasen waar deze problematiek door ontstaan is. Wij zijn van mening dat het vooral te maken heeft met sociaaleconomische factoren.
    De voorzitter: Mijnheer Van Haasen.
    De heer Van Haasen (PVV): Wij zijn van mening dat het door immigratie komt, dank u.
    De voorzitter: Goed. Nog een reactie van mevrouw Onclin.
    Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, voorzitter, want ik denk dat we dan toch wel een enig, een kleine doorbraak hebben nog zo aan het einde van deze avond want ik denk dat beide heren misschien wel eens gelijk konden hebben. Maar ik denk wel dat het de eerste keer in deze zaal is dat DENK toegeeft dat er problemen zijn in Poelenburg en Peldersveld, waar ze voorheen regelmatig werden ontkend of we vooral de positieve dingen moesten inzien. Dus ik vind het toch fijn dat we dan nog goed eindigen met elkaar.
    De voorzitter: Zijn we het erover eens dat we dan eindigen met elkaar, of zijn er nog andere reacties? Ik wil niemand tekortdoen. De heer Wit kijk ik nog even aan, de heer Tuijn, want die heb ik een paar keer overgeslagen. De heer Kerkhoven. Nee, niemand? Kunnen we daarmee dan de mooie Algemene Beschouwingen van u afronden. Dan komt er natuurlijk nog wel een reactie van de wethouder van Financiën, en dat is mijnheer Krieger, die heeft het woord.
    De heer Krieger (wethouder): Ja, voorzitter, dank u wel. Ik zou om te beginnen namens het college alle fracties willen bedanken voor de Algemene Beschouwingen. Ik denk dat het een hele mooie inhoudelijke bijdrage kan leveren voor de aftrap van, wat vanavond ook al gememoreerd is, de laatste begroting in deze bestuursperiode. Maar voorzitter, een rode draad die ik vanavond toch voel is de lichte teleurstelling die zowel u als raad als wij als college voelen over de context waarbinnen we moeten werken. Zaanstad barst van de kansen, ambities, de dynamiek is gigantisch, dat maakt het trouwens ook heel erg leuk om hier te hebben mogen werken de afgelopen jaren, maar de middelen die we daarvoor eigenlijk zouden nodig hebben, die blijven ver achter. Het is vanavond ook wel even gezegd, we willen graag een solide begroting, we willen Zaankanters niet plagen met hoge belastingen. Een sluitende meerjarenbegroting, maar je ziet ook dat we niet in staat zijn om een groot aantal belangrijke en heel relevante zaken geregeld te krijgen. Verkamering is genoemd, handhaving. Enfin, de hele lijst uit de Voorjaarsnota, en zoals het er nu naar uitziet kunnen we dat in deze begroting gewoon niet oplossen. Nou weten we ook dat de afgelopen jaren veel geld van het Rijk en uit de algemene middelen naar jeugdzorg is gegaan. En dat zijn zonder meer zeer noodzakelijke uitgaven, maar tegelijk is het ook een enorme gijzeling van onze begroting geweest en eigenlijk nog steeds. En zie dan die puzzel maar eens te leggen. En hadden we even hoop dat de herijking van het gemeentefonds ons ruimte zou geven, nou, daar hebben we u ook inmiddels in meegenomen, dat zal onze eerste miljoenen gaan opleveren. Er is heel actief gelobbyd door gemeenten die nadeelgemeenten waren, wij zijn daardoor zou je bijna kunnen zeggen inmiddels ook nadeelgemeente geworden. En we zullen nog heel stevig in de lobby moeten gaan om dat beeld weer om te krijgen. En de septembercirculaire is vanavond ook al even langs geweest. Ja, dat laat inderdaad een licht positief beeld zien. En ik wil niet alle hoop de kop indrukken, maar dat is vooral veroorzaakt door prijscompensatie vanuit het Rijk. En wij zullen onze eigen prijsstijgingen nog wel in de begroting en in de komende Voorjaarsnota moeten gaan verwerken. Als je dan bijvoorbeeld al even kijkt naar hoe energiekosten zich ontwikkelen, maar ook heel veel andere kosten van bijvoorbeeld materialen, dan moeten we überhaupt nog kijken of daar iets van overblijft. Waar we misschien wel hoop op mogen vestigen, dat zijn de ontwikkelingen in het ruimtelijke domein. Er is heel veel rijksgeld binnengehaald vanuit Woningbouwimpuls voor infrastructuur, en het wordt nu zaak om dat goed te organiseren en snel uit te kunnen geven. En dan denk ik ook dat we veel optimistischer kunnen kijken naar de woningbouwaantallen zoals ze vanavond langsgekomen zijn. Laatste begroting dus, na de vaststelling gaan we alweer op weg naar de Voorjaarsnota 2023, en daar zullen ongetwijfeld de onderhandelingen voor een nieuwe coalitie een grote rol gaan spelen. Wij kijken als college heel erg uit naar het gesprek met u de komende weken. Volgende week twee keer Zaanstad Beraad. En ik zou u graag nog even mee willen geven dat ons college en onze organisatie allemaal in de startblokken staan om u daarbij zo goed mogelijk van dienst te zijn. Mevrouw Rot, wat mij betreft vanuit een gezamenlijke agenda. U bent gemandateerd door de kiezer om de baas te mogen zijn in deze prachtige stad. Wij staan u, zijn u daarbij zo veel mogelijk van dienst. Dat geldt ook voor onze eigen organisatie. En toen het dualisme geïntroduceerd werd heb ik van de eerste griffier van Purmerend twee dingen geleerd. We moeten dualiseren maar niet duelleren en de stad besturen we samen, college en raad, en laten we ons daar zo goed mogelijk aan vasthouden. Dus ik wil u heel veel plezier en succes wensen de komende weken. Laten we daarbij tot verantwoorde keuzes komen voor de nieuwe begroting. Dank u wel.
    De voorzitter: Dank u wel.

  8. 6

    De voorzitter: Daarmee is deze vergadering beëindigd en zien we elkaar volgende week weer. Goed weekend alvast.